Boonen snoert zijn critici de mond

Een wielrenner die af en toe wint, krijgt een bos bloemen, schudt de plaatselijke weldoeners de hand en komt met zijn verhaal in de krant....

Van onze verslaggever Mark Misérus

Een renner die al te veel succes heeft gehad, kan geen goed meer doen. Het principe had twee jaar lang tegen hem gewerkt, vertelde Tom Boonen na zijn broodnodige overwinning in Parijs-Roubaix.

Behendig omzeilde hij de vragen waarop iedereen het antwoord wilde weten, al stond de waarheid op zijn gezicht geschreven. Boonen was niet opgelucht, maar ‘heel tevreden’. Op de vraag of met zijn tweede zege in de klassieker het passende antwoord was gegeven, zweeg hij veelzeggend. ‘Ik ben tevreden en ik hoop dat heel België dat met mij is.’

Voor het eerst in tijden hoefde hij eens niet door het stof bij de achterban die zich twee jaar lang morrend had afgevraagd waarom de overwinningen in de belangrijkste wedstrijden uitbleven. Drie etappes en het eindklassement in de Ronde van Qatar plus een etappe in Californië in 2008 hadden het ongenoegen niet kunnen wegnemen.

De twee ritzeges die hij vorig jaar boekte in de Tour de France en de groene trui die hij meenam uit Parijs, waren vooral leuk voor hemzelf, was de overheersende gedachte. Er werd zelfs gesuggereerd dat Boonen niet zo veel had gewonnen als de Italiaan Petacchi niet door zijn ploeg was geschorst.

Boonens ploegleider Dirk Demol had zich in zijn eerste jaar bij QuickStep verwonderd over de ‘volle emmers met kritiek’ waarmee de belangrijkste renner van de ploeg werd overladen. ‘Winnen is in zijn geval niet goed genoeg meer. Er is altijd een maar’, zei de Belg, die overkwam van het vorig jaar opgeheven Discovery Channel.

Na elke week die voorbijging, rekenden de Belgische media het opnieuw de renner voor. ‘Deze week zeiden ze: het is 24 maanden geleden dat je een grote koers hebt gewonnen. Dat is waar, maar ik heb sindsdien kleinere koersen gewonnen. Ik heb succes gehad in de Tour’, zei Boonen.

Hij doceerde dat alle grote kampioenen een periode hebben doorgemaakt waarin het succes uitbleef. ‘Je kunt geen wit hebben zonder zwart’, zei de winnaar, al had de voorbije periode meer invloed op zijn gedrag gehad dan hij wilde toegeven.

De Tom Boonen van 2008 viel steeds meer op als een zeurkous, die altijd wel iets te klagen had. Vaak ergerde hij zich aan futiele zaken, waar hij vroeger steeds overheen was gestapt. Niet voor niets was zijn vreugde-uitbarsting op het Velodrome van Roubaix intenser dan drie jaar geleden, toen zijn zege meer waarde had omdat hij een week eerder de Ronde van Vlaanderen op zijn naam had gebracht.

Hij had de extra druk die in de media op hem was uitgeoefend, niet nodig gehad. ‘De verhalen’ hadden bij hem eerder averechts gewerkt. ‘Ik ben altijd gemotiveerd voor een van de grote koersen’, zei hij.

‘Niets’, zei Boonen deze week, toen werd gevraagd wat de parcoursverkenningen hem hadden geleerd. Hij wist van tevoren dat de kasseistroken van Parijs-Roubaix, ‘die er al 200 jaar hetzelfde bij liggen’, dezelfde waren gebleven. Maar hij wilde niets aan het toeval overlaten om zijn seizoen in één keer te kunnen doen slagen.

Drie maanden lang had hij de koers in zijn hoofd afgespeeld. Op elk van de 28 kasseistroken probeerde hij zich voor te stellen welke scenario’s zich konden ontrollen. Met Fabian Cancellara had hij daarin serieus rekening gehouden als concurrent om de overwinning. Met Alessandro Ballan niet.

Toen Boonen vorige week opmerkte dat hij zijn ploegmaat Stijn Devolder de zege had gegund in de Ronde van Vlaanderen, werd dat niet door iedereen geloofd. Maar de kopman zei als veredeld helper de kracht van het ploegenwerk te hebben ingezien. Hij kreeg die waardering gisteren terugbetaald door zijn ploegmaats.

Het verschroeiende tempo dat de QuickStep-ploeg oplegde, leidde er niet alleen toe dat de drie vluchters (met onder anderen de Nederlander Pronk) na 186 kilometer waren ingerekend. Het brak ook het verzet bij Silence-Lotto, de ploeg van Leif Hoste.

Toen een groep van zeven favorieten én de Nederlandse eerstejaarsprof Martijn Maaskant, die met de vierde plaats ook zichzelf verbaasde, zich 50 kilometer voor het einde uit het peloton losmaakte, durfde Boonen zich al de winnaar te wanen.

Hij wist dat hij in de eindsprint iedereen kon verslaan. Zeker toen O’Grady, de winnaar van vorig jaar, het tempo van de koplopers niet meer kon bijbenen. Boonen had aan een kwartronde genoeg op de wielerbaan van Roubaix om Cancellara en Ballan te overtreffen en alle critici voorlopig de mond te snoeren.

Meer over