InterviewsHerstart Eredivisie

De eredivisie gaat weer van start: ‘Eindelijk beginnen. Heerlijk. Voetballen’

Het was een heel lange zit, een halfjaar zonder eredivisievoetbal. Vanaf dit weekeinde mag het weer. Van de terreinmeester en de supporter tot de clubcoach: het voetbalverlangen was zelden zo groot.

Mark Diemers van FeyenoordBeeld Getty Images

Alles is anders

Mark Diemers (speler Feyenoord)

In zekere zin stond de wereld stil in coronatijd, maar niet voor Mark Diemers. Vader geworden van zoon Lyo, transfer van Fortuna Sittard naar Feyenoord in een tijd dat het rustig was op de markt. ‘Met een soap erbij, omdat ik ook met FC Groningen bezig was.’

En dan is Diemers ook nog een man met ogenschijnlijk oneindige energie. Altijd onderweg op het veld. Acties maken, passes geven, rennen. Schieten. ‘Ik heb veel voor mezelf getraind in die maanden. Lopen. Toen ik nog in Sittard woonde, was nog één veld in de buurt open. Daar ben ik vaak geweest met Wessel Dammers (nu FC Groningen). We hadden een zak met ballen mee. Zonder trainer. Loopwerk, veel afwerken.’

Tijdens de bekerronde Fortuna – Feyenoord in januari, in tweeën gespeeld door de mist, kreeg hij al complimenten van Feyenoorders. Kom bij ons voetballen. Zo maakte aanvallende middenvelder Diemers na een verblijf bij Cambuur, FC Utrecht, De Graafschap en Fortuna zijn droomtransfer, een jaar nadat hij een lucratieve aanbieding in Roemenië (Cluj) liet lopen. ‘Als collega’s zeggen dat ze je graag bij het team willen, is dat een mooi referentiekader. Van te voren dacht ik echt niet: oh, Feyenoord pikt me wel even op.’

Zijn vriendin en hij kregen ook een kind. ‘Dat was ook vreemd, door die anderhalve meter afstand. Mijn ouders wonen in Leeuwarden. Dat is toch drie uur rijden van Sittard. We hadden besloten de eerste tijd niemand toe te laten tot bij de baby, ook omdat lang niet alles over de verspreiding van het virus bekend was. Na twee maanden hebben mijn ouders onze zoon voor het eerst gezien en vastgehouden. Dat was superfijn, om de gevoelens van geluk te kunnen delen.’

Het is heerlijk om weer te voetballen. ’12 september, PEC Zwolle-uit, het was echt aftellen. Die datum stond omcirkeld in mijn agenda.’

Alweer uitstel

John van den Brom (trainer FC Utrecht)

John van den Brom, coach van FC UtrechtBeeld BSR Agency

Trainer John van den Brom wordt soms moe van zichzelf, als hij de selectie van FC Utrecht weer slecht nieuws moet brengen. Eerst was daar alle tumult over de afgelaste bekerfinale tegen Feyenoord en het verdwijnen van de kans op Europees voetbal. Nu, afgelopen maandag, terwijl de ploeg popelde om het seizoen te openen, stelde de KNVB de thuiswedstrijd tegen AZ uit, vanwege de Europese besognes van AZ.

Van den Brom: ‘We spelen die wedstrijd pas op 27 december. Dus je loopt bijna een half seizoen een wedstrijd achter. Dat heeft mogelijk weer gevolgen voor de stand, voor de stemming in de ploeg. Na een lange, goede voorbereiding dachten we: eindelijk beginnen. Heerlijk. Voetballen. Moeten we weer een week wachten. Het is zo frustrerend.’

