Nieuws

Baankoning Lavreysen baalt van brons

De drieklapper in goud komt er dan toch niet, op het velodroom van Izu. Harrie Lavreysen (24) laat zich zondag op de keirin verrassen door de Brit Jason Kenny (33), dan nog zesvoudig olympisch kampioen. Die gaat er meteen als een raket vandoor als de gangmaker op de elektrische fiets de baan verlaat. Lavreysen slaagt er niet meer in gedurende de drie resterende ronden het gat te dichten. Hij wordt op de streep nog geklopt door de Maleisiër Mohd Awang.

Harrie Lavreysen met de bronzen medaille tijdens de huldiging van de finale keirin. Beeld ANP
Harrie Lavreysen met de bronzen medaille tijdens de huldiging van de finale keirin.Beeld ANP

Met zijn vroege aanval voorkomt ‘King Kenny’ op de valreep de totale omverwerping van zijn olympische regime door de ‘Lichtflits uit Luyksgestel’. Die had zijn zinnen gezet op drie gouden medailles; het zijn er twee geworden, in de teamsprint en de individuele sprint, het koningsnummer in het baanwielrennen. Op de teamsprint had de Brabander de Brit nog zien ploeteren, toen die als laatste man in de finale de rol van zijn voorganger moest lossen. Het leek toen nog op een stuiptrekking van een vorst in zijn laatste dagen.

Lavreysen baalt, zegt hij tegen de NOS. ‘Ik was echt klaar voor de finale. Ik had het gevoel dat het er nog steeds in zat.’ Met lede ogen had hij gezien hoe de Australiër Matthew Glaetzer achter Kenny het gat liet vallen. ‘Dan zit je achterin en dan denk je: jongens, ga nou rijden, ga nou rijden. Daar rijdt de olympisch kampioen. Mij lukt het niet vanuit mijn positie. Maar ja, dit is keirin.’

Op hem rustte de afgelopen week de loden last van de hofleverancier in eremetaal. De verwachting waren hooggespannen. Op de WK in Berlijn, eind februari, begin maart vorig jaar, had hij de hattrick in goud wel te pakken, iets wat eerder alleen Britse iconen in deze sport was gelukt: ‘Sir’ Chris Hoy en bovengenoemde Kenny. Zelf ging hij er niet gebukt onder. Hij blikte niet vooruit naar mogelijke resultaten. Voor hem telde slechts één opdracht: nog beter worden. Het zal nodig zijn op de Spelen, waarop iedereen in staat zal blijken grenzen te verleggen.

Ook toen die werden uitgesteld, bleef hij er na een eerste schrik stoïcijns onder. Vanaf het moment dat hij de BMX voor gezien hield, na aanhoudende blessures en valpartijen, en koos voor de overdekte wielerbaan, heeft hij zich elk jaar verbeterd. Dat moest hij dan maar weer klaarspelen. De selectie kreeg meer tijd voor een nóg preciezere afstelling van het materiaal, voor specifiekere training, voor nog maar eens een test. Lavreysen boekt winst met extra uren in het krachthonk. Hij kan een nog groter verzet trappen en een hogere snelheid halen. Het bankdrukken levert hem sterkere armen op, waardoor hij het stuur beter kan vasthouden. Het blijft oppassen: zijn schouders schieten na al die duikelingen op de BMX snel uit de kom, hij slaapt met lusjes om de polsen om dat te voorkomen.

Bondscoach Hugo Haak compenseerde het ontbreken van wedstrijden op een bijzondere manier: ze werden gesimuleerd. Op de baan van Omnisport in Apeldoorn, het thuishonk van de selectie, reden de sprinters tegen elkaar, soms met de lichten aan en de verwarming uit en andersom als onderdeel van een poging sfeer te creëren. Ze plakten er een stempel op: het EK Apeldoorn, of GP Apeltown. Ze overnachtten bij hotel Van der Valk, de plek waar ze ook verbleven tijdens het succesvolle EK van 2019. Ze liepen langs hetzelfde ontbijtbuffet, nuttigden hetzelfde diner. Haak: ‘We hebben het één op één gekopieerd, al doe je niks aan de lege stoeltjes en de stilte op de baan. Het ging harder dan op wereldbekers.’ Toegegeven: de tijden van Berlijn, waarin op de teamsprint naar een wereldrecord werd gereden, zijn nooit gehaald. ‘Daar heb je de wedstrijdspanning voor nodig, de adrenaline, het besef dat het om de knikkers gaat.’

Lavreysen verscheen messcherp in Tokio. In de teamsprint vormde hij als tweede man in elke heat de betrouwbare fundering voor het succes, met tijden net onder of boven de 12 seconden. In de sprint, drie ronden één tegen één, liet hij herhaaldelijk zien te beschikken over de hoogste topsnelheid, zelfs in de heftige duels met vriend en rivaal Jeffrey Hoogland. Dat in Izu het profiel van de baan in de bochten een versnelling buitenom lastig maakte, deerde hem niet. Ook in tweede positie kon hij vertrouwen op zijn verzengende tempo.

In de keirin op zondag oogt de lichtflits dan toch wat fletser na de flonkeringen eerder in de week. Op zaterdag was al een herkansing noodzakelijk geweest, nadat hij zich had laten insluiten. In de kwart- en halve finale slaagt Lavreysen er niet in de wedstrijden naar zijn hand te zetten door simpelweg harder te rijden dan de anderen. Hij moet alle zeilen bijzetten om verder te komen. Met bijna chirurgische precisie eindigt hij op de vereiste vierde en derde plek. Hij zegt het zelf ook. ‘Ik was gisteren en vandaag op, helemaal gesloopt. Ik was al blij dat ik de finale haalde.’

Dat direct na de finish de smaak van brons even die van tweemaal goud verdringt, zal niet blijvend zijn, verwacht hij zelf. Lavreysen: ‘Als ik later hierop terugkijk, denk ik dat ik heel tevreden kan zijn. Ik moet hier heel blij mee zijn. Drie medailles. Dat is ongelooflijk. Ik heb gewoon nog wat tijd nodig om het te beseffen en ervan te genieten.’

Lavreysen en Awang nemen na de huldiging op het podium gezamenlijk Kenny op de schouders, die zijn zevende olympische titel heeft bijgeschreven; de eerste dateert van Peking, 2008. Het is een gebaar van respect, misschien wel ontzag, voor zo’n staat van dienst. Maar Kenny weet ook dat degene hem nu torst, toch echt de nieuwe koning van het baanwielrennen is.

Meer over