Coureurs moeten bij Pinksterraces flink improviseren Hardrijden met auto's in Zandvoortse bouwput

Autoracen in overgangstijd. De traditionele Pinksterraces vonden ditmaal plaats in een bouwput. Geen pits, want die zijn in herbouw. En dus ook nog geen VIP-rooms (want bovenop die pits gesitueerd) die Zandvoort straks hopelijk weer aansluiting moeten geven bij de Formule-1-wereld....

Van onze verslaggever

Henk Strabbing

ZANDVOORT

Zandvoorts circuitdirecteuren leken sedert de fameuze Hans Hugenholtz de laatste, pakweg, twintig jaar een gevecht tegen de bierkaai te leveren. De onmiddellijk na de oorlog gebouwde baan vond in de ogen van de Formule-1-wereld (lees: opperbaas Bernie Ecclestone) steeds minder genade totdat het medio jaren tachtig echt uit was. De baan was achterhaald en toenemend onveilig, de infrastructuur een ramp.

Maar onder Hans Ernst, sedert 1988 aan de touwtjes, wil het Circuit Park Zandvoort weer omhoog. Er zijn 14 miljoen geleende guldens beschikbaar voor een nieuw pitscomplex (nu dus in aanbouw), een nieuwe hoofdtribune en de verlenging van de nog maar onlangs ingekorte baan tot een lengte die tegenwoordig voor Formule-1-races vereist is. De problemen die het aanpalende vakantiepark Grandorado in de afgelopen jaren heeft gemaakt vanwege de geluidshinder, lijken nu voorbij. Het enige waar Ernst geen vat op heeft, is de allerbelabberdste bereikbaarheid van Zandvoort. Er was gisteren een fractie van de toeschouwers die naar een Grand Prix komt en toch zaten na afloop de wegen rond Zandvoort potdicht.

De races van gisteren stelden beduidend minder voor dan de grootse plannen. Het Auto Trader DUTCH Touring Car Championship kan op geen enkel punt concurreren met de gelijknamige serie in Engeland. Het Engelse toerwagenkampioenschap trekt al jaren, ook internationaal grote namen, maar in Nederland schrijven slechts een paar derderangs Duitsers zich in. Niets kwaads van winnaar Duncan Huisman, maar de tegenstand is miniem.

Het grote slotnummer, de Ferrari-Porsche Challenge (met wel erg veel Porsches en erg weinig Ferrari's), viel noodgedwongen uiteen in twee manches door de enorme klap die de Duitse Porscherijder Rolf Eimermacher maakte. Hij schoot met defecte remmen in de Tarzanbocht rechtuit met een snelheid van ver over de tweehonderd kilometer per uur en daar bleek de uitloopmogelijkheid in de grindbak te gering. Het zag er aanvankelijk ernstig uit want het duurde lang voordat de Duitser uit zijn wagen kon worden bevrijd. Toch wist het publiek al ruim een kwartier voor de officiële mededeling dat er 'slechts' sprake was van een gebroken been; er stonden zeer veel particulieren met mobiele telefoons langs de kant en het werd een lopend vuurtje.

De beste wedstrijd was de 'merkenrace' van uitsluitend Renault Méganes. Er werd hartstochtelijk gebakkeleid om de koppositie tussen Marcel Alderden en Fred Hehl, door de eerste gewonnen. Om de derde plaats ging het lang tussen vader Michael en zoon Sebastiaan Bleekemolen. Zoonlief bleek het snelst, wat senior niet erg zinde want die vond achteraf dat ze samen naar het tweetal aan de kop hadden kunnen rijden wanneer Sebastiaan niet voortdurend zigzaggend had geprobeerd pa achter zich te houden.

Meer over