Arme Leblanc. Redt zijn Tour het nog tot Parijs?

Jean-Claude Killy, de hoogste in bewind van de Société du Tour de France, sprak gisterochtend ferme taal in de Franse sportkrant L'Equipe....

Van onze verslaggever

Marcel van Lieshout

AIX-LES-BAINS

Bij de Franse justitie wordt L'Equipe kennelijk niet zo goed gelezen als Le Monde. Die kwaliteitskrant schreef vorige week al dat de in vele opzichten besmette Tour van 1998 maar beter terstond kon worden gestaakt. Justitie in Frankrijk vatte dit hoofdredactionele commentaar blijkbaar als een oekaze op.

Arme Jean-Marie Leblanc. Gemangeld van twee kanten (boze renners, ploegleiders en sponsors versus een onwrikbaar justitie-apparaat) is de directeur van de Tour de France dezer dagen de minst benijdenswaardige man van Frankrijk. De wijze waarop Leblanc gisterochtend bij de start in Albertville 'zijn' ronde trachtte te redden zei in wezen alles over alweer een zwarte dag in de Tourgeschiedenis.

Heel warm was het in Albertville en ook de renners broeiden en gloeiden bij de start van de zeventiende etappe naar Aix-les-Bains. De politie-inval bij het TVM-hotel, de avond tevoren, had het peloton tot het kookpunt gebracht. Een solidariteitsactie? Staking? Het definitieve einde van de Tour van 1998?

Daar zat ie dan in zijn koerswagen, Jean-Marie Leblanc. Zwetend, vooral ook van de angst. De renners stonden opgesteld voor vertrek toen de Oekraïner in de TVM-ploeg, Sergej Oetsjakov, zich een weg naar de eerste rij baande en zijn fiets demonstratief dwars 'parkeerde'. Om vervolgens met de eveneens naar voren geslopen klassementsleider Pantani aan het smoezen te slaan.

Cameraploegen en fotografen rukten onmiddellijk op. Een waar cordon aan persvertegenwoordigers ontnam eenieder het zicht op de eerste rijen van het peloton. Totdat een woedende Jean-Marie Leblanc ingreep. Boos stapte hij uit zijn auto, duwde alles en iedereen opzij, maande zijn wedstrijdcommissaris de startvlag gereed te houden en gaf het signaal tot vertrek.

De 134 renners zetten zich inderdaad in beweging en zo had althans nog één ingreep van Leblanc op deze memorabele woensdag enig succes. In het vervolg van de dag veranderde hij van een directeur van een van 's werelds grootste evenementen in een zielige, smekende en zelden gehoorde figuur.

Of de renners er in Godsnaam een echte etappe van wilden maken, vroeg Leblanc. Het antwoord luidde 'nee'. De zeventiende etappe van de Tour de France werd tweemaal onderbroken door de renners. Drie ploegen (Once, Banesto en Riso Scotti) stapten gedurende de 'koers' collectief af. De belangrijkste afzwaaier, Once-kopman Jalabert, lichtte toe: 'De heksenjacht moet stoppen. Wielrenners zijn geen criminelen.'

Of het publiek 'het feest van de zomer' in zijn waarde wilde laten, vroeg Leblanc. Weer was het antwoord 'nee'. De renners, de prooi van de op doping jagende justitie, werden weliswaar toegejuichd maar anderen (bijvoorbeeld de vertegenwoordigers van de organisatie zelf) werden onderweg naar Aix-les-Bains bespuwd en beschimpt. Eenmaal werd de etappe-die-geen-etappe-was zelfs stilgelegd door het publiek.

Of justitie de eis van de renners (actieleider Bjarne Riis: 'Geen politie-invallen meer in onze hotels') wilde inwilligen, vroeg Leblanc. Wederom kreeg hij het lid op de neus. Sterker, terwijl het peloton kalmpjes en in gesloten formatie richting finishplaats reed werden in Chambéry de hotels van Once, Casino en Polti door de politie bezocht.

Arme Jean-Marie Leblanc. Redt zijn Tour het nog tot Parijs? Vaak wordt de internationale wielerwereld als één grote familie aangeduid. Maar als er gisteren één ding duidelijk werd dan is het wel dat de ronde van 1998 in deze familie alleen maar geruzie en verwijdering teweeg brengt. Vooral ook binnen het peloton zelf.

Eensgezind was dat peloton wel in de veroordeling van de 'schandalige wijze' (Riis) waarop de TVM-renners dinsdagavond in Albertville waren behandeld. Tegen de justitiejacht moest geprotesteerd worden, maar hoe en wat en waar?

Al voor de start maakte een zeer emotionele Once-ploegleider Manuel Saiz duidelijk dat zijn ploeg eigenlijk helemaal niet wilde rijden. Telekom, met een zeer stuurs kijkende Jan Ullrich, voelde wel voor een klein protest maar wilde van de zeventiende etappe absoluut een échte wedstrijd maken. Dit was voor Ullrich de laatste kans om nog voor de tijdrit van zaterdag iets van zijn achterstand af te knabbelen.

Eens temeer werd gisteren duidelijk dat het hedendaagse peloton een 'patron' mist. Jalabert (vrijdag nog door Blijlevens 'een groot leider' genoemd) ergerde zich groen en deel en stapte af. Plotseling was Riis tot actieleider gepromoveerd. Namens wie hij in zijn onderonsjes met Tourbaas Leblanc nu eigenlijk sprak, werd evenwel nooit duidelijk.

Ruim twee uur later dan voorzien, rustig pedalerend over de Franse wegen, bereikte een uitgedund peloton dan alsnog Aix-les-Bains. Zo langzaam reed de groep dat ook de verzwakte TVM-renners (die hadden pas 's nachts kunnen eten) makkelijk mee konden. Als eerbetoon aan deze martelaren mochten de TVM-ers van hun collegae als eersten over de streep gaan.

Niet dat die geste enige sportieve betekenis had. Halverwege de 'etappe' had Leblanc al kenbaar gemaakt dat de jury had besloten dat deze 'koers' als niet verreden werd beschouwd.

Niettemin maakte de Tour-organisatie gisteravond, alsof er niets was gebeurd, weer een keurig algemeen klassement op. Daarin staan nog de namen van 116 renners. Of die vandaag allen zin hebben om naar Neuchâtel te fietsen is zeer de vraag. Of het van de hyperactieve Franse justitie wél mag (werd er gisteren ook een ploeg niet door de politie bezocht?) is ook zo'n vraag.

Meer over