COLUMNPeter Winnen

De renner krijgt met een nieuwe fiets als het ware een nieuwe vriendin. Klikt dat?

null Beeld

Veel wielrenners worden al nerveus bij het idee: een nieuwe fiets. Hoe zal-ie zitten?’ Prachtige kop boven een artikel in deze krant. Een flink aantal wielerploegen verandert van fietsenmerk en dat is meer dan een formaliteit. De renner krijgt als het ware een nieuwe vriendin, en het is nog maar de vraag of het klikt. Al lezend herinnerde ik me de relaties uit het verleden. Mijn god, wat moest er soms hard gewerkt worden om iets van harmonie te vinden.

Jumbo-Visma stapt van Bianchi over op Cervélo. Die nieuwe vriendin heeft andere lichaamsverhoudingen en dat betekent voorzichtig aftasten voordat je voluit kunt gaan. Andersom geldt natuurlijk hetzelfde: de Cervélo tast voorzichtig de renner af.

Koen Bouwman zegt dat het meteen goed voelde hoewel de fiets ‘heel anders’ is. Maar het blijft een heel gepuzzel. ‘Het is echt lastig om mijn positie op de halve millimeter nauwkeurig hetzelfde als op de Bianchi te krijgen. Er zijn renners die dat verschil echt voelen’.

Een nieuwe fiets van een ander merk afstellen, ik vond het een crime. Zelfs al zette je zadel en stuur exact hetzelfde ten opzichte van het middelpunt van de trapas – daaromheen draait de wereld nu eenmaal rond – het voelde anders, en meestal minder vertrouwd. Weken trainde ik met inbussleutels in mijn achterzak voordat mijn benen iets van tevredenheid uitstraalden. Ja, het ging inderdaad om halve millimeters. En startte je in de eerste koers van het jaar bleek onderweg dat de nieuwe vriendin toch nog een paar kleine aanpassingen aan haar karakter verlangde. Beide partijen moeten goed in hun vel zitten.

Niet lachen, bij warm weer moest mijn zadel weer anderhalve millimeter omhoog.

Soms waren er fietsen bij die niet tot een gelukkig huwelijk leidden. Ik had vooral moeite met een zadelpenbuis die, al was het maar een halve graad, steiler geconstrueerd was. Hoe vaak ik het zadel ook verschoof, lekker zat het nooit. Italiaanse merken hadden meestal zo’n kittige bouw – oogstrelende schoonheden waren het, schoonheden met haar op de tanden.

Hoewel, dit klopt niet helemaal. Mijn eerste Italiaanse dame was erg meegaand. Bij de hierna volgende met precies dezelfde maatvoering begon de ellende. Raadsels, raadsels, twijfel, twijfel. Misschien was de fiets in orde, maar de berijder niet.

Het is moeilijk uit te leggen wat een lekkere zit is. Het is een gevoel waarbij een renner bij de meest helse inspanning ontspannenheid ervaart in de trapbeweging; wanneer de onderrug niet in een krampachtige hoek schiet en de armen losjes aan de romp blijven hangen. Je zou denken dat zo’n positie onmogelijk is te vinden. Maar die bestaat. Tenminste als de ploeg een contract heeft met de juiste materiaalsponsor, het lichaam een contract heeft afgesloten met de heilige voorzienigheid, en als het weer een beetje meezit.

Vijf ploegen, waaronder Jumbo-Visma, ondergaan dit jaar een van de grootste veranderingen denkbaar voor een wielrenner: ze veranderen van fiets. ‘Een nieuwe fiets moet zo snel mogelijk je vriend worden.’

Meer over