Dansen en flirten met de bal

Sluit Ronaldinho aan in het legendarische rijtje Pelé-Maradona-Cruijff? De 25-jarige Braziliaan heeft een nieuwe dimensie toegevoegd aan voetbal. Een stripfiguur is tot leven gewekt....

Op een snikhete tribune in Londrina, Brazilië, was Piet de Visser getuige van wonderlijke staaltjes voetbal die zelfs een doorgewinterde speurder naar talent slechts zelden te aanschouwen krijgt.

Uit zijn archief diept hij een spelersrapport op uit februari 2000, geschreven voor zijn toenmalige werkgever PSV tijdens het pre-olympisch toernooi. 'Het was veertig graden, de wedstrijden werden midden op de dag gespeeld en ik ging bijna van mijn stokje', herinnert hij zich.

De Visser, tegenwoordig scout van Chelsea-eigenaar Abramovitsj, citeert uit het rapport over de toen 19-jarige Ronaldinho, die negen keer scoorde tijdens het toernooi.

Techniek: 9. Dribbel: 9. Positiespel, gevoel voor diepte: 9. Tactisch inzicht en mentaliteit: 9. Fysieke kracht: 8.

En dan te bedenken dat een 6 op de schaal van De Visser een aardige voetballer is, een 7 iemand met een mooie internationale loopbaan voor de boeg, een 8 een topper en een 9 een supertopper.

'Hij is van een trucendoos veranderd in een supertechnicus die zijn techniek functioneel maakt', schreef hij bij de beoordeling. Want De Visser had de jongeling al eens gezien op tv, in een Braziliaanse hotelkamer. Toen al maakte hij een snelle aantekening van de 17-jarige speler van Gremio: 'Een supertalent. Hij maakt een zeer getructe indruk, maar passeert soms om het passeren. Ik ga hem verder volgen.'

Bijna zes jaar na 'Londrina' is Ronaldinho Gaucho uit Porto Alegre de beste voetballer van de wereld. Hij won de Gouden Bal, voor de Europees voetballer van het jaar, en veroverde voor het tweede jaar op rij de onderscheiding Wereldvoetballer van het jaar.

Ronaldinho heeft een nieuwe dimensie toegevoegd aan het voetbal. Hij kan aangeven én passeren, verdelen én afmaken, pingelen én schieten. Hij versnelt, vertraagt en verbaast.

De 81-jarige Wiel Coerver, vroeger trainer en binnenkort weer op de markt met dvd's over de technische ontwikkeling van de jeugd: 'In voetbal gaat het vooral om twee zaken: allereerst moet je je in alle situaties aan de bal kunnen handhaven en voor een goede voortzetting zorgen. Ten tweede moet je een tegenstander kunnen passeren en liefst met de bal aan de voet het strafschopgebied in kunnen dribbelen.

'Ronaldinho is de enige die uitblinkt in al die facetten. Zidane is geweldig aan de bal, maar hij heeft zelden een actie in de zestienmeter. Robben is een geweldige dribbelaar, maar minder bepalend. Cruijff kon het allebei, Ronaldinho ook.'

'Hij kan heel dichtbij Pelé, Maradona en Cruijff komen', schat De Visser in. Hij denkt het te kunnen weten, want hij volgde Cruijff vanaf zijn veertiende en Pelé en Maradona vanaf hun zeventiende. Real Madrids Ronaldo was volgens De Visser een eind op weg om zich bij het trio te voegen, maar blessures wierpen hem terug.

'Ronaldinho is zo snel met de bal aan de voet. Op volle snelheid kan hij een bal aannemen en doorgaan, terwijl de meeste spelers eerst terugkappen. En hij voetbalt met zichtbaar plezier, zonder een lolbroek te zijn. Hij is een liefhebber.'

'Kopen', adviseerde De Visser PSV in 2000, nadat hij was betoverd in Londrina. Manager spelerszaken Arnesen sprak met Ronaldinho's broer en zaakwaarnemer Roberto en was dichtbij een overeenkomst. Maar Gremio vroeg opeens tien miljoen dollar en dat was PSV te gortig. In 2001 vertrok de aanvaller daarop naar Paris Saint Germain, een internationaal gezien kleinere club in een stad vol verleidingen.

