rugby

De rugbyers uit Spanje zijn sneller, feller, sterker en zwaarder, maar het is dan ook de Super Cup

Met de Super Cup biedt de Europese rugbybond opkomende landen een extra toernooi. Het doel is dat door meer te spelen tegen landenteams net onder de top het niveau omhoog gaat. Zaterdag speelt Nederland onder de naam Delta tegen een stel vierkante mannetjesputters uit Spanje.

Rob Gollin
De Spanjaarden (geelgroene shirts) knokken zich zaterdag in het supercupduel naar hun laatste punten tegen de Nederlanders van team Delta in de rode shirts.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
De Spanjaarden (geelgroene shirts) knokken zich zaterdag in het supercupduel naar hun laatste punten tegen de Nederlanders van team Delta in de rode shirts.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Coach Allard Jonkers ziet het al voor de aftrap in de rugbywedstrijd, zaterdagmiddag op het natte en winderige sportpark Bokkeduinen in Amersfoort: zenuwen plagen zijn team. Bleke gezichten in de kleedkamer. Er wordt nauwelijks een woord gewisseld. Tijdens de warming-up laten spelers de bal geregeld uit de handen glippen. Dat twee van hen wegens covid-besmettingen voortijdig moesten afhaken, helpt ook niet. Wat gaat dat worden, straks?

De spanning is verklaarbaar. Kijk naar de tribunes. Die staan er niet als RC Eemland, de vaste bewoner van het complex, thuis speelt. Er zijn vip-tenten opgetrokken langs de lijn, met hapjes en bier. Op een hoge stelling staat een tv-camera. Het is de entourage van de Rugby Europe Super Cup, een initiatief van de Europese bond om het niveau in opkomende rugbylanden op te vijzelen: hoger dan in de nationale ereklasse, dichter in de buurt van interlands.

Een verdieping extra. Wie weet, is het op termijn zelfs een opmaat tot een verkleining van de tot nu toe onoverbrugbaar geachte kloof met de zes beste landen van Europa: Engeland, Schotland, Wales, Ierland, Frankrijk en Italië.

In de Super Cup worden gelegenheidsformaties samengesteld, met talenten uit de competities in eigen land; naast Nederland nemen teams uit België, Spanje, Portugal, Rusland, Georgië en Israël deel. Het gros is onder de 24 jaar, aangevuld met enkele ervaren krachten. Nederland kan zich het predicaat ‘opkomend’ met recht toe-eigenen.

Zowel sportief als in het aantal beoefenaren is er sprake van groei. Nederland bereikte eind mei de Championship, de eerste divisie van het Europese landenrugby, door België te verslaan. Het aantal leden is de 16 duizend voorbij, de groei doet zich voor in alle geledingen: bij de senioren, de vrouwen en de jeugd.

Delta is de naam van de Nederlandse vertegenwoordiging in de Super Cup. De naam moet onverzettelijkheid symboliseren: net als de Deltawerken wordt als het erop aankomt niets doorgelaten. De tegenstander komt uit Spanje, The Castilla y Léon Iberians.

12.47 minuut: 0-12

Er zijn nog geen 13 minuten gespeeld en de dijken lijken al doorgebroken. Twee try’s, één benutte penalty. De Iberians tellen nogal wat mannetjesputters, bij wie het aantal centimeters in lengte wedijvert met dat in breedte. Ze daveren door de linies. De Nederlanders weten: dit wordt een fysiek potje.

Met man en macht proberen de Nederlanders (rode shirts) de Spanjaarden tegen te houden.  Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Met man en macht proberen de Nederlanders (rode shirts) de Spanjaarden tegen te houden.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Pieter Schoonraad, scrum-half bij Ascrum uit Amsterdam, is deze middag de aanvoerder. De Zuid-Afrikaan behoort met zijn 27 jaar tot de oudere garde. Hij stelt vast dat het niet naar wens loopt. Tackles worden niet of te laat ingezet, het overspelen verloopt moeizaam. Het moet onwennigheid zijn geweest, verklaart hij later.

Voor menigeen is dit het eerste optreden in de Super Cup. Delta speelde eerder twee wedstrijden tegen de Brussels Red Devils uit België (thuis 34-13, uit 27-14) en The Lusitanos uit Portugal (thuis 7-50). Toen konden nog internationals worden ingezet, maar die bereiden zich nu voor op de wedstrijd volgende week in de Championship tegen Rusland. Spelers onder de 20 zijn in training voor het EK komende maand.

Jonkers kijkt toe, staande voor de bank met reserves, de armen over elkaar geslagen. De assistent-bondscoach bij Oranje is verantwoordelijk voor de selectie bij Delta. Niet elk team in de ereklasse staat te trappelen om spelers af te staan; hier en daar viel al wat gemor op te tekenen. Deze dag is RC ’t Gooi met vier spelers de grootste leverancier.