Hij verlangt naar echt voetbal, naar spanning die oploopt gedurende de week en zich ontlaadt tijdens een wedstrijd. Het hele spel, de verwachtingen, de werkelijkheid. Al die oefenduels waren fijn en nuttig, maar de uitslagen zijn van weinig belang. Ook na Ajax-uit (5-0 verloren) meldde Van den Brom doodleuk dat het resultaat hem weinig zei. Het ging vooral over de ambitie van FC Utrecht om de topvier aan te vallen. Hij geniet in dat verband van aanwinsten als Eljero Elia en Mimoun Mahi, ervaren mannen die de aanval cachet geven. ‘Zij kunnen wat extra’s brengen. Je ziet meteen wat het doet met de groep, als twee zulke jongens binnenkomen. We hebben een heel goede selectie, maar toch ben je benieuwd hoe het uitpakt. Hoe staan we ervoor in een echte wedstrijd?’ Van den Brom had het zaterdag willen zien. Helaas.

Hij kan wel boos blijven op de KNVB, want de beslissing ‘verdient opnieuw geen schoonheidsprijs.’ Daar heeft hij alleen geen zin in. Het voetbal lonkt. ‘We kunnen de KNVB als gemeenschappelijke vijand gaan zien, maar van de KNVB kunnen we geen punten winnen.’

100 procent natuurgras

Alfred Meiberg (terreinmeester PEC Zwolle)

Alfred Neiberg, terreinmeester van PEC ZwolleBeeld Eva Faché

Zo lelijk als de versleten kunstgrasmat van PEC Zwolle was, zo mooi moet het nieuwe natuurgrasveld op den duur zijn. Puur natuur, 100 procent: 70 procent veldbeemdgras, 25 procent Engels raaigras en vijf procent roodzwenkgras. In zoden aangelegd, geïmporteerd uit Duitsland. ‘Ik moet het veld nog een paar keer op de kloten geven’, zegt terreinmeester Alfred Meiberg, die een contract voor vijf jaar tekende per 1 juli.

Wat hij daarmee bedoelt? Terwijl VVV een heel veld inzaaide, kocht PEC het gras in zoden. Dat was vanwege tijdsdruk. ‘De transitie kwam pas op het laatste moment rond. Voor zaaien (‘dat is mooier’) was geen tijd meer. Half juli is de mat gelegd.’ Het gras oogde nog wat gelig onlangs, tijdens een oefenwedstrijd. Het is een kwestie van ‘verticuteren en een beetje kriebelen. Oud gras in de zoden moet er weer tussenuit. We moeten doorzaaien. Over een maand zal de mat sterker zijn dan nu.’ Meiberg is  hartstikke trots Feyenoord zaterdag te kunnen ontvangen op een echte mat, na dertien jaar kunstgras. Natuurlijk is echt gras mooier dan kunstgras, weet hij ook uit ondervinding, als liefhebber van het spel. ‘Ik heb ook gevoetbald. Althans, ik deed een poging.’

Het is goed dat PEC eindelijk overstapt, en niet alleen voor hem. ‘Ik hoorde van de technisch directeur dat het soms lastig werd om spelers aan te trekken. Ze willen gewoon op echt gras voetballen. Een belangrijk punt is dat de eredivisie nu deels meebetaalt aan onze overstap, met een bijdrage uit het solidariteitsfonds.’ Zaterdag is Meiberg gespannen aanwezig bij de eerste competitiewedstrijd op het echte gras. ‘In de rust gaan we even het veld op, voor herstel van schade na slidings en zo.’ Of het veld bestand is tegen stortbuien en ander slecht weer? ‘Dit veld kan heel veel aan.’

De blaaskapel blijft stil

Cees Roozemond (financieel directeur Heerenveen)

Cees Roozemond, financieel directeur van SC Heerenveen.Beeld Eva Faché

Normaal zou de blaaskapel zaterdag het volkslied ‘de âlde Friezen’ inzetten, stonden de selecties van Heerenveen en Willem II in lijn opgesteld en klonk gezang uit één borst van de tribunes. Maar corona verbiedt zingen in stadions. ‘Het volkslied zal alleen uit de boxen klinken, want het blijft Friesland’, zegt financieel directeur Cees Roozemond van Heerenveen. Tip: neuriën.

