'Beschermde' Kroaten vellen basketbalploeg

Er zijn krachten in de organisatie van het Europese basketbal waartegen landen als Nederland niet opgewassen zijn, maar waarvan landen als Kroatië volop kunnen profiteren....

Van onze basketbalmedewerker

's-HERTOGENBOSCH

Aan de inschrijving en de opstellingen van de deelnemende landen aan het kwalificatietoernooi voor het EK van 1999 is een bindende reglementering voorgeschreven, Nederland kon daardoor veelbelovende spelers als Raoul Heinen en Harvey van Stein niet alsnog aan de selectie toevoegen. Regels die blijkbaar niet voor Kroatië golden, zo bleek weer eens in Den Bosch, waar plotseling wel een speler als Josip Vrankovic in de Maaspoort verscheen, terwijl hij aanvankelijk na het sluiten van de inschrijvingstermijn niet op de officiële lijst van Kroatië voorkwam.

Lucien van Kersschaever, de Nederlandse bondscoach, deed het 'incident' zaterdagavond aanvankelijk af als een onvermijdelijk kwaad en het gevolg van bestuurlijke belangen binnen de FIBA (waar de Kroaat Vrankovic nu eenmaal heer en meester is), maar maakte zich gaandeweg de analyse van de verloren wedstrijd toch wel kwaad over dat onrecht. Immers, niet Dino Radja, de voormalige vedette uit de NBA (Boston Celtics, nu spelend bij Panathinaikos in Griekenland) bepaalde de sfeer en het karakter van de wedstrijd in Den Bosch (zoals voor de hand leek te liggen) maar juist wel een speler als Vrankovic. De Kroatische forward, die overigens veel meer als shooting guard speelde, heerste in de eerste twintig minuten en hield in die fase de strak georganiseerde defensie goed in de hand. Ogenschijnlijk speelde Nederland toen slecht, maar de dwingende hand van Vrankovic - met als logisch vervolg daarop de scorende inbreng van Dino Radja en Damir Mulaomerovic - bracht de ploeg van Van Kersschaever aanvankelijk danig in verlegenheid.

Zeker toen - na afloop fel bekritiseerd, maar door de bondscoach even fel weerlegd - de basis-vijf van Nederland vrij lang op de bank zat en vervolgens spelers als Triemstra, Ormskerk, de Voogd en Melis veel te lang de opponenten van Kroatië vormden. Van Kersschaever had misschien niet de gelukkigste hand in zijn wisselbeleid, want ook Cees van Rootselaar (toch altijd nog 26 minuten actief) imponeerde nauwelijks.

Eigenlijk verdiende in de eerste helft alleen Eric van der Sluis een voldoende. Rond de achtste minuut lanceerde hij drie driepunters op rij en hielp daarmee Nederland zowaar aan een 17-16 voorsprong. Maar die luxe kon slechts enkele minuten gekoesterd worden toen ook Josip Vrankovic de juiste richting vond, zodat er even sprake was van een duel (Van der Sluis contra Vrankovic) binnen de wedstrijd. De daarop volgende wisselingen in de Nederlandse formatie deden de wedstrijd echter geen goed. Kroatië herstelde de schade en rond de twaalfde minuut ontstond het eerste echte gat (21-29) in de score.

Kroatië kende het gevaar van de Nederlandse ploeg, met name de lengte, en richtte het concept op de uitschakeling van Geert Hammink (volgens coach Medvedec), Nahar en Huijbens (in de visie van aanvoerder Sandro Nicevic). Huijbens speelde overigens - in een 'logisch' vervolg op zijn competitievorm - zaterdagavond en matte een onge-ïnspireerde wedstrijd. In de tweede helft zorgde een opleving van de Bossche forward (vier keer, bijna op rij, scoren) voor 58-63, even later moest de bondscoach Huijbens weer snel naar kant halen toen hij even gemakkelijk Kroatië in staat stelde vijf keer te scoren. De marge werd toen snel 16 punten (58-74) en de kans op een verrassende ontknoping verspeeld.

Een ander facet bepaalde overigens ook de sfeer van de wedstrijd. Kroatië als ploeg, maar zeker een speler als Dino Radja (40 minuten spelen en pas ver in de tweede helft de eerste fout krijgen) mag zich meestal verheugen in een schappelijke behandeling van de arbitrage. 'Beschermd' heet dat in het jargon, maar zaterdagavond maakten Sudek (Slowakije) en Latz (Duitsland) daar wel een opvallende vertoning van.

Meer over