Albers keert jubelend terug naar grote liefde

Voor de Nederlandse autocoureur Christijan Albers is Zandvoort meer dan een circuit. 'Het gejoel en het gefluit haalt het beste in me naar boven.'

Van onze verslaggever Mark Misérus

Voor Christijan Albers is Zandvoort meer dan een circuit. Het is zijn grote liefde. De plek waar alle emoties samenkomen.

Nadat hij gisteren derde werd tijdens de Deutsche Tourenwagen Masters, na een tumultueuze race, barstte hij bijkans in tranen uit. 'Het is onvoorstelbaar dat er zo veel mensen achter je staan.'

Als Albers het erepodium betreedt, lacht hij aanvankelijk minzaam. Circuit-directeur Hans Ernst geeft hem een knikje als hij de prijzen overhandigt. Maar als de 25-jarige Albers eenmaal aan de beurt is en de champagnefles leegspuit over de andere twee coureurs op het podium, is hij door het dolle heen. De oerkreet lijkt vanuit zijn tenen te komen.

Zelden zal een sporter zo blij zijn geweest met een derde plaats als Albers op Zandvoort. Op een circuit als, bijvoorbeeld, het Portugese Estoril, is zo'n derde stek leuk, maar niet bijzonder. Hier op Zandvoort wel. Hier is Albers thuis. Hij legt het nog maar eens uit in de persruimte, terwijl het zweet langs zijn petje druipt.

'De sfeer is fantastisch hier. Al het gejoel, het gefluit, het haalt het beste in me naar boven. Ik wil hier op het podium staan. Eigenlijk is op zo'n dag de emotionele belasting zwaarder dan de race zelf.' Albers zegt het zachtjes en kijkt vol verbazing om zich heen. Alsof hij zojuist de heilige graal heeft ontdekt.

Het verleden draagt bij aan de liefde die Albers koestert voor het ruim vier kilometer lange duincircuit. Vorig jaar zegevierde hij op Zandvoort. 'Mijn grootste overwinning aller tijden', jubelde hij destijds na afloop. Albers eindigde in 2003 met vier zeges als tweede in het DTM-klassement.

De coureur flirtte mede door zijn goede prestaties openlijk met de Formule 1, maar liep toch een stoeltje mis in de Jordan-renstal. In december hoopt hij op een herkansing, als hij voor Jordan mag testrijden op het circuit van Jerez. Mercedes kon het gelonk van Albers niet waarderen en tikte hem op de vingers, ook omdat hij in twee races puntloos eindigde.

Een stuk opgetogener was zijn werkgever met het noeste strijdplan dat Albers vrijdag ontvouwde. De Larenaar, die negen punten achterstand had op de Zweedse klassementsleider Ekström, geloofde nog steeds in zijn eerste DTM-titel. 'Als ik drie keer als eerste finish en Ekström als derde, ben ik hem voorbij.' De racekalender bevestigde dat Albers zijn zegetocht zou aanvangen op het hem zo geliefde Zandvoort.

Albers vertrok gisteren van de zevende startpositie en leek naast het podium te gaan eindigen. Maar na 23 ronden werd alles anders. In de laatste bocht voor de finish schoot de Schot Peter Dumbreck met ruim 200 kilometer per uur de bandenstapel in.

De klap was enorm: Dumbreck vloog drie keer over de kop en plastic brokstukken dwarrelden als confetti in de rondte. Zandvoort hield de adem in na een van de grootste crashes in de DTM.

De race werd meteen met een code rood stilgelegd en hulpverleners snelden toe. Tot grote opluchting verliet Dumbreck na een paar minuten de kooi van zijn Opel. Wonderbaarlijk genoeg had hij door de crash geen ernstig letsel opgelopen.

In de chaos die volgde, wist de wedstrijdleiding het ook allemaal niet meer. Ze besloot dat er nog tien ronden moesten worden verreden, maar beging bij het bepalen van de startopstelling twee cruciale fouten. De tweede pitsstop van de Italiaanse Pirro werd geschrapt en een stop-and-go-straf wegens duwen van een opponent voor de Brit Paffett werd kwijtgescholden.

De beslissingen waren in het nadeel van Albers, die daardoor vanaf de zesde in plaats van de vierde plaats moest starten. Het zal hem niet hebben gedeerd. Al snel achterhaalde hij Pirro en Paffett en schoot hij zelfs door naar de derde positie.

Dat hij er niet in slaagde Ekström en de Duitser Tomczyk te passeren, nam Albers voor lief. Hij was weer thuis - en zijn vele fans waren dolgelukkig.

Meer over