Een cadeau voor het publiek

Morten Olsen wil de toeschouwers in de voetbalstadions iets moois aanbieden, als trainer van Ajax. In zijn manifest keert de Deen (48) zich vol overgave tegen de vervolging van creativiteit....

IN een wereld die almaar grijzer wordt en waarin op artisticiteit steeds minder prijs wordt gesteld, elftallen elkaar tot in het oneindige kopiëren en, 'spijtig genoeg', een club als Borussia Dortmund de Champions League wint, in die wereld zoekt Morten Olsen naar schoonheid.

Want dat moet hij nu eenmaal doen en trouwens, hij zou niet anders willen, en kunnen.

Zeer overtuigend is zijn manifest tegen de grootschalige vervolging van creativiteit. Wat staat hem anders te doen dan zélf schoonheid te creëren?

- U bent een idealist.

Morten Olsen: 'Zonder dat het tot naïviteit leidt. Er moeten mensen zijn die het op een ándere manier doen, die anders durven te denken dan de meesten. Ik ben zo'n mens. Het gevaar bestaat dat ik daardoor word geïsoleerd, in een wereld waarin het resultaat heilig is, inderdaad.

'Overdrijf het niet. Voor pure idealisten is in het voetbal geen plaats. Wie nooit wint, heeft altijd ongelijk. Ik ben geen romanticus. Voetbalclubs zijn bedrijven. Maar ik kan ook genieten van een ploeg die verliest.

'De druk van de commercie en de media is zó groot geworden dat verliezen niet meer wordt toegestaan. Dat is de tragiek van het voetbal. Maar het zou nog veel tragischer zijn als niemand meer andere denkbeelden zou hebben. Als niemand meer zou denken zoals ik. Dan is het te laat.

'Ik heb niet de behoefte iedereen tevreden te stellen. Ik ben wie ik ben en ik denk wat ik denk. Ik heb een hekel aan goedkope imitaties. Een masker draag ik niet en ik speel geen theater. Het is eenvoudig: aanvaard me, of aanvaard me niet.'

Morten Olsen is trainer van Ajax, sinds juli van dit jaar. Hij is Deen, een van de velen die zich op de grote golf in de jaren zeventig en tachtig liet meevoeren naar Europese profclubs. Olsen werd gecontracteerd door Cercle Brugge waar hij verbazing wekte door de professionele en fanatieke wijze waarop hij zich als jonge speler liet gelden.

Bijna twee decennia was Olsen profvoetballer, van Cercle Brugge, RWD Molenbeek, Anderlecht en FC Köln, en hij speelde mee in 102 wedstrijden van de nationale ploeg. Al die jaren was hij een toonbeeld van elegantie en sportiviteit, met een groot gezag en natuurlijk leiderschap.

'Ik was 21 jaar toen ik naar België vertrok en net zoals alle andere Deense spelers een jongen die van zijn hobby zijn beroep wilde maken. Cercle paste bij me, en Brugge ook, wel een stad, maar klein en overzichtelijk.

'Ik was heel serieus. Anderen hadden meer talent, maar ik werkte er harder voor. Later heb ik wel eens een van de jongens uit die tijd teruggezien. Veertig was hij inmiddels en hij zat huilend tegenover me omdat hij niet had kunnen opbrengen wat ik wel kon. Zijn loopbaan was mislukt.

'De Denen die in de jaren tachtig over Europa uitwaaierden, waren allemaal verschrikkelijk ambitieus. We deden het niet voor het geld. Pas in 1985 werd in Denemarken gestart met betaald voetbal, wij moesten wel vertrekken om onze ambities te verwezenlijken.

'Veel jonge Denen die bij Anderlecht of Ajax terechtkwamen, woonden bij pleegouders. Het was een veel zwaarder leven dan dat van de andere jongens. We misten onze vrienden en familie. Maar wie wilde slagen, wie dat echt wilde en het talent had, hield het vol.

'Een jongen die al bij Ajax speelt, woont in Amsterdam, heeft vrienden, die gaat uit en heeft een lekker leven. En misschien is hij daardoor wel niet zo doelgericht als wij waren. Hij hééft al een goed leven, wij moesten daar nog voor vechten. Wij moesten ons bewijzen, tegenover onszelf en tegenover onze vrienden. We moesten slagen. En daardoor slaagden we.

'Ik heb mijn loopbaan rustig opgebouwd en bereikte pas de top toen ik al oud was. Maar ik heb altijd genoten, ook bij de kleine clubs. Bij Cercle Brugge had ik net zo veel plezier als bij Anderlecht. Later stond ik met bekers in mijn handen, maar in het begin was het net zo leuk. Dat maakte voor mij geen verschil.

'De top, daar wilde ik heen, en daar leefde ik voor. Toen ik stopte was ik bijna veertig en kon ik tegen me zelf zeggen dat ik er alles aan had gedaan. En dat ik als voetballer een prachtige tijd had gehad.'

De voetballer werd trainer maar sloot, weloverwogen, alle clubs uit die zijn ideeën niet deelden. Olsen is een regisseur met een vastomlijnde strategie.

