REPORTAGE

'Alles moet snel, tot en met de bandenwissel aan toe'

Het is druk in de paralympische werkplaats. Dagelijks voeren honderd specialisten tussen de 200 en 250 reparaties uit, aan rolstoelen, protheses en ander materiaal. 'Het zijn net chirurgen.'

Een medewerker last turbowieltjes onder een rolstoel. Beeld Inge Hondebrink
Een medewerker last turbowieltjes onder een rolstoel.Beeld Inge Hondebrink

Achter in de grote werkplaats in het Paralympische Dorp staat een hoge houten kist. Bestemd voor versleten onderdelen, kapotte banden en ander materiaal. Op de bodem van de kist liggen twee geelachtige voeten, kunstvoeten, van epoxyhars of een ander soort hard kunststof. Afgedankt, vervangen, einde verhaal.

Het is een sinister doch alledaags element in de garage van Ottobock, een Duitse fabrikant van rolstoelen, kunstbenen, protheses en kniegewrichten. Ottobock, 6.700 werknemers over de hele wereld, omzet 1,8 miljard euro, heeft de taak op zich genomen alle 4.342 deelnemers aan de Paralympische Spelen te Rio van technische service te voorzien.

Dagelijks 200 tot 250 reparaties

Soms doen ze zelfs nog meer. Rio Woolf komt met zijn ouders uit Engeland het paralympische terrein opgereden. Rio, 8 jaar oud, zit voor de gelegenheid in een rolstoel, maar hij, de jongen die een been mist, krijgt een betere aanpassing aan het bovenbeen van de springveer, de blade, waarmee hij sport bedrijft en naar school rent.

Het kost niets, zegt Anna Parisi van Ottobock. Zoals alle service in het dorp en de aanpalende en ver weg gelegen parken als Deodoro en Maracana gratis is. Per dag worden er 200 tot 250 reparaties uitgevoerd. Ze noemen het zelf de pitstraat uit de Formule 1. Alles moet snel, tot en met een bandwissel aan toe.

Er staan honderd specialisten klaar, die 26 talen spreken. Een Belg neemt de taaltaak voor Nederland waar. 'Maar jullie Frank Jol, de prothesespecialist, is hier ook vaak. Want hij kan nu eenmaal niet al zijn gereedschap en machines meenemen uit Nederland', zegt Parisi.

null Beeld Inge Hondebrink
Beeld Inge Hondebrink

De werkplaats, achterin de reuzentent waar een maand geleden nog vijftienduizend olympiërs aten, is van een Duitse soort. Het is er schoon, de machines blinken. Waar gelast wordt, is het afgesloten. Het is speciaal lassen: titanium en aluminium zijn de metalen die gebruikt worden. Carbon wordt geplakt. Er staan ovens om te vormen. Er wordt uitgehard. Leer wordt nog steeds gesneden. Het is hoogwaardige arbeid.

Jannis Niesmann, vriendelijke Duitser uit Göttingen, werkt aan een prothese. Hij plakt laagjes carbon. Hij is een orthopedisch technicus, opgeleid in het eigen Duitsland. Parisi: 'Het zijn net chirurgen. Het gaat om fijne aanpassingen, precieze aansluitingen.' Niesmann beaamt, terwijl hij gewoon doorwerkt: 'Ons werk is alleen maar maatwerk. Confectie, dus massaproductie, bestaat niet.'

null Beeld Inge Hondebrink
Beeld Inge Hondebrink

Altijd werk

De honderd specialisten werken in twee ploegendiensten. In de nacht is er ook ondersteuning. Als iemand een kapotte racerolstoel heeft en er is een matineuze start, dan staat de wheeler de volgende ochtend klaar. Ottobock, sinds 1988 de partner van het Internationaal Paralympisch Comité (IPC), zegt het niet anders te willen.

Werk is er voortdurend. Sporters die in de aanloop van de Spelen zwaar aftrainen en daarbij gewicht verliezen, krijgen problemen met de koker, de nauwsluitende mouw om het bovenbeen. Soms moet dat bijgewerkt worden.

De gedachte, dat de monteurs en technici het vooral druk zouden hebben met achterstallig onderhoud van materiaal dat door atleten uit de derde wereld bij de garage wordt gepresenteerd, is onjuist. Parisi: 'We hebben het vooral druk met de grote landen, zoals Groot-Brittannië, de VS, China en Brazilië die hier de grootste ploegen hebben heen gestuurd.'

Werk blijft er altijd, zegt de dame van de Duitse multinational. 'Ja, de materialen worden steeds beter, de constructies inventiever. Maar wat zich ook ontwikkelt is de paralympische sport. Het is topsport. Paralympiërs trainen intussen net zo veel als valide topsporters. Het gebruikte materiaal moet gelijke voet proberen te houden met die ontwikkeling.'

Er liggen zestienduizend onderdelen te wachten in het magazijn. Het is in mei verscheept vanuit Duitsland. Elfhonderd banden liggen klaar. Twintig ton materiaal is naar Brazilië vervoerd, per schip, om alle technische tegenvallers op te vangen.

Soms is dat niet eens genoeg. Parisi: 'Voor de intocht bij de openingsceremonie moesten de vlaggen van rolstoelers in een kleine drager worden geplaatst. Rolstoelers willen op zo'n moment nu eenmaal niet geduwd worden. We hebben buizenmateriaal meegenomen en het mooi vorm gegeven. In 2008, in Peking, werden we met die vraag verrast. Toen zijn we gewoon naar de ijzerwinkel in de stad geweest. We lossen hier alles op.'

null Beeld Inge Hondebrink
Beeld Inge Hondebrink
Meer over