De coach is blij met het extra toernooi. Zowel de landelijke competitie als de nationale selectie zal er sterker door worden, verwacht hij. Met zijn keuzes mikt hij op chemie tussen jongere spelers en mentoren. Hij beklemtoont het onderscheid met de interlands. ‘Daar moet je er staan, daar moet je leveren. Bij Delta is ruimte voor groei, daar kijk ik naar de langere termijn.’ Wie hij dan kiest: ‘Spelers die kunnen inspireren, die zich uitgedaagd voelen, die ervan dromen beter te kunnen worden, die bereid zijn er wat voor op te geven, die meer willen dan elk jaar hetzelfde cirkeltje aflopen’.

Staat de mogelijkheid internationals op te stellen niet haaks op de gedachte achter de Super Cup? Jonkers: ‘ Ze spelen een cruciale rol. Zij zijn de benchmark. Jij als jongere moet eroverheen.’

32.10 minuut, 7-19

Delta werkt de nul weg. Het begint met Wytze Molenkamp, de forward, gerekruteerd uit RC Eemland, die ver op de helft van The Iberians een kick blokkeert. Daarna vindt Marc Mistou (RC ‘t Gooi)met een precieze trap naar de rechterhoek van het veld zijn clubgenoot en voluit sprintende Norbécio Mambo. Die drukt de bal over de trylijn.

Molenkamp (21) was er ook bij tegen de Belgen en de Portugezen. ‘Het gaat er veel sneller aan toe, feller ook, zwaarder.’ In de vijftientallen kon hij niet één zwakkere broeder ontdekken. Indruk maakte ook de creativiteit. ‘Vooral bij de Portugezen. Dan zag je weer iemand een kant op rennen die je niet verwachtte. Ze kunnen bijna uit het niets een kluitje spelers vormen. Dan stáán ze er ineens.’

Hoopt hij in beeld te komen voor het nationale elftal, of misschien wel bij een profclub in het buitenland? ‘Ik zie wel wat op mijn pad komt. Ik studeer nog, integrale veiligheidskunde, dat is ook belangrijk. Maar ik vind het al een eer voor Delta te spelen. Je wordt niet voor niets opgesteld.’

Captain Pieter Schoonraad wijst op het onderscheid bij de training. ‘De intensiteit ligt veel hoger. Er wordt heel gericht gewerkt aan het activeren van bepaalde spiergroepen, zonder dat er oververmoeidheid of overbelasting kan optreden. Er zijn coaches beschikbaar met specialismen op de verschillende posities, voor de spelverdelers, voor de finishers. Na afloop van de wedstrijden zijn er analyses. Je ziet je eigen performance terug. Hoeveel tackles maakte ik? Hoeveel maakte ik er niet die ik wel had moeten maken?’

66.10 minuut, 7-34

Invaller Daniël Stohr, nog zo’n krachtpatser van The Iberians, stoomt onstuitbaar op om een try te maken, hoewel een speler van Delta achter hem aan sleurt, hangend aan zijn benen. De thuisploeg heeft tot dan lang meer weerwerk geboden dan in de eerste helft, stug verdedigend. Lijf en leden klappen soms hoorbaar op elkaar. Langs de zijlijn klinkt commentaar. ‘Zo, die hoeven niet meer naar de chiropractor.’

Ook onder het publiek valt het verschil op. ‘Er zit gewoon meer power bij die Spanjaarden.’ ‘De passing is scherper, het is op het randje, nét niet naar voren.’

‘Je ziet dat als iemand een bal vangt, hij niet nadenkt of hij gaat kicken of dat hij er vandoor gaat. Hij wéét het al. Als je maar één seconde twijfelt, hangt er iemand om je nek.’

Coach Jonkers: ‘Het zit ’m niet zozeer in vaardigheid. De anderen kunnen alleen langer hun niveau vasthouden. Ze blijven fitter, sneller, explosiever, helderder van geest. Ze zien eerder dan wij de oplossingen. Je leert er alleen maar van. Dat je moet investeren. Meer naar de gym, nog maar een extra rondje hardlopen, beter je bordje leegeten.’

80ste minuut. 7-41

Het is de eindstand. Nog vlak voor het laatste fluitsignaal vloert Mambo met een perfecte tackle een tegenstander die op volle snelheid op weg leek naar een score. Na deze nederlaag is met nog twee uitwedstrijden te gaan het bereiken van de halve finale in de Super Cup, volgend jaar april, een vrijwel onmogelijke opgave.

Wytze Molenkamp heeft er de smoor in. ‘We hebben te veel respect getoond, we waren te timide. Wat ik tegen de Portugezen wel had, heb ik nu niet: ik heb me geen moment overklast gevoeld.’

Pieter Schoonraad: ‘Ik heb wel wat harde woorden moeten gebruiken toen we te slap begonnen. Het was lastig spelen, tegen grote, sterke jongens, in harde wind en veel regen.’ Allard Jonkers: ‘De Spanjaarden zetten ons constant onder druk. We kwamen niet aan ons eigen spel toe. Zulke zware kerels, dat telt in de scrum. Die zetten dan toch zo’n 100 kilo meer dan wij in. Iedereen weet nu: dit is het niveau waar we naar toe zullen moeten.’

Delta-forward Molenkamp merkte al dat hij stappen had gemaakt toen hij na een wedstrijd in de Super Cup terugkeerde bij zijn club. ‘Ik dacht: kom op jongens, er kan wel een tandje bij.’

Meer over