Of toch een wolkenridder?

Zowel in Kopenhagen, bij Brndby, als in Keulen, bij FC Köln, trof hem hetzelfde lot, volgens hetzelfde script: de waardering over de speelwijze verloor het op den duur van de afkeer van nederlagen. Vooral door FC Köln voelt hij zich gekrenkt. 'De wijze waarop ik ben behandeld, doet me nog steeds pijn.'

- U bent rancuneus?

'Iedereen die ambitieus is, is rancuneus. Misschien heb ik FC Köln te lang nagedragen, omdat ik er zelf heb gevoetbald en er een fantastische tijd heb gehad. Ik heb er mijn eigen ideeën gestalte kunnen geven. Daarom werd ik later ook trainer van de club.

'Op mijn manier probeerde ik FC Köln te veranderen, als speler al. Ik was 37 jaar en ging naar Duitsland, nog steeds vol ambitie. Ik kende het karakter van het Duitse voetbal natuurlijk, maar in Keulen speelden Klaus Allofs en Pierre Littbarski, technische, creatieve voetballers. Dat sprak mij aan. In het eerste jaar brak Thomas Hässler door. We speelden on-Duits.

'Ik had geluk dat Christoph Daum trainer werd. Daum was jong en onervaren, hij wilde leren en praatte veel met mij, zoals ik nu veel praat met de geroutineerde spelers van Ajax. Daum en ik hebben het spel totaal veranderd. FC Köln ging in de zone verdedigen en met pressing spelen, en viel ook in uitwedstrijden aan.

'We hadden plezier en werden twee maal tweede. Nee, geen kampioen, maar we speelden mooi voetbal. Maar dan wordt er plotseling een titel geëist en wordt alles anders. In Duitsland is er geen tijd om iets op te bouwen.

'Als trainer kreeg ik ook de tijd niet. De druk van buiten is onhoudbaar, zeggen bestuursleden in Duitsland altijd. Er moet worden gepresteerd, nú. Ik denk daar anders over.'

- Maar intussen wint Borussia Dortmund de Champions League, Schalke 04 de UEFA Cup en wordt de nationale ploeg Europees kampioen. En de stadions zitten vol.

'Het Duitse voetbal is saai, maar dat is een subjectieve vaststelling. De mensen in Duitsland vinden het prachtig. Ik zeg alleen: het is niet mijn kop thee. Het is meer lopen dan spelen, voetbal voor mensen die wedstrijden in storm en wind willen zien, met spelers die tot hun enkels in de modder wegzakken.

'Ik zie liever voetbal op een mooi glad veld, met de bal die rolt. Voetbal is ook een contactsport, er moet een balans zijn, er moet ook gelopen worden, ja ja. Maar genieten doe ik alleen van mooi voetbal, van het voetbal wat wij dinsdag tegen Udinese in de eerste helft speelden.

'In Duitsland gaat het alleen om Erfolg, succes. En zo zal het altijd blijven. Het is een spiegelbeeld van de maatschappij. In Nederland en Denemarken wordt meer prijs gesteld op creativiteit. Ik vind het prachtig om te winnen, maar alleen op een bepaalde manier.

0D ORTMUND won vorig seizoen de Champions League. Maar dat weet ik alleen omdat het toevallig zo kort geleden gebeurde. Over twee jaar ben ik het vergeten. Winnen is mooi, Dortmund versloeg goede ploegen, maar de manier waarop ze wonnen, dat kunnen vijftien andere elftallen ook.

'Slim voetbal wordt het genoemd, maar dat is het niet. Het is makkelijk voetbal. En dat is de reden dat clubs als AC Milan, Barcelona en Ajax, of Brazilië, soms jarenlang niets winnen. Ajax is óók een grote club in de wereld door de manier waarop wordt gespeeld. Het is de moeilijkste manier.

'En áls Ajax of Barcelona of AC Milan een toernooi wint, dan staan de mensen op hun stoelen en herinneren ze het zich jaren later nog.

'In de jaren tachtig had Denemarken een prachtige nationale ploeg, maar we wonnen niet één beker. Toch is het een legendarische ploeg geworden. In 1992 werd Denemarken Europees kampioen. Natuurlijk stonden er 200 duizend Denen op straat en waren we allemaal blij, maar iedereen is het elftal nu al lang weer vergeten.

'Ik had indertijd veel kritiek op het spel van Denemarken. Ik gruwde van de manier waarop werd gewonnen, zó verdedigend.

'In 1982 werd Italië wereldkampioen. Maar als ik mijn ogen sluit, zie ik niet Italië, maar Brazilië, en vooral het middenveld. De mensen herinneren zich ook, en misschien wel vooral, de ploegen die niet wonnen. Brazilië in 1982, Denemarken in 1986, Portugal in 1996.

'Als ik op tv naar wedstrijden kijk bij een WK of EK, kijk ik met een schuin oog. Intussen lees ik de krant. Het boeit me niet, er is niets leuks te zien.

'In Frankrijk zal dat volgend jaar niet anders zijn. Nóg meer ploegen die in de verdediging spelers opstapelen, ik zie het somber in. De verschillen zijn steeds kleiner geworden. Bijna ieder land denkt het toernooi te kunnen winnen, op een verdedigende, strategische manier.

