ReportageGiro d'Italia

De Giro-finish in Jesi: een hommage aan Scarponi, maar ook een schreeuw om veiligheid

Vijf jaar geleden werd wielrenner Michele Scarponi doodgereden dicht bij zijn geboorteplaats Jesi, waar het Giro-peloton dinsdag finishte. Sindsdien probeert zijn familie het verkeer veiliger te maken voor fietsers, maar er is nog een lange weg te gaan.

Rosa van Gool
Het Giro-peloton wurmt zich langs een poort met de afbeelding van Michele Scarponi, in de woonplaats van diens familie, Filottrano. Beeld AFP
Het Giro-peloton wurmt zich langs een poort met de afbeelding van Michele Scarponi, in de woonplaats van diens familie, Filottrano.Beeld AFP

In de weken na de plotselinge dood van zijn broer Michele stapte Marco Scarponi steeds vaker op de fiets, vertelt hij een paar uur voor de Giro-aankomst in Jesi, op een terras vlak bij de finishlijn. Niet dat hij zo sportief is, haast hij erbij te zeggen.

Marco Scarponi (44) draagt een wilde baard, oorringetje en witte linnen broek. Hij is een compleet ander type dan Michele, de wielrenner die drie Giro-etappes won en de eindzege van 2011 met terugwerkende kracht, na de schorsing van Alberto Contador, op zijn naam mocht schrijven.

Nee, de bebaarde docent voor gehandicapte kinderen ging fietsen, omdat hij de Italiaanse wegen wilde zien vanuit het perspectief van zijn twee jaar jongere broer. Hij wilde de wereld bekijken zoals Michele haar voor het laatst zag, voordat een bestelbusje hem op 22 april 2017 doodreed in hun eigen dorp Filottrano. Daar lag dinsdag de laatste tussensprint, waarbij Scarponi geëerd werd met grote foto-spandoeken en een massale opkomst van dorpsbewoners.

Stichting voor fietsveiligheid

Tijdens de tochtjes ervoer Marco Scarponi zelf hoe gevaarlijk de prachtige, glooiende wegen van Le Marche kunnen zijn voor de eenzame fietser. Hij besloot dat hij iets zinvols wilde doen met de dood van zijn broer en richtte de Fondazione Michele Scarponi op, een stichting waarmee hij het hele land doorreist, tot aan het parlement in Rome aan toe, om bewustzijn te kweken voor fietsveiligheid.

Dat is hard nodig, want in Italië werd vorig jaar om de twee dagen een fietser doodgereden. Die 180 doden zijn er weliswaar minder dan de 207 Nederlandse slachtoffers, maar afgezet tegen de fietsende bevolking – naar schatting tussen de twee en drie miljoen mensen – is fietsen in Italië relatief gevaarlijk.

Toch zit het vervoersmiddel sinds de pandemie in de lift, mede omdat burgers van de vorige regering subsidie kregen voor de aanschaf van een fiets. Ook de e-bike draagt bij aan de opmars; het is op het heuvelachtige terrein waar de etappe doorheen slingerde een uitkomst voor de minder sportieve sterveling.

Wettelijke bescherming

Het middeleeuwse centrum van Jesi staat dinsdag volledig in het teken van het fietsfeest. Overal in de stad hangen roze ballonnen en vlaggen, in winkeletalages staan historische fietsen tentoongesteld. In een osteria aan het parcours is het personeel een paar uur voor de finish nog druk bezig kartonnen roze fietsers op de ramen te plakken. Ernaast hangt een gesigneerd Astana-shirt van Michele Scarponi.

Daar, een paar meter van de finishlijn, werd Scarponi in 1979 geboren, wijst lokale vrijwilliger Diego Pierelli (53) aan. Het in onbruik geraakte ziekenhuisterrein doet vandaag dienst als parkeerplaats voor de eindeloze stoet vrachtwagens uit de Giro-karavaan.

Aan fietsvriendelijke ambities ontbreekt het niet, weet hobby-fietser Pierelli maar al te goed. Zo werkt Italië sinds een paar jaar aan een fietspad dat de hele Adriatische kust moet dekken: vanaf Triëst in het noorden tot in de hak van het Italiaanse schiereiland, in de regio Apulië. Het traject raakt langzaam maar zeker van steeds meer kilometers fietspad voorzien.

Tegelijkertijd is er de roep om betere wettelijke bescherming, waar Marco Scarponi fel voor strijdt. Hij hoopt op eenzelfde wet als in Spanje, waar auto’s fietsers met anderhalve meter tussenafstand in moeten halen. Zo komt er een grotere verantwoordelijkheid bij de automobilist te liggen, maar in Italië lijkt daarvoor nog onvoldoende politiek draagvlak.

Papegaai Frenkie

Het peloton zoefde dinsdagmiddag kort voor de finish vlak langs de noodlottige plek, waar sinds deze week een kleurrijke muurschildering prijkt van Scarponi’s mascotte, papegaai Frenkie. De papegaai zat vaak op zijn schouder terwijl hij trainde. Boven de schildering hing de familie Scarponi een spandoek op: ‘Respecteer de fietser.’

Marco Scarponi heeft dubbele gevoelens over zijn rol als middelpunt van deze feestelijke Giro-dag. ‘Ik voel me soms misplaatst’, bekent hij. ‘Ik keek altijd alleen naar de Giro voor Michele, dit is zijn wereld.’ Een etappe over de wegen rondom zijn eigen geboortestad, waar de Ronde van Italië tot dinsdag sinds 1985 niet meer geweest was, had de wielrenner zeker prachtig gevonden.

‘Het is moeilijk’, zucht Scarponi, die er toch bij wilde zijn om zijn boodschap te herhalen. ‘Want de Giro is een luidspreker.’ Hij heeft zijn hoop gevestigd op de jeugd van Jesi, die vandaag vrij van school is en in grote getalen toekijkt hoe Biniam Girmay de sprint nipt wint van Mathieu van der Poel.

Scarponi hoopt dat zij een nieuwe mentaliteit naar de Italiaanse wegen brengen. Eén waarin naast de auto ook plek is voor de fietser. De dood van Michele heeft ertoe geleid dat men er vaker over praat, maar fietsveiligheid blijft een moeilijk te verkopen onderwerp, merkt Scarponi. ‘Mensen vinden het saai’, weet hij. Dat vond hij vroeger zelf ook. ‘Totdat het je eigen leven raakt.’

Meer over