Barcelona, waarnaar hij in 2003 ging voor 25 miljoen euro, is een wereldclub in een eveneens verleidelijke stad, die dankzij Ronaldinho aan cachet heeft gewonnen.

Luis Martin, een van de belangrijkste voetbalverslaggevers in Barcelona, analyseert vier fonkelende Brazilianen in de recente Catalaanse geschiedenis: 'Romario was voor mij de beste, maar hij was mijn vriend. Ronaldo speelde hier slechts één seizoen. Dat jaar was hij geweldig, maar zijn periode heeft te kort geduurd. Rivaldo was gewoon heel goed. Maar Ronaldinho heeft de voetbalclub Barcelona uit de goot opgevist. Daarmee heeft hij zelfs de sfeer in de stad mede bepaald.'

Op vele dagen van het jaar is Barcelona vol van Ronaldinho.

Op de avond van Barcelona - Sevilla, half december, toont hij de Gouden Bal aan het volk, kust hij op het veld moeder Miguelina, schiet hij een hoekschop in één keer keihard tegen de paal en maakt hij na een geweldige combinatie met Larsson de winnende treffer, waarna hij in gesprek gaat met de hemel.

Frans Hoek, van 1997 tot 2003 keeperstrainer bij Barcelona, ploft na de adembenemende Ronnie-show neer in het zitje van de hotelbar naast het stadion. Ook hij vergelijkt: 'Romario was alleen beslissend als hij dat wilde. Ronaldinho is al 2,5 seizoen achter elkaar beslissend en ongelooflijk bepalend. Hij heeft een breed arsenaal aan kwaliteiten die hij voor de hele ploeg aanwendt. En zijn doelpunten zijn bijna altijd belangrijk.'

Hoek was tien jaar geleden keeperstrainer van het grote Ajax van Van Gaal. Die ploeg liet de tegenstander vrijwel nooit aan de bal komen en combineerde soms minutenlang, wachtend op die ene kans.

Barcelona speelt een avontuurlijke versie van dat speltype. Hoek: 'Het spel is geëvolueerd en trainer Frank Rijkaard past variaties toe, waarbij hij met spelers als Ronaldinho de wedstrijd kan openbreken.'

In dagblad Sport staan de dag na de wedstrijd tegen Sevilla op de eerste twintig pagina's vijftien foto's en twee cartoons van de Braziliaan. Gol de Oro, kopt de voorpagina. Gouden doelpunt. Moeder Miguelina is het middelpunt van vreugde. Aan haar draagt Ronaldinho veel successen op. Zij rooide het na de vroege dood van haar man lange tijd alleen met de kinderen, in betrekkelijke armoede.

De Braziliaanse tekenaar Mauricio de Sousa maakte deze week bekend dat hij werkt aan een strip over Ronaldinho. Diens geprononceerde voortanden, zijn eeuwige lach en ongelooflijke acties zijn ideale bouwstenen voor een getekend avontuur. Soms denk je dat Ronaldinho een stripfiguur is dat uit de pagina is gewandeld, dat het boek heeft verlaten en een beetje naïef door de werkelijkheid danst, alsof hij die altijd naar zijn hand kan zetten.

Want dát is zijn spel: dansen, lachen, flirten met de bal. Het is voetbal zonder zwaarmoedigheid.

Op de middag voor Barcelona - Sevilla, in de lobby van Hotel Princesa Sofia, vlak naast Camp Nou, schuiven volwassenen gordijnen opzij en gluren ze zenuwachtig en geconcentreerd naar buiten. Op wie wachten ze? Aha, daar is de bus met Barcelona.

En daar is Ronaldinho. Zonnebril op tegen de bewolking, witte pet, klep naar achteren. Hij zet een paar handtekeningen, laat zich fotograferen en lacht de bekendste tanden van Catalonië bloot.

Opa's kijken even later in de schermpjes van hun digitale camera's. Ze zijn blijer dan hun kleinkinderen met de vangst van de dag.

