De worsteling met het grote geld

Waar Sandow en Body Fit/Hercules met financieel geweld streden om het kampioenschap van de worstelcompetitie, richt De Halter zich vooral op de inbreng van eigen jeugd....

Door Mark Misérus

Terwijl de worstelaars van Sandow met een brede grijns op het gelaat hun zojuist verworven landstitel vieren, gromt Ben Stelte op afstand. 'Dat ze kampioen zijn geworden, is terecht, want ze hebben meer kwaliteit. Maar de manier waarop is schandalig. Dit werkt demotiverend voor het worstelen.'

Wrok of de emotie van het moment zijn niet de voedingsbron van Steltes woede-uitbarsting. Boos is de coach van de Utrechtse worstelvereniging De Halter evenmin, omdat hij de kampioenstitel heeft moeten overdragen. 'Dat wisten we aan het begin van het seizoen al.'

De kern van zijn frustratie zit hem in het beleid van clubs als Sandow uit Arnhem en het Amsterdamse Body Fit/Hercules, die het worstelen volgens Stelte ten grave dragen door voor veel geld buitenlandse spelers aan te trekken.

'Sandow is geen vereniging, maar een bijeengekocht team. Rudy Kousbroek, de coach, betaalt zelf het salaris van zijn worstelaars. En het erge is nog dat de bond dit allemaal toestaat, terwijl ze voor breedtesport heeft gekozen en het grove geld juist moet uitbannen', sneert Stelte.

Volgens Stelte, ook bondscoach, wordt het contingent Nederlandse worstelaars almaar kleiner. Als ze al over de streep zijn getrokken, kunnen ze de verleiding van het grote geld vaak niet weerstaan en verkassen ze naar Sandow of Body Fit/Hercules of beproeven hun geluk in het buitenland.

De aanwas van buitenlanders is een probleem in het worstelen, de olympische sport waar discipline en zelfbeheersing minstens zo belangrijk zijn als kracht en tactiek. Sandow en Body Fit/Hercules kunnen de Russen, Turken en Iraniërs met gemak onderhouden, minder vermogende verenigingen moeten het hoofd boven water zien te houden door de inbreng van eigen jeugd of het omscholen van boksers. Verschraling van de competitie dreigt.

De confrontatie tussen De Halter en Sandow, zaterdagavond, is een botsing tussen twee totaal verschillende formaties. Het is de generatie van 'oude rotten' tegen die van 'jonge, enthousiaste worstelaars', zoals een bondsbestuurder het treffen typeert. Maar meer dan dat is het een contingent buitenlandse krachtmensen tegen een clubje minder gespierde, maar niet minder gemotiveerde Nederlanders.

Soms gaan de partijen gelijk op. Zoals de match in het lichtgewicht, waarin een tengere tiener het moet opnemen tegen een besnorde kaalkop. In de meeste partijen is de balans compleet zoek en worden de Utrechters een voor een van de mat geveegd door hun Arnhemse tegenpolen. Eindstand: 20-53 in het voordeel van Sandow.

Een uitslag die nog valt te overzien als je hem afzet tegen de 80-0 zege die Body Fit/Hercules boekte bij KWIK Kruibeke. Een nieuw bewijs dat de worstelcompetitie wordt gedomineerd door twee vermogende clubs.

Het voedt de ergernis en teleurstelling van Stelte, die meermalen benadrukt dat hij de liefde respecteert die Kousbroek voor zijn sport heeft. 'Het worstelen zit in zijn hart, dat weet ik zeker. En als ik zo veel geld had, dan had ik misschien ook. . . Nee, dan had ik niet hetzelfde gedaan. Ik wil geen oneerlijke strijd voeren.'

De Halter doet het liever op zijn eigen manier en moet gokken op de doorstroming van eigen jeugd, al kost de begeleiding daarvan veel kracht en nog meer tijd. 'Je bent continu bezig om die jongens te motiveren en ervoor te zorgen dat ze op tijd komen. Maar je praat ook over hun problemen, als dat nodig is. Je bent een tweede vader voor hen', zegt jeugdtrainer Jurgen Weber.

Weber, ooit lid van de Nederlandse worstelselectie, wil niet meegaan in de sombere toekomst die Stelte schildert. 'In de jeugd regeert het geld nog niet. Bovendien zie ik het als een voorrecht dat we als vereniging op zoveel jong talent kunnen bogen. Dat geeft aan dat sommige jongens worstelen leuker vinden dan voetballen.'

Volgend jaar viert De Halter zijn 85ste verjaardag. Het feest zal evenwel niet worden opgeluisterd met een kampioenschap, verwacht voorzitter Nol Kooijmans. 'Misschien dat we over drie, vier jaar weer meedoen om de titel. Voorlopig moeten we ons bezighouden met opleiden en zien we wel waar het schip strandt.'

Wellicht dat De Halter zich kan vastklampen aan de eindstand van de jeugdcompetitie, die bewijst dat Utrecht worsteltalent bezit. Olympia versloeg de jeugdploegen van De Halter, KWIK Kruibeke, Hercules Amsterdam en Hercules Dordrecht. 'En als De Halter zijn team intact houdt, kan het over een paar jaar misschien weer domineren', verwacht competitieleider Wim Huyten.

'Als het worstelen hier over een paar jaar nog bestaat', schampert Stelte. 'Als we de breedtesport niet de voorkeur geven boven teams die voor veel geld worstelaars kopen, is deze sport over drie, vier jaar overleden.'

Hij spreekt de woorden zorgvuldig en kalm uit. Alsof hij wil benadrukken dat hij niet over één nacht ijs was gegaan in het formuleren van zijn standpunt. Met een voorbeeld zet hij zijn betoog kracht bij. 'Ik kan als bondscoach nu slechts beschikken over twee geschikte senioren, hoe is dat dan over een paar jaar?'

Meer over