Bolt en Bekele: mijmeren over een droomrace

Toptijden en titels bezitten Usain Bolt en Kenenisa Bekele in overvloed. Maar wat het tweetal werkelijk bindt en onderscheidt van andere kampioenen is verbeeldingskracht.

De Jamaicaan (23) en de Ethiopiër (27) stimuleren de fantasie. Zij maken het schijnbaar onmogelijke, het ridicule zelfs, plotseling voorstelbaar.

Dat blijkt bijvoorbeeld uit de vragen die ze krijgen. Die aan Bolt zijn gemeengoed. Is 9,40 mogelijk? Is onder de 19,00 mogelijk? Kan je de 100, 200 en 400 meter winnen? Is 9 meter verspringen misschien haalbaar?

Die aan Bekele zijn vooral onder liefhebbers bekend, maar niet minder spectaculair. Kun je 10 jaar op rij de 10.000 meter winnen, bij vijf WK’s op rij? Kun je de 5.000 en 10.000 meter combineren met de marathon? Kun je de marathon onder 2 uur lopen?

Meestal glimlachen ze minzaam. Soms spelen ze het journalistieke spel mee. En altijd lijken ze iets meer te weten dan ze willen prijsgeven, alsof zij precies weten welke geheimen er huizen in hun lichaam.

De meest prikkelende vraag is misschien wel: hoe zou een duel tussen de beste sprinter en beste lange afstandsloper op aarde eindigen, bijvoorbeeld over 800 meter?

De Ethiopiër zou wel wat voelen voor een confrontatie, meent zijn manager Jos Hermens. Net als Bolt is Bekele niet vies van een fors honorarium. Hij is bovendien statusgevoelig. Hij vraagt zich soms af hoe het komt dat de Jamaicaan in korte tijd wereldfaam heeft verkregen, terwijl hij meer titels en toptijden bezit.

Als enige atleet ter wereld is Bekele ongeslagen gebleven sinds de Olympische Spelen van Athene tot Peking. Sterker nog, op de 10.000 meter veroverde hij vorige week zijn vierde wereldtitel op rij.

Als eerste atleet behaalde hij de dubbel op de 5.000 en 10.000 meter, net als vorig jaar in Peking. Op beide afstanden heeft hij de wereldrecords in handen.

En Bekele heeft een handelsmerk: de eindsprint. In de laatste ronde is hij niet bij te houden. Net als Bolt is zijn overwicht zo groot dat zijn tegenstanders zich bij voorbaat kansloos wanen. Zondag liep hij de laatste ronde van de 5.000 meter in 51 seconden.‘Hij verzuurt gewoon 30 meter later dan alle anderen’, denkt Hermens. ‘Dat is een geweldig aangeboren talent.’

Hoewel het Duitse publiek bij de 5.000 en 10.000 steeds verwachtingvol gonsde zodra de bel voor de laatste ronde klonk, en Bekele ze niet teleurstelde met zijn fenomenale sprints, lijkt de populariteitwedstrijd met Bolt voor hem moeilijk te winnen. De smaak van het grote publiek staat vast: de sprint is spektakel, de lange afstanden saai.

Bolt heeft daarnaast de karaktertrekken die hem bij de media geliefd maken. De lange sprinter heeft zijn toptijden gelopen bij de belangrijkste wedstrijden, de Spelen het het WK. Hij is extravert en niet weg te slaan bij de camera. Met zijn grappen en grollen heeft hij de harten van veel kinderen veroverd, ook al stuit dat gedrag traditionele atletiekliefhebbers soms tegen de borst. Als hij niet hardloopt heeft hij meer van een losgeslagen jongen dan een waardige kampioen.

Bekele is zijn tegenpool. Hij is klein en verlegen. In zijn cultuur wordt bescheidenheid en ernst meer op prijs gesteld dan luid en expressief gedrag. Hij heeft zijn mediaschuwheid moeten overwinnen, ook al doordat hij Engels moest leren.

Het onverwachte overlijden van zijn eerste verloofde, de titels die hij in diepe rouw won en zijn latere huwelijk met een Ethiopische actrice zijn met waardigheid afgewikkeld – voor zover mogelijk buiten het oog van de publiciteit.

Van Bolt, die zaterdag op de estafette 4x100 meter zijn derde gouden medaille pakte, is bekend dat hij zich weinig interesseert voor andere nummers dan de sprint. Als hij Bekele al kent, dan pas sinds kort. De Ethiopiër is een bewonderaar van de sprinter. In Peking kopieerde hij diens boogschuttersgebaar na een zege.

Afgelopen week leek hij, net als veel andere atleten, ongedwongener aan de startlijn te staan. Bolt heeft laten zien dat zwaaien, lachen en praten niet ten koste hoeven te gaan van de concentratie. Hij is daarin de trendsetter.

Een rechtstreekse confrontatie met Bolt zou de mondiale status van Bekele verheffen, zeker als hij zou winnen. Over 800 meter zou hij geen kind hebben aan de sprinter, meent Hermens. ‘Hij heeft de 400 meter al in 47 seconden gelopen.’ De toptijd van Bolt uit 2007 is 45,28. Volgens de manager zou alleen een wedstrijd over 600 meter, of slechts 500 meter, spannend kunnen zijn.

Maar leuker zou het volgens Hermens nog zijn om ze gelijktijdig te laten starten. Waar haalt Bekele dan Bolt in?

Het zou uit wetenschappelijke oogpunt boeiend zijn en gokkers de kans bieden op een fijne weddenschap. En het zou natuurlijk de verbeeldingskracht prikkelen.

Meer over