Ronaldinho's punter in het duel met Chelsea is misschien wel het doelpunt van het jaar 2005. Uit stand genomen, vanaf de rand van het strafschopgebied, terwijl hij zelf een beetje de andere kant opkijkt. Bijna achteloos passeert hij een van de beste doelmannen in de wereld, Cech. Zijn hakballen en onverwachte passes, zijn werklust en spelvreugde, ze dragen bij aan de cocktail van kijkgenot die zelfs mensen die weinig op hebben met voetbal naar de buis trekt.

Kijk voor de aardigheid op de website youtube.com, en klik naar Ronaldinho. Dan zie je onwaarschijnlijke schijn- en passeerbewegingen: l'elastica, de fameuze passeerbeweging die ook Ibrahimovic tot zijn repertoire rekent.

Die gaat als volgt: met de buitenkant van de rechtervoet de bal even mee naar buiten nemen en dan, in één vloeiende beweging, met de binnenkant passeren, binnendoor. Als elastiek, op topsnelheid.

Dan la bicicleta, de schaar, d'espero, de hakbal in alle soorten en maten, estil Laudrup, de stijl van Laudrup: de ene kant op kijken en de andere kant op spelen.

Espaldinho is spelen met de rug en la vaselina de stiftbal. En bijna nooit is het circus met Ronaldinho. Ja, het oogt soms als circus, maar als de bal even later in het net ligt of een medespeler vrij voor de doelman staat, blijkt dat het eerder magie is.

Zet de dvd La Magia op en je zoontje van zeven pakt een bal en gaat meteen aan de slag. Ronaldinho werkt aanstekelijk.

Per ongeluk een keer het spelershome van Barcelona ingelopen. Daar zaten alle spelers verzameld rond de verhalende, gebarende en grappende Ronaldinho, de sfeermaker.

Op de dvd zegt technisch directeur Beguiristain: 'Iedere speler die wij benaderen, vraagt hetzelfde: blijft Ronaldinho bij Barcelona?'

En de voetballer zelf: 'Mijn vader en broer hielden er niet van als ik huilend thuiskwam omdat ik had verloren. Die gaven me dan op mijn kop. Je moet trainen, de dingen goed doen en blij naar huis komen.' Dat is hij nooit vergeten: blij naar huis komen.

Assistent-trainer Henk ten Cate: 'Als hij lacht, lacht iedereen mee. Hij is een hele vrolijke Frans. Een jongen die warmte nodig heeft en daarvoor veel teruggeeft.'

Ten Cate werkte een week lang individueel met Ronaldinho in diens eerste jaar, toen de Braziliaan na een blessure de vorm miste. De speler droeg daarop zijn eerste doelpunt op aan Ten Cate, die zegt: 'Voor mij wordt het zo langzamerhand gewoon omdat ik elke dag met hem werk. Maar ik kan me voorstellen dat mensen die hem af en toe zien langsflitsen genieten in optima forma.

'Maar hij heeft ook gebreken. Ook hij heeft hulp nodig. Zijn omschakeling kan beter. Als je op het allerhoogste niveau wedstrijden wilt winnen, moet iedereen zijn steentje bijdragen. Hij hoeft niet als een gek terug te verdedigen, maar hij moet goed positie kiezen. En hij geniet wel eens een moment te lang van het spel.'

De vraag blijft of Ronaldinho kan aansluiten bij Pelé, Maradona en Cruijff. Volgens Ten Cate is het onmogelijk types en tijden te vergelijken. Pelé was vooral een icoon van de jaren zestig, Cruijff van de jaren zeventig en Maradona van de jaren tachtig. Romario, Ronaldo en Zidane waren de besten van de jaren negentig, zonder de drie eerstgenoemden te evenaren.

Ten Cate: 'Zidane is niet zo groot als Ronaldinho, ook omdat hij niet zo van drukte houdt. Als je over twintig jaar tegen Zidane zegt: jij kon vroeger geweldig voetbalen, zal hij antwoorden: nou, het ging wel aardig, maar er waren veel betere spelers.

'Ik denk dat over twintig jaar niet zo heel veel mensen meer spreken over Zidane. Wel over Maradona, Cruijff en Pelé. En ook over Ronaldinho.'

Meer over