De rechte lijn

Co Adriaanse is trainer van Willem II.Hij is ook controversieel. 'Ik provoceer niet. Ik provoceer nooit. Ik geef alleen mijn mening.'..

'IK GEDRAAG me hier bij de club niet anders dan thuis, of met vrienden. Die herkennen mij. Zij zeggen: ja, zo is Co, want ze kennen mij persoonlijk. Zij zullen nooit verbaasd zijn als ik bepaalde uitspraken doe. Ze vinden zelfs dat ik in het openbaar nogal mild ben geworden.'

- Echt waar?

'Ik heb zelfs vrienden die zeggen dat ik heb geleerd om me diplomatiek te gedragen.'

- U provoceert graag..

'Nee, ik provoceer niet. Ik provoceer nooit. Ik geef alleen mijn mening. En dat doe ik niet sinds ik trainer ben van Willem II. Bij PEC Zwolle in 1984 gedroeg ik me net zo. Maar ik wil mensen niet kwetsen of onnodig pijn doen.

'Ik roddel niet en ik klets niet. Maar als mij een vraag wordt gesteld, geef ik daar antwoord op.'

- Ook gevoelige zaken worden zonder terughoudendheid becommentarieerd.

'Wat zijn dat, gevoelige zaken?

- Rijkaard als bondscoach, Blind als directeur spelersbeleid bij Ajax, daar bent u tegen en u zegt het ook.

'Maar ze hebben toch ook nog niet bewezen dat ze daar de kwaliteiten voor hebben?'

- Het komt uw populariteit in bepaalde kringen van het voetbal niet ten goede.

'Maar ik werk toch niet in het voetbal om populair te worden?'

- Maar waarom is uitgerekend Co Adriaanse de man die zijn mening verkondigt en houden anderen hun mond?

'Ik ben niet de enige. In de wandelgangen van het voetbal wordt gigantisch veel geroddeld. Daar doe ik nooit aan mee. Nooit. Ik roddel nooit. Op trainersbijeenkomsten wordt heel veel gekletst en heeft iedereen overal een mening over. Maar als ik later interviews lees met die trainers, zie ik daar niets van terug.'

- Andere trainers letten op hun woorden omdat ze bang zijn dat er anders deuren worden dichtgeslagen.

'Als je zo denkt, ben je niet goed genoeg om een topfunctie te bekleden. Als je moet gaan rekenen en manoeuvreren om een baan te behouden of te krijgen, beschik je over onvoldoende capaciteiten.'

- Maar met u gebeurt het omgekeerde. U stoot clubs af door uw optreden in het openbaar.

'Ik weet niet of dat zo is. Ik ben er niet bang voor. En ik sta er niet bij stil. Als dat zo is, is het jammer.

'Het betekent niet dat ik zal veranderen. Want dan kan ik niet meer zijn zoals ik ben. Dan kan ik niet meer zeggen wat ik denk. En dan ben ik niet meer echt.'

- U speelt geen rol.

'Nee, nooit. Absoluut nooit. Men moet mij nemen zoals ik ben. En ik ben zo. Als clubs mij niet goed genoeg vinden moeten ze een ander nemen.'

- De kritiek op de aanstelling van Rijkaard was goed beargumenteerd, maar...

'Ik kijk niet naar het Nederlands elftal. Dat is een principiële opvatting.' - De trainer van Willem II moet het Nederlandse topvoetbal toch volgen?

'Ik ben het niet met die aanstelling eens. Zoals de meeste trainers in Nederland. Maar ik spreek het uit. Ik ben een eenling, wat dat betreft.'

- Waar komt dat toch allemaal vandaan?

'Ik ben in een Amsterdamse volksbuurt geboren en ik was niet het sterkste jongetje van de klas. Wel het beste voetballertje trouwens, dus ik had wel status. Maar als er gevochten werd, was ik niet nummer één. En er werd op straat héél veel gevochten.

'Discussiëren en beargumenteren is niet gebruikelijk in een volksbuurt. Daar is het bek houden, en rammen, klaar.

'Ik mocht naar de vierjarige mulo, dat was heel wat voor die buurt. De straten grensden aan de Houthaven. Na de leerplicht moest je daar gaan werken. Want daar werkten de vaders ook.

