Dynamisch duo maakt zich waar

Zes jaar geleden bij het WK-vrouwen in Albuquerque had het partnership van Martine Verbeek en Wietske van Zwol veel weg van een vaatje buskruit....

In 1997 plaatste het Nederlandse vrouwenteam zich voor het WK in Hammamet. Voor een loodzwaar viertallentoernooi met twaalf uur bridge per dag zijn drie paren absoluut geen luxe. In een roulatiesysteem spelen twee paren, het vrije paar rust.

De afkoelingsperiode tussen Verbeek en Van Zwol duurde drie jaar. Ouder, wijzer, rijper? De combinatie startte opnieuw. De begeleidende staf oordeelde positief en koos het paar voor het WK. Nederland sneuvelde in de kwartfinale tegen Frankrijk.

Verbeek/Van Zwol maakten een uitstekende doorstart. In technisch opzicht boekten zij in de daarop volgende twee jaar grote vooruitgang. De mentale training en begeleiding door een sportpsycholoog wierp vruchten af.

Woensdagavond 20 januari 2000 namen Verbeek/Van Zwol op Bermuda samen plaats voor de vierde zitting van de finale van het WK tegen de Verenigde Staten. De argeloze bezoeker van een wedstrijd op topniveau kijkt een beetje vreemd aan tegen het begrip 'samen'-spelen. Een scherm staat diagonaal over tafel zodat de twee partners elkaar niet kunnen zien. Je ziet alleen één tegenstander. De communicatie gaat middels biedkaartjes, non-verbaal.

Nederland had in de derde zitting van de finale formidabel uitgehaald (49-14), speelde een ijzersterke partij en vlaste op de genadeklap. Gedurende de vierde zitting viel het op dat de wedstrijdleider regelmatig voor het trage speeltempo waarschuwde. Voor een set van zestien spellen is twee uur en twintig minuten beschikbaar. Deze toegestane tijd werd met vijf minuten overschreden, een reglementaire straf van vijf internationale match points dreigde.

Martine Verbeek, een vlotte speelster, reageerde furieus en geïrriteerd, was het volstrekt oneens met welke straf dan ook: 'Die Amerikaanse vrouwen spelen zo traag als dikke stroop, denken over alles na. Ze gaan tussendoor ook nog uitgebreid naar de wc. Wietske en ik zijn altijd op tijd klaar.'

Het Amerikanse paar trof inderdaad meer blaam. De straf van vijf imps werd in de verhouding drie tegen een verdeeld. De Verenigde Staten 3.75 imps eraf, Nederland 1.25 minder; de zitting van 14-34 naar 12.75-30.25. Het effect van deze maatregel drong na het 128-ste en laatste spel van de finale pas goed tot iedereen door: Nederland 249.75 - Verenigde Staten 249.25. Martine Verbeek, de in Amsterdam geboren Rotterdamse, en Wietske van Zwol, Friezin (Joure), waren met Vriend/Van der Pas en Pasman/Simons wereldkampioen.

Wietske van Zwol luisterde in diagram 1 nauwkeurig naar het bieden en vond de dodelijke uitkomst.

Zie diagram 1

westnoordoostzuid ------1 pas2SApas3 dbl4SApas5 pas5paspas pas------

Na 2SA, mancheforcing met schoppensteun, toonde zuid met 3 kortheid (één of nul kaarten) in die kleur. Dit was voor noord aanleiding tot Blackwood. Twee azen buitenboord, afgezwaaid in 5.

West, Van Zwol, maakte uit de slempoging van noord op dat er aan topslagen, behalve de twee azen waar zij tegenaan keek, niets was te halen. De wetenschap van een singleton ruiten in zuid maakte duidelijk alleen A een verdedigende slag in die kleur was. De hartenkleur bood de enige kans op een extra slag. Een kleine harten, om de leider met een eventuele H in de dummy op de proef te stellen? Of A als kijk-aas, om daarna het verdere tegenspel te bepalen? Van Zwol besloot tot dit laatste en A gevolgd door een kleine harten deed het werk perfect voor Nederland. Oost troefde, stak over naar A en kreeg een tweede intreover voor twee down.

Op de andere tafel boden Pasman/Simons beheerst. westnoordoostzuid ------1 pas2pas2 pas2SApas3 pas3pas4 paspaspas--

Noord deed, met 3 via het mancheforcing 2SA, ook een slempoging. Zuid ontkende met 4 een rode aas en noord wist dat 4 hoog genoeg was.

Ook 4 kon met twee hartenintroevers down, maar west moest dan tegen de hartenkleur van zuid uitkomen, geen aantrekkelijke optie. Na A zag en vond west wel de hartenintroever, maar de leider had tien slagen.

Martine Verbeek vormde in diagram 2 een goed beeld van mogelijke westhanden.

Zie diagram 2

westnoordoostzuid

1pas2pas

3pas3pas

3SApas4dbl redblpas4SApas

5pas6SApas paspas----

Het 2-antwoord was sterk, 3 een minimale opening (12-14 punten). Oost, Verbeek, wilde meer informatie. Het 3-bod werkte uitstekend. Met 3SA gaf west, Van Zwol, een stop aan in harten en klaveren. Het klonk oost als muziek in de oren. Zij ging verder met 4, waar zuid te hulp kwam met een uitkomst-aangevend doublet. Het redoublet van west toonde A.

Oost telde: zes ruitenslagen, A en H, twee of drie hartenslagen en met V of A in west nog twee slagen. Vrijwel elke combinatie van honneurs in west bood grote kansen voor twaalf slagen. Er konden twee azen ontbreken, Blackwood was noodzakelijk. Toen oost drie azen hoorde (5) was slem een zekerheid. Dertien slagen na de geslaagde snit op H. Op de andere tafel kwam de VS niet verder dan 3SA.

Winnend toernooibridge betekent niet alleen zuiver en technisch correct spel. Soms is het nodig om het mes op de keel van de tegenpartij te zetten. Verbeek/Van Zwol lieten in diagram 3 zien ook met dat bijltje te kunnen hakken.

Zie diagram 3

westnoordoostzuid -- ----1 dbl3paspas pas------

De VS bleef passief in de ruitendeelscore. westnoordoostzuid ------1

12pas2SA

33SA4pas pasdblpaspas pas------

Verbeek/Van Zwol drukten wel door naar de manche. Het nadeel was dat 3SA vanwege het slechte ruitenzitsel gedoemd is tot downgaan, het voordeel dat de tegenpartij noord-zuid geloofde en tot een redbod besloot. Zuid, Van Zwol, legde tegen 4 de beste uitkomst op tafel, een troef, waarmee zij de leider beperkte tot acht slagen: plus 300 en vijf welverdiende imps voor Nederland.

Meer over