'Toen ik trainer was van Brndby werd enthousiast over een aantal jeugdspelers gesproken. Maar ik zei meteen dat ik ze nooit zou kunnen gebruiken in het eerste elftal. Ze verdedigden uitstekend, maar eenmaal over de middenlijn waren ze tot niets meer in staat. Zulke grijze voetballers wil ik niet zien. Ik wil werken met intuïtieve, creatieve voetballers.'

- En u kunt uw denkbeelden niet veranderen.

'Nee. Ik wil het ook niet. En daarom was Ajax in mij geïnteresseerd, en ik in Ajax, in de Nederlandse voetbalcultuur.'

- Wat wilt u bewijzen?

'Ik wil bewijzen dat mijn voetbalvisie de juiste is. Dat er nog hoop is voor het voetbal. Ik zie het voetbal de verkeerde kant opgaan. Het resultaat wordt overal om mij heen heilig verklaard. Maar ik wil de toeschouwers iets moois aanbieden.

'Hier accepteert het publiek het niet als je met 5-0 wint, maar alleen scoort met counters. Dat spreekt mij zeer aan.'

- De spelers hebben meer vrijheid in het veld en wisselen vaker van positie. Ajax ziet er plotseling anders uit.

'Zó zie ik voetbal. De ploeg was er ook klaar voor. Het is voetbal met een ingecalculeerd risico. Dat is het Ajax-spel altijd geweest, maar nu is het weer anders. Het is een vereiste dat de spelers intelligent zijn en meedenken.

'De vrijheid is goed voor de ploeg, goed voor de individuele speler en bovendien moeilijk te verdedigen. We zijn snel naar elkaar toegegroeid, onwaarschijnlijk snel zelfs. Niet alleen op voetbalgebied, maar ook sociaal.

'Het belangrijkste was dat de spelers die bleven, de nieuwe jongens met open armen ontvingen. Dat doe je alleen als je ziet dat de nieuwe spelers iets aan het spel kunnen toevoegen. En dat kunnen ze.

'Hier is, ook door Van Gaal, altijd gezegd dat de ploeg het belangrijkst is. Spelers van Ajax hebben een grote verantwoordelijkheid voor de ploeg. Als er één staat te slapen, gaat het al mis. Daarom zijn egotrippers hier niet welkom.

0N A het Bosman-arrest is een nieuwe periode aangebroken. Ajax is ook veranderd. Maar of nu met Amsterdammers wordt gespeeld of met Nigerianen, het blijft Ajax, een Nederlandse club, in de Nederlandse voetbalcultuur. De spelers moeten Nederlands leren spreken, maar wat nog belangrijker is, ze moeten met hun hart spelen, geen bureaucratisch voetbal.

'Spelers komen hier voor hun plezier, ze kunnen doen wat ze willen. Ze mogen zelf weten wat ze eten en met wie ze omgaan en wat ze in hun vrije tijd doen, maar ze moeten zich aanpassen aan de cultuur van deze club. Ik ben alleen maar geïnteresseerd in voetballers die ook als mens bij Ajax passen.'

- Voetbal, voetbal, voetbal. Is er nog iets anders?

'Er is niets anders. Daarvoor ontbreekt de tijd. De commercie, de media, de druk, de vólgende wedstrijd, dat beheerst je gedachten. Trainers die het twintig jaar of langer aan de top volhouden, zoals Happel en Goethals vroeger, die bestaan niet meer. Dat is tegenwoordig onmogelijk.

'Het leven is zo intens, je voelt je voortdurend opgejaagd. Ik heb soms momenten dat ik mezelf afvraag waar ik mee bezig ben. En waarom. Het normale leven gaat totaal aan me voorbij.

'Als speler overkwam me dat nooit. Als trainer blijft voetbal in je kop zitten, de hele dag. En 's avonds neem je het mee naar huis. Ik kan het moeilijk van me afzetten. Ik probeer het te leren, het moet ook thuis leuk blijven, maar het is moeilijk.

'Haar leven is soms eenzaam. Ze moet dat willen en kunnen accepteren. Als je jong bent, is het leuk om te verhuizen naar een ander land en een andere taal te leren. Maar als je ouder wordt, betreur je het dat je nergens houvast hebt. 'Waar hoor ik eigenlijk thuis? Ben ik Deen of Nederlander? Belg? Wat ben ik allemaal? Sommige trainers kiezen er voor om in één land te werken. Ik niet. Ook daardoor komt er een moment dat ik zal zeggen: het is genoeg, hier blijf ik, dit is mijn plek.

'Ik ben een gesplitst persoon. Ik voel me in Nederland meer Deen dan als ik in Denemarken ben. Hier ben ik altijd wat sentimenteler over dat kleine landje daarboven. Dan zie ik alleen de positieve kanten van Denemarken, het mooie groene land met die kleine huizen met die daken van stro en de zon die schijnt.

'Maar als ik in Denemarken ben, dan is het er weer gewoon mistig en kil.'

Meer over