'Ik wilde twee dingen: profvoetballer worden en gymleraar. Daarvoor had je hbs nodig. Ik moest een omweg maken: de mulo, dan de kweekschool, dan de academie voor lichamelijke opvoeding. Op de kweekschool kwam ik voor de eerste keer een ander soort mensen tegen, uit andere milieus en uit andere buurten.

'Plotseling kreeg ik ook andere vakken, maatschappijleer, geschiedenis, muziek, noem maar op. Toen, heb ik mijn persoonlijkheid ontwikkeld. Ik werd me bewust van mijn eigen kwaliteiten.

'Ik kwam in het eerste elftal van De Volewijckers, als 17-jarige, met een contract. Als je nu aan mensen van De Volewijckers vraagt hoe Co vroeger was, zullen ze zeggen: precies zo.

'Ik was 21 toen de spelers me kozen als aanvoerder. Ik kon het woordje voor de anderen doen. En ik durfde het ook. Ik was niet bang voor mijn eigen hachie. Ik kwam makkelijk voor anderen op.

'Daar komt bij dat ik altijd links heb gedacht. Van huis uit zit het er in dat ik voor anderen op kom, voor zwakkeren. Ik ben sociaal bewogen en ik kan niet tegen onrechtvaardigheid.

'Van nature denk ik na en vorm ik een mening. Mijn afkeer van onrechtvaardigheid is nog sterker geworden. Ze zeggen dat je milder wordt, als je ouder wordt, maar ik merk dat bij mezelf niet. Ik berust niet. Ik zeg niet: oh, dat was twintig jaar geleden ook al zo, dus het zal nooit verbeteren. Ik geef niet op.'

- Wat is de grootste ergernis?

'Het gebrek aan veiligheid. Ik denk dat heel veel mensen zich in Nederland niet veilig voelen, op straat bijvoorbeeld. Of omdat hun spulletjes uit hun huis of uit hun auto worden gepikt.

'En 's avonds durven die mensen, de ouderen vooral, de weerlozen, niet over straat. Dat is belachelijk, in zo'n ontwikkeld, rijk en goed georganiseerd land als Nederland.

'Bovendien herkent men zichzelf niet meer in de cultuur van een buurt. Dat leeft ook enorm. Ze zijn hun buurt kwijtgeraakt door de enorme cultuuromslagen in de volkswijken. Wat Amsterdamse volkswijken waren, zijn allochtonenwijken geworden. De Nederlander voelt zich er niet meer senang.

- Dat hoort u vast allemaal op verjaardagen.

'Ja, bijvoorbeeld. Ik kom nog vaak in mijn oude buurt en dan hoor ik dat.

'Ik heb het aan den lijve ondervonden toen ik gymleraar was op een school in de Jan Evertsenbuurt. Dat was een Amsterdamse volksbuurt. Op die school zaten tien tot twintig procent allochtone kinderen.

'Maar langzamerhand werd dat percentage hoger. Het ene na het andere Nederlandse gezin ging de buurt uit, naar Almere of Lelystad of Hoorn, omdat men zich in de buurt niet meer gelukkig voelde.

'En nu zitten er op dezelfde school negentig tot vijfennegentig procent allochtone kinderen. Het beleid deugde niet. Zover had het niet mogen komen.'

- Maar wat kan er worden gedaan aan het gevoel van onveiligheid?

'Verplaats het eens naar mijn vakgebied, naar de gymzaal. Als daar geen orde is, als de kinderen binnenkomen, is het onmogelijk om les te geven. Eerst moeten er regels zijn. Er moet scherp op die regels worden toegezien, en desnoods moet er worden ingegrepen.

'Anders kan er geen klimaat worden geschapen waarin iedereen zich prettig voelt en waarin iedereen kan doen wat hij of zij wil.

'Saamhorigheidsgevoel is essentieel, dan voel je je geborgen en gerespecteerd en kan je jezelf zijn. In een klimaat waarin geen regels zijn, kan dat niet. Daar geldt het recht van de sterkste.'

- En degenen die de regels overtreden, moeten worden gestraft.

