achtergrond

De langste der lange mannen van het Amerikaanse basketbal gaan stuntelen als ze vrije worp nemen

Het lijkt simpel: een schotje op 4,57 meter van de ring, ongehinderd door een tegenstander. Mannen van boven de twee meter hebben er de grootste moeite mee.

Giannis Antetokounmpo van Milwaukee Bucks concentreert zich op een vrije worp in de wedstrijd tegen Phoenix Suns. Beeld AFP
Giannis Antetokounmpo van Milwaukee Bucks concentreert zich op een vrije worp in de wedstrijd tegen Phoenix Suns.Beeld AFP

Wanneer hij naar de lijn loopt, wrijft de aanhang van de tegenstander zich alvast in de handen. Giannis Antetokounmpo, de Griekse sterbasketballer van NBA-finalist Milwaukee Bucks, worstelt met zijn vrije worpen, op het oog het simpelste onderdeel van het spelletje. Hij is niet de enige: vooral voor de langste der lange mannen blijft het een lastig karwei.

Eén! Twee! Drie! Vier! Vijf! Zes! Gretig en massaal tellen de supporters van Phoenix Suns, tegenstander van de Bucks in de finale, tot tien wanneer Antetokounmpo (2.11 meter) zich opmaakt voor een vrije worp. Ja, hij treuzelt nogal, The Greek Freak. In de eerste serie van de play-offs, tegen Miami Heat, werd hij teruggefloten omdat hij de toegestane grens van tien seconden overschreed. Het tellen van het publiek is sindsdien een ritueel in vijandige stadions.

Na de eerste wedstrijd van de finalereeks, waarin Phoenix aan de leiding gaat, werd Antetokounmpo gevraagd of hij het hoorde. ‘Natuurlijk’, antwoordde hij. ‘Als 20.000 mensen hardop tellen, hoor je dat wel.’

Het zal hem blijven achtervolgen, beseft Antetokounmpo, maar dwars zit het hem niet. ‘Ik kan me alleen maar focussen op mijn routine.’ Diep ademhalen, acht keer langzaam stuiteren, nog even wachten, oprichten en schieten.

Helpen doet het nauwelijks. De afgelopen jaren kelderde zijn percentage aan de lijn, van 72 procent naar iets boven de 60. In de play-offs dalen zijn gemiddelden doorgaans verder: in de finale schiet hij vooralsnog 63 procent, een verbetering ten opzichte van de 60, 57 en 45 procent in de voorgaande ronden.

Psychologische truc

Aan zijn toewijding ligt het niet. Antetokounmpo traint zijn vrije worpen tot in den treure. Enkele jaren geleden bedacht hij een oefening waarbij niet hij, maar zijn vriendin bij een misser een rondje door de gymzaal moest rennen, soms met hun jonge zoontje op de arm. Ook de psychologische truc had niet het gewenste effect.

Het lijkt een simpele klus: een schotje op 4,57 meter van de ring, geen verdediger in de buurt. Toch is het voor sommige spelers te veel gevraagd. Vooral centers, mannen van boven de twee meter, hebben de nodige problemen.

Shaquille O’Neal (2.16 meter), bijvoorbeeld, kon het niet. Onder de basket was niemand in de jaren negentig en nul dominanter, maar vanaf de vrijeworplijn schoot de sterspeler van onder meer Los Angeles Lakers slechts de helft van zijn pogingen raak. Als papieren propjes lanceerde hij de losse flodders met zijn vingertoppen richting de ring. Fraai was het niet.

Ben Wallace (2.06 meter), een voormalig verdedigend specialist van Detroit Pistons, haalde over zijn gehele carrière (1996-2012) maar net de 40 procent. Wallace kreeg het voor elkaar om bij twee opeenvolgende vrije worpen de ring compleet te missen.

De lange mannen zijn gewend om te dunken, te rebounden en schoten te blokkeren, niet om van afstand te schieten. Het is een veelgehoorde verklaring, hoewel van de moderne center wordt verwacht dat hij ook kan schieten. Over de hele competitie gezien kroop het gemiddelde percentage aan rake vrije worpen (momenteel 77 procent) de afgelopen jaren langzaam omhoog.

Grote handen zouden een probleem vormen. Die van Antetokounmpo, een uit de kluiten gewassen spelverdeler, meten van het topje van zijn middelvinger tot het begin van zijn pols liefst 25 centimeter. In zijn handen voelt een basketbal als een sinaasappel.

Onderhands

Een oplossing waar niemand zich aan wil branden is de onderhandse vrije worp. De machtige Wilt Chamberlain (2.16 meter), die ooit honderd punten in een wedstrijd noteerde, liet zich in het seizoen 1961-1962 verleiden om het te proberen. Zijn percentage schoot omhoog, van rond de 50 naar 61, maar toch besloot hij van de methode af te stappen. Het granny shot, zoals het denigrerend genoemd wordt, zou slecht zijn voor zijn imago.

Rick Barry had er maling aan. In de jaren zestig en zeventig schoot hij namens Golden State Warriors bijna 90 procent raak met zijn onderhandse techniek. Die kreeg voor het laatst navolging in 2017, toen Chinanu Onuaku van Houston Rockets het probeerde. De anonieme reserve had weinig te verliezen. Na zes wedstrijden zat zijn NBA-carrière er alweer op.

Een goede vrije worp is een waardevol wapen. De huidige finalisten van Phoenix Suns schieten als team 87 procent raak, hetgeen zich in de eerste wedstrijden uitbetaalde. Slechte vrijeworpschutters kunnen bovendien tactisch worden uitgebuit. Vaak worden bewuste fouten op hen gemaakt.

Het overkomt ook Antetokoumpo. Pakt hij een aanvallende rebound, dan hangen de verdedigers in no-time aan zijn armen. Alleen hijzelf kan het veranderen, door de bal simpelweg door het netje te gooien.

Meer over