Nieuws

De handballers mogen weer en zijn dankbaar

Van alle topcompetities in Nederland was handbal de laatste die in beweging kwam. Kembit Lions gingen op bezoek bij Kras Volendam. Hoe is de vorm na vijf maanden stilzitten?

Serge Heijnen van Kembit Lions probeert los te komen van Kras Volendam-speler Jeroen Roefs. De ploeg van Heijnen ging er met de buit vandoor. Beeld Jiri Büller
Serge Heijnen van Kembit Lions probeert los te komen van Kras Volendam-speler Jeroen Roefs. De ploeg van Heijnen ging er met de buit vandoor.Beeld Jiri Büller

Op de tribunes van sporthal Opperdam zitten nog de sporen van de dagen na de eerste lockdown. Handbal kijken was toen mogelijk, mondjesmaat, met ernstige beperkingen. Elke tweede rij was gevuld met papiertjes met de tekst ‘deze bank niet gebruiken’. Op de andere rijen van de Volendamse hal mocht worden plaatsgenomen, op anderhalve meter afstand van elkaar. Stripjes sporttape wezen de juiste plaats, maar zijn na september niet verwijderd.

Lege banken staren naar een van de eerste bewegingen van het Nederlandse handbal, dat meer dan vijf maanden in quarantaine was. Tussen eind september en 6 maart werd niet gespeeld. De Bene-League, de Nederlands-Belgische mannencompetitie, werd geschrapt. De vijf Nederlandse deelnemers besloten ten slotte een aangepaste nationale competitie, anderhalve ronde onder de vlag van HandbalNL League, te spelen. Van alle topcompetities in Nederland was handbal de laatste die in beweging kwam. Het voortvarende volleybal was de handballers twee maanden en zes dagen voor.

Ivo Steins, de aanvoerder van Kembit Lions uit Sittard, komt na de overwinning (31-22) op Kras Volendam, met een brede lach naar de kant. Goed gespeeld, dik gewonnen, vier goals van zijn bijzondere makelij, laag langs de grond vanaf de cirkel, onder de armen van de grote Volendamse verdedigers door.

De Limburgse cirkelloper vergoelijkt meteen de late hervatting van zijn sport in Nederland. ‘Handbal is natuurlijk contactsport nummer één. En het is een binnensport. Dat late hervatten vind ik begrijpelijk.’

Dan de spelvreugde: ‘Ik ben heel blij dat we nu weer hebben kunnen beginnen. Ik denk dat we het ook verdienen. Al zijn we dan niet de meest professionele sport, in elk geval niet de sport waar het meeste geld omgaat, maar we doen en laten er echt veel voor. En dan stel ik vast: als de competitie het hele jaar had stilgelegen, was dat voor het Nederlandse handbal echt niet goed geweest.’

Zijn collega-international, Jordy Baijens van Volendam, bevestigt het. Hij sleept met zijn been en heeft de tweede helft, waarin zijn ploeg werd overlopen, moeten missen. Waarschijnlijk heeft hij een scheurtje in de hamstrings opgelopen. Baijens: ‘Voor je lichaam betekent een jaar stilzitten dat je niet meer kunt vertrouwen op je lichaam. Je moet dan zo hard werken om weer in dat echte ritme te komen.’

Twee weken eerder had Baijens voor de tv gezeten en gezien hoe zijn collega’s in Polen een grote slag sloegen. In de laatste seconden werd Polen, de vicewereldkampioen van 2007, in eigen huis verslagen. Luc Steins, het grote kleine broertje van Ivo dat voor topclub Paris Saint-Germain speelt, gaf aan, Kay Smits rondde de ‘vlieger’ af voor 26-27.

Ivo Steins was erbij, als cirkelloper die drie goals maakte. Hij doet bescheiden. ‘Ik heb gedaan wat ik moest doen. Maar het Nederlands handbalteam draait niet om Ivo Steins, hè.’

Hij speelde, bij afwezigheid van Samir Benghanem van Green Park Aalsmeer, op de Poolse stuntdag een belangrijke rol op de cirkel. Steins, 28, goed voor een kleine honderd interlands: ‘Ik ben niet meer zo snel onder de indruk van een situatie. Een trainer weet wat-ie van mij kan verwachten.’

Het was opvallend dat hij als in Nederland spelende handballer, met pas één competitiewedstrijd vers in de benen, op gelijke voet kon meedoen met alle voornamelijk in het buitenland actieve spelers. Het heeft met voorbereiding te maken. Ivo: ‘Er heerste discipline bij Lions. We zijn als groep heel fit uit de niet-competitieperiode gekomen. We wilden er echt iets van maken.’

Er waren Nederlandse handballers die in de winter de grens overstaken, om weer aan spelen toe te komen. Zoals Jorn Smits die van Volendam naar het Deense Holstebro ging. Baijens had graag dat pad op gewild. ‘Maar op mijn positie is het lastig ergens onderdak te vinden. Ik wil dit al jaren, ben 24 en heb zeven, acht interlands gespeeld. Blij mee, hoor.’

Steins heeft buitenlandse avonturen uit het hoofd gezet. Hij is met zijn kleine postuur (1,81 m) niet de gedroomde cirkelloper. Buitenlandse clubs willen reuzen die kunnen duwen en ‘sperren’. Het is de trend. ‘Je kunt trainen wat je wilt, maar groter word je niet. Ik ken mijn plafond.’

Zijn broer Luc, nog 8 centimeter kleiner, is wel gewild en geldt als een Europese sensatie. Hij speelt in de opbouw, als middenman, de spelverdeler. ‘Op Lucs positie zie je dat vaker inmiddels. Maar hij is een uitzonderlijk talent, hè.’

Eind april verzamelt de nationale ploeg weer. Dan is de Nederlandse competitie voor de beste vijf ploegen – Quintus speelt als zesde team voor spek en bonen – nog lang niet klaar. Half juni zal de kampioen van Nederland bekend zijn. De traditionele finalemaand april is dan allang voorbij. Lions maakt, zo viel in Volendam te zien, een grote kans de ploeg van het jaar te worden.

Alternatieve vrouwencompetitie

De eredivisie in het vrouwenhandbal, sinds oktober vier speelronden oud, wordt niet hervat. Wel komt er tussen 10 april en 19 juni een alternatieve competitie voor acht van de twaalf ploegen die de vinger hebben opgestoken om voorzien van sneltests de zaal in te gaan. Zij spelen een halve competitie, waarna de nummers één en twee in twee duels om het officieuze landskampioenschap spelen. Regerend landskampioen (uit 2019) VOC stuit op de tegenstanders SEW, Volendam, Quintus, Venlo, V&L, Kwiek Raalte en VZV. Borhave, DSVD, BFC en Fortissimo bedankten ervoor.

Meer over