Autopech voor ‘Bobby’ Doornbos in Amerikaans racecircus

Op het circuit van Zolder was de belangstelling een week eerder nog aan de lauwe kant geweest. Maar in Assen vielen Robert Doornbos staande ovaties ten deel van goedgevulde tribunes toen hij zondagmiddag zijn rode Minardi door de eerste bochten stuurde....

Mark Misérus en Jiri Büller

Plukjes oranje kleurden de tribunes van het motorcircuit dat, hoogst ongewoon, vierwielers op de baan toestond. Sinds de verdwijning van Christijan Albers uit de Formule 1 is de belangstelling voor Doornbos toegenomen. De Rotterdammer met de rappe tong wordt in Assen door 61 duizend mensen binnengehaald als een verloren zoon.

De warme ontvangst in eigen land streelde zijn ego. Doornbos vond het uiterst spijtig dat hij de mensen, die soms 150 euro hadden betaald voor een kaartje, niets had kunnen teruggeven. ‘Ook zij blijven ’s nachts op om de Champ Car te kunnen zien. Ze hebben net zo’n jetlag als ik na weer zo’n vlucht. En dan ben ik eindelijk eens thuis, dan krijg je dit.’

Met ‘gekromde tenen’ was hij na een kleine anderhalf uur racen uit de auto geklommen. De wedstrijd kon als een drama worden aangemerkt. Doornbos, gestart vanaf de negende plaats, hield vier coureurs achter zich, maar moest er drie keer zoveel voor zich dulden. ‘Van de auto klopte niets.’

Met twee pitsstops was rekening gehouden. Het werden er vijf. Het enige onderdeel van de auto dat naar behoren functioneerde was de radioverbinding, zei Doornbos, niet eens cynisch.

Moeiteloos somde hij de ‘hoogtepunten’ op van de elfde wedstrijd van de kalender, die volgens hem uitdraaide op een demonstratierace. Slechts een keer eerder bracht hij het er slechter vanaf. In Long Beach eindigde hij eveneens als dertiende.

Bij de eerste pitsstop had een monteur van Team USA de brandstofspuit niet diep genoeg in de auto gestoken, waardoor te weinig benzine werd ingespoten. De tactiek om zo vaak mogelijk de auto vol te tanken, zodat op vol vermogen kon worden ingehaald, mislukte ook. Niemand wist hoe de auto op de juiste manier kon worden afgesteld.

‘Heb ik genoeg brandstof om het einde te halen?’, vroeg Doornbos een paar ronden voor de finish. Ja hoor, klonk het geruststellend in zijn oortje. Voor het ingaan van de laatste ronde, toen de Brit Justin Wilson al lang zeker was van de overwinning, werd de auto toch nog naar binnen geroepen. De tank was bijna leeg.

Dat kon er ook nog wel bij, zei Doornbos, die er zoals altijd zijn gemoedstoestand niet door liet beïnvloeden. Wel had hij voor de eerste keer sinds zijn debuut in de tegenhanger van de Formule 1 ‘hard moeten werken’.

In Amerika is het ritme steeds hetzelfde. De coureur wordt voor elke race ingevlogen, rijdt zijn trainingen en kwalificatieronden en wacht op zijn hotelkamer de hoofdrace af.

In Assen werd hij geacht drie dagen promotiewerkzaamheden te doen. Doornbos poseerde met een schaap, signeerde voor de lokale jeugd en hoorde geduldig de toespraak van de burgemeester aan.

Sneller dan hijzelf kon bevatten, is de status van Doornbos gerezen in het racecircus dat niet is gespeend van showelementen. Hij verbaasde door in de eerste zes races vijf keer het podium te bereiken. De rookie liet in het Canadese Mont Tremblant, en later ook in San José, zelfs het hele veld achter zich. Inclusief tweevoudig kampioen Sebastien Bourdais uit Frankrijk, die volgend jaar in de Formule 1 uitkomt voor Toro Rosso.

Doornbos geeft het volk wat het wil door met een haast Amerikaanse trotsheid de raceklasse voortdurend de hemel in te prijzen. Al snel was ‘Bobby’ een begrip in de raceserie, die door alle koddigheid en ontspanning de zucht naar geld naar de achtergrond heeft gedrongen, zo lijkt het.

De pitspoezen hadden zondag geen idee hoe ze zich moesten opstellen om het bord met sponsornamen in beeld te houden. Klassementsleider Bourdais lurkte vrolijk keuvelend aan een flesje water. Niemand had haast. Kom daar maar eens om in de Formule 1.

Doornbos voelt zich op zijn gemak in de Champ Car. Wel zei hij dat hij de laatste tijd vaak moet denken aan Lewis Hamilton, die door zijn overdonderende debuut in de Formule 1 een grote kans maakt kampioen te worden in het walhalla van de autosport.

‘De situatie waarin hij verkeert, is ideaal. Hij heeft de beste auto en staat bovenaan. Het is alleen maar hosanna. Maar als je in het middenveld zit te kloten, krijg je algauw die politiek erbij en dan is het meteen een stuk minder leuk.’

Eens wil de voormalige coureur van Minardi terugkeren tussen de paradepaardjes van Bernie Ecclestone. Maar geef Doornbos voorlopig maar de Champ Car, waarin een coureur volgens hem ook kan winnen als hij niet bij het beste team onder contract staat.

‘Dat geeft voldoening als sportman. Daarom past deze raceklasse bij me.’

Meer over