Cats wil plezier terug bij zwemmers

De Nederlandse zwemwereld snakt naar nieuwe tijden. Het debacle van de Olympische Spelen van Rio, nul medailles in het zwembad, heeft er diep in gehakt. André Cats is als nieuwe technisch directeur de man om die pijnlijke herinnering uit te wissen.

André Cats Beeld ANP
André CatsBeeld ANP

Vrijdag presenteerde de voormalig zwemtrainer, hij was tussen 2003 en 2005 bondscoach bij de KNZB, zich aan de omgeving die hem zo bekend is. 'Ik keer terug in de wereld die mij zo veel gebracht heeft.'

De Fries, in 2008 vertrokken naar de paralympische sport, toonde zich positief over de vier jaar die tot de Spelen van Tokio (2020) voor hem liggen. 'Ik heb er zin in. Ik ervaar veel positivisme. Mensen snakken naar een herstart. Ik wil motiveren en verbinden. Ik wil binnen de KNZB muurtjes afbreken. Ik wil leiding geven aan een brede succesvolle afvaardiging naar Tokio.'

Een betere sfeer is benodigd. De komst van Cats maakte scherpe critici als Johan Kenkhuis (NOS-commentator) en Pieter van den Hoogenband (Telegraaf-columnist) vriendelijker van toon. 'Pieter heeft mij gebeld. Van Johan kreeg ik sms'jes. Ze hebben me gefeliciteerd', aldus Cats, die in 2005 als hoogste zwembaas het veld moest ruimen voor Jacco Verhaeren en ging werken bij de afdeling talentontwikkeling van de zwembond.

Hij was destijds geen man om hard op de trom van verontwaardiging te slaan. Hij kende zijn plaats. Vrijdag zei Cats nog hoe interessant hij die tijd met de talenten had gevonden. Hij werkte toen al samen met Marcel Wouda, die intussen door Cats is gepromoveerd tot hoofdcoach van het Nederlandse zwemmen.

De positieve reacties van Kenkhuis en VdH dienen wat Cats betreft vergezeld te gaan van wijder gedeeld enthousiasme. 'Mijn wens is dat heel Nederland zich bekommert om het zwemmen en zich positief opstelt. Ja, iedereen mag een eigen mening hebben in dit land. Maar dit is maar een simpele sport. Het is heen en terug. Ik hoop dat niemand zand in de raderen gaat gooien. Ik zal beide mannen en met hen vele andere mensen vragen: wat kan jouw bijdrage aan het zwemmen zijn.'

Cats ontkwam er niet aan terug te blikken op de Olympische Spelen van Rio, waar alleen de openwaterzwemmers Sharon van Rouwendaal en Ferry Weertman een gouden medaille wonnen. De analyse was wat Cats betreft simpel. 'Er zijn in de planning fouten gemaakt. Een goed plan, dat er eerder was, met een trainingskamp in Brazilië, is vervangen door een veel minder goed plan. De laatste voorbereiding is in zwemmen van cruciaal belang.'

De technisch directeur wees met een zekere gretigheid op het plan van zijn paralympische zwemmers, in Rio gecoacht door de nu naar de valide zwemmers getransfereerde Mark Faber. Veertien dagen in Portugal, tien dagen voor de Paralympische Spelen in Rio. Het leidde tot 21 medailles. 'Dat plan klopte gewoon. 80 procent van de persoonlijke records werden verbeterd.'

Er was geëvalueerd door een commissie onder leiding van oud-hockeyer Marc Delissen. Er zaten oud-zwemmers als Maarten van der Weijden en Hinkelien Schreuder bij, maar Cats zei van het rapport ('niet iets om vrolijk van te worden') dat hij de technische inbreng van een trainer had gemist. 'Er is op dat gebied veel onbelicht gebleven.' Hij beloofde dat nog te gaan inhalen.

Het rapport ging veelal over de sociale problematiek. Door de matige relaties in de staf, zonder de thuisgebleven technisch directeur Joop Alberda, was veel energie verloren gegaan. Nog erger in de ogen van Cats: 'Dat sporters niet met plezier terugkijken op de Spelen van Rio. Elke jonge talentvolle sporter hoort te dromen van de Olympische Spelen. Het moet een positieve ervaring zijn, zodat je daar later met trots aan je kleinkinderen over kunt vertellen.'

Meer over