Het is slechts één van de aanpassingen. ‘De enige zekerheid is onzekerheid.’ Vijftien miljoen was de begroting vorig seizoen, tegen elf miljoen vooralsnog nu. De KNVB weet net zo weinig als de clubs over de toekomst. Roozemond: ‘Een daling van de omzet met 35 procent is te verwachten, al zijn er signalen dat het zal meevallen.’ Heerenveen verkocht aanvaller Chidera Ejuke voor 12 miljoen euro aan CSKA Moskou. Dat gaf ruimte. Opleiden, slim scouten en goed verkopen is de kerntaak van Heerenveen.

Ondanks corona zijn 8700 seizoenkaarten verkocht, 1600 minder dan vorig seizoen. Roozemond is trots op de clubtrouw. Aanhangers kunnen kiezen uit een gouden of een zilveren seizoenkaart. ‘Mensen met gouden kaarten hoeven geen restitutie, als blijkt dat ze niet naar wedstrijden kunnen. Zilveren kaarten krijgen een bon voor de fanshop, of recht op een wedstrijd volgend seizoen. Tachtig procent koos de gouden kaart.’

Melancholisch: ‘Op 7 maart was onze laatste competitiewedstrijd, thuis tegen Ajax. Voor het eerst sinds 2016 in een uitverkocht huis. En dan opeens is alles voorbij.’ Hij hoopt uiterlijk in maart weer met al het publiek te mogen spelen. Vooralsnog mogen vierduizend mensen naar het stadion, uitverkoren via loting, wat een geregel van jewelste is. ‘We zijn in het diepe gegooid. Wat we ook doen, het is niet wat we gewend zijn. Een stadion met veel lege plekken blijft hol klinken. Deze wedstrijden kosten ons geld. Gelukkig hebben we een geniale computerman in dienst, maar zelfs hij is er druk mee.’

Heldenlied

Joost van de Ven (supporter van PSV)

Joost van de Ven, liedjesschrijver van PSV EindhovenBeeld Eva Faché

Joost van de Ven schreef in 2007 de tekst van de PSV-oorwurm die begint met ‘Oh Fritsje Philips, Lucie Nilis, Romariooooo.’ Een zin uit het zogenoemde Heldenlied. ‘Ik wilde een liedje schrijven over de groten van de clubgeschiedenis. Frits Philips en Nilis rijmde zo mooi, dat was het uitgangspunt.’ De melodie kwam uit Griekenland, van een lied van PAOK Saloniki, gevonden op Youtube.

Maar ja, zingen in een stadion dat vanwege het coronavirus voor pakweg een kwart is gevuld, is door premier Rutte officieus verboden verklaard. Het is dus geen tijd voor een nieuw liedje, zelfs niet voor de schrijver van talloze songs. ‘Maar aanmoedigen moet toch wel kunnen’, hoopt Van de Ven. ‘Desnoods schreeuwen we in de elleboog. Trainer Roger Schmidt wil met veel druk naar voren spelen. Dan is het mooi en broodnodig dat van de tribune ook een beetje druk komt.’

In het stadion is hij pas aanwezig bij de derde thuiswedstrijd, tegen ADO Den Haag. Naar een wedstrijd mogen is vooralsnog een kwestie van inschrijven en loten. Hij sprak dezelfde voorkeur uit als zijn vriendengroep, hoewel de verwachtingen nog laag zijn. De oefenduels waren saai, met weinig publiek. Voetbal is ook saamhorigheid. ‘Het is een sociaal gebeuren. Nu wijzen de stewards je naar je plaats. Met degene naast je kun je nog wel praten, maar met degene die daarnaast zit heb je nauwelijks contact.’

Hij verheugt zich op tijden van het oude normaal, met versie liedjes. De verspreiding van teksten is daarbij totaal veranderd. Vroeger verzon hij korte teksten, die zijn vriendengroep van een man of dertig stug bleef zingen, totdat het zich als een olievlek verspreidde. ‘Nu kan het ook via whatsapp of Facebook. Dan verschijnt het in steeds meer groepen en is het makkelijker te verspreiden. Een lied kan nu uit veel meer regels bestaan, met meer boodschap. Ja, ik zal blij zijn als nieuwe liederen weer over volle tribunes rollen.’

Meer over