Bergkamp heeft geleerd zich te wapenen tegen verdedigers

De mythe is dat het Nederlands elftal mooi moet voetballen. Uitgerekend Dennis Bergkamp (29), een sieraad voor de sport, heeft daar dezer dagen weinig mee op....

Van onze verslaggever

Willem Vissers

LA TURBIE

Miljoenen liefhebbers praten nog vol ontzag over de machina naranja, de oranje machine van het WK uit 1974 met Johan Cruijff als bestuurder. 'Ik denk niet aan mooi voetbal. Nederland heeft twee finales verloren, in 1974 en 1978', zegt Bergkamp nuchter.

In fases, tegen België, Zuid-Korea, Mexico en Joegoslavië, is goed en attractief gevoetbald. 'Maar het gaat echt om het resultaat.' Met een glimlach: 'Dat is nu het belangrijkst: dat we gaan denken als niet-Nederlanders.'

Bergkamp was een jonge speler van Ajax toen het Nederlands elftal in 1988 de Europese titel veroverde. 'Ik weet echt niet meer of dat met goed voetbal gebeurde', spot hij. Nederland speelde zeker twee duels (tegen Engeland en West-Duitsland) voetbal van uitzonderlijk niveau.

Door de schorsing van Kluivert werd hij de 'diepe' spits van Oranje, de pion die het verst in de vijandelijke linie moet doordringen. Cocu is als de verkenner die rondom hem veel werk opknapt. 'Je moet als diepe spits iets meer tolereren. En uitdelen, op de goede momenten.'

Onlangs, voor het duel met Joegoslavië, ontnam bondscoach Hiddink hem aangever Jonk. Bergkamp zou met de vuist op tafel kunnen slaan en zeggen dat hij Jonk achter hem wenst, en Kluivert als frontsoldaat. De speler van Arsenal laat het na.

'In de wedstrijd tegen Joegoslavië leek het de eerste tien minuten alsof ik met een zak aardappelen op mijn rug liep. Zo loom was ik. Dan zet je je ertoe aan om een paar sprintjes te trekken, ook al krijg je de bal niet. Het was zó vervelend als spits. Je gaat met de bal mee, van links naar rechts, maar je krijgt geen bal.'

-Mis je Wim Jonk als aangever?

'Er waren momenten dat de tegenstander op één lijn speelde. Ik heb een paar keer naar achteren geroepen dat ze die bal eroverheen moesten lepelen. Zo ontstond ook het doelpunt. Dat had ik meer willen zien. Wim neemt de bal aan en krijgt hem ook naar voren. Dat is voor mij heel lekker, maar voor het team soms dodelijk.'

-Jij bent misschien de beste speler van het elftal, maar je pleit niet voor Jonk en/of Kluivert, spelers die je mogelijk beter laten renderen?

'Nee. We hebben een behoorlijk team. Als je ziet hoeveel jongens wedstrijden kunnen beslissen, moet je niet alles op één speler afstemmen. De keus is puur aan de trainer. In de staf zitten ook genoeg ex-internationals met ervaring en verstand van zaken. Ze weten dat ik op beide posities kan spelen.'

De voetballer van het jaar in Engeland heeft zich ontwikkeld en niet alleen in positieve zin. Tegen Joegoslavië trapte hij gemeen in de buik van Mihajlovic, nadat hij een elleboogstoot had gekregen. Vooral in Italië, in zijn periode bij Inter, ontstond het besef dat hij zich diende te wapenen tegen gemeenheid van knijpende verdedigers, van mannen die bewust op tenen gaan staan.

Op het WK maakt Bergkamp nochtans een geïrriteerde indruk. 'Dat is een optelsom.' Zijn gedrag is soms toneel; hij wil laten merken dat hij er is. Spugen, ook dat gebeurt, hoewel niet door hem. 'Dat hoort er allemaal niet bij, maar je laat je er toch toe verleiden daarin mee te gaan.'

Ook kan hij een strafschop uitlokken, denkt hij, hoewel nog niet overtuigend. 'Ik zou het niet zomaar doen. Wel in het laatste kwartier, als je achterstaat.' Hij kon de actie van de Engelsman Owen begrijpen. Vlak na een (onterechte) strafschop van Argentinië liet Owen zich vallen om weer op gelijke hoogte te komen.

'Ik zou ook behoorlijk pissig zijn geweest. Wij zeggen dan ook tegen elkaar: probeer het ook maar bij de tegenstander.'

De televisie toont elke noemenswaardige actie talloze malen in herhaling, vertraagd en uit alle denkbare hoeken. Het feilen van de arbitrage valt zo vaker op, en soms ook het gelijk.

Tevens geeft de stortvloed aan beelden een wat vertekend beeld; alsof bij vorige WK's niets gebeurde. 'Het is altijd zo geweest, ook in de competities, maar dat wordt nooit zo duidelijk in beeld gebracht.' Het getrek en gesjor is volgens Bergkamp erger dan vier jaar geleden, toen het WK in verzengende hitte plaatsvond en de dekking minder stringent was.

'Hier wordt het af en toe vervelend. Het is constant duwen en trekken, meestal vóór de bal er is. Dan ben je al uit balans en oogt het heel lullig als je de bal verkeerd aanneemt. De reactie is dan: wat doet hij nou. Maar daar gaat wel wat aan vooraf. Daar raak je door gefrustreerd.'

Aanvallers genieten redelijke bescherming tegen grof openlijk geweld, omdat de tackle van achteren streng is verboden, op straffe van een rode kaart. 'Soms is dat vasthouden net zo erg als een tackle van achteren. Ik kan goed incasseren. De Argentijnen zullen stevig de duels ingaan en gemene trucjes gebruiken. Maar vooral valt me op dat ze voetballend goed zijn, hoewel de ploeg ook kwetsbaar kan zijn.'

Van vroeger herinnert hij zich Brazilië - Argentinië als een 'kickbokswedstrijd'. Maradona kreeg tijdens het WK van 1982 de rode kaart toen hij Batista in het kruis trapte. Van de finale in 1978, toen Bergkamp negen jaar jong was, zijn hem vooral de confettiregen en de bal op de paal van Rensenbrink bijgebleven.

Twintig jaar later speelt hij zijn Nederland - Argentinië, in de kwartfinale van het WK. Een wedstrijd van alles of niets. 'Het echte werk begint nu.'

Meer over