'Ja, in de gymzaal, in de wijk, of bij een voetbalploeg. Vooral in het begin moet je niet schromen sancties te nemen. En ook complimenten moet je geven. Totdat het klimaat zo is dat iedereen zich prettig voelt.

'Dat is hier bij Willem II ook gebeurd. En nu begrijpt iedereen waarom ik al die maatregelen heb genomen.

'Het kan worden uitvergroot naar de maatschappij. Je hebt regels nodig, en toezicht, en er moet zonodig worden ingegrepen, corrigerend of opvoedkundig.

'Om dat te doen heb je macht en kracht nodig. Het is heel makkelijk om weg te lopen van de problemen en popie-jopie punten te scoren, uit angst om sympathie te verspelen. Daar zijn heel veel mensen bang voor. Maar ik niet. En ik heb de kracht.'

- En u weet alles.

'Nee, ik weet niet alles.'

- Kunt u zich voorstellen dat mensen dat denken?

'Nee, dat kan ik me niet voorstellen. Ik weet niet wat de mensen van mij denken.

- U maakt zo'n zelfverzekerde indruk.

'Dat is alleen maar goed als je trainer bent. Als je een twijfelachtige indruk maakt, dan is dat niet goed.'

- Bent u goed bevriend met Louis van Gaal?

'Nee. Maar we respecteren elkaar en we bellen elkaar vaak. Maar dan praten we niet over het vak. Daar zijn de gesprekken te kort voor. Zijn tijd is kostbaar.'

- In hoeverre verschilt u van Van Gaal?

'Louis is vergevingsgezinder.'

- Hoezo?

'Als een speler gigantisch in de fout is gegaan, haalt hij hem soms toch weer binnen. Dan vergeeft hij het hem. Dat kan ik niet. Ik geef iemand een kans, nóg een kans, en de derde keer is het over en sluiten. Dan ben ik meedogenlozer dan hij.'

- Winston Bogarde was er bij u niet meer in gekomen.

'Dat is een prachtig voorbeeld. Hij was er bij mij niet meer in gekomen. Laat staan dat ik hem ook nog eens naar Barcelona zou hebben gehaald.'

- Waarom is Willem II een typisch PvdA-elftal?

'Wij moeten het van het collectief hebben. Bijna alle spelers zijn afhankelijk van anderen. Maar met elkaar kunnen ze de zwakke punten heel goed camoufleren. Iedereen krijgt een takenpakket dat op zijn lijf is geschreven. En daardoor is het geheel meer dan de delen.

'Ook als je niet speelt, als je geblesseerd bent, moet je naar het eerste elftal kijken, uit en thuis. Dat is onderdeel van de teambuilding. Ik wil dat spelers meepraten en meedenken. Maar hoe kan je meepraten en meedenken als je de wedstrijd niet eens hebt gezien?

'Omdat geblesseerde spelers op eigen gelegenheid naar uitwedstrijden moeten reizen, controleerde ik in het begin of ze wel geweest waren. Dan vroeg ik ze bijvoorbeeld waar het scorebord stond, of welke vlaggen er hingen, Chocomel of Coca-Cola.'

- Voetballers zijn net kinderen.

'Elk mens is een kind, dus voetballers ook.'

- En kinderen hebben een strenge vader nodig?

'Nee, geen strenge vader.'

- Een rechtlijnige vader dan?

'Als kinderen er niet samen uit kunnen komen, om een bepaalde lijn te volgen, dan zal er iemand moeten zijn die de lijn trekt.'

- Dat is niet streng en ook niet rechtlijnig?

'Nee, ik noem het richtinggevend.'

- Maar er is maar één richting de juiste?

'Ja.'

- En u bepaalt de richting?

'Ja. Want ik neem de ervaring mee. Ik heb dertien jaar profvoetbal gespeeld, ik ben gymleraar geweest, ik heb de trainerscursussen gevolgd en ik ben al vijftien jaar trainer. De meeste situaties doorzie ik, want ik heb het al eerder meegemaakt.'

- En altijd wordt de rechte lijn gevolgd.

'Hoezo? Er is toch maar één lijn?'

Meer over