Nieuws

Achtereekte vindt net op tijd het goede gevoel terug en plaatst zich waarschijnlijk voor Spelen

Schaatsster Carlijn Achtereekte reageerde opgelucht dat ze met de derde plaats op het olympisch kwalificatietoernooi in Heerenveen redelijke kans maakt om haar olympische titel te verdedigen. De 31-jarige Overijsselse van Jumbo-Visma moest alleen Irene Schouten en Antoinette de Jong voor laten gaan.

Dirk Jacob Nieuwboer
Carlijn Achtereekte tijdens de 3.000 meter waarop zij de derde tijd rijdt.
 Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant
Carlijn Achtereekte tijdens de 3.000 meter waarop zij de derde tijd rijdt.Beeld Klaas Jan van der Weij / de Volkskrant

Eigenlijk was Carlijn Achtereekte gewoon ziek toen ze een paar weken geleden meedeed aan de World Cup in Calgary. Ze had geen koorts, ze wist daarom dat ‘er niks stuk kon’, maar normaal gesproken had ze nooit meegedaan. Er was maar een reden: de punten die ze er kon verdienen, zouden Nederland een extra plekje op de Spelen opleveren. ‘En ik had wel zo’n voorgevoel dat ik die misschien wel hard nodig zou hebben.’

Hoe hard bleek maandagavond op het olympisch kwalificatietoenooi (OKT). ‘Dat het mijn goede kant opvalt met 1 honderdste, pfff’, zegt ze na afloop van de rit die haar waarschijnlijk naar Beijing zal brengen. Door haar derde plek op de 3.000 meter mag ze straks de titel verdedigen, die ze in Pyeongchang verrassend won.

Achtereekte wist aan het begin van haar rit dat ze in ieder geval sneller moest zijn dan Merel Conijn, die met 3.59,21 maar liefst 5 seconden van haar persoonlijk record afhaalde. Na haar zouden Irene Schouten en Antoinette de Jong nog aan de beurt komen. Die twee zijn het hele seizoen al beter en eindigden nu ook inderdaad als nummer 1 en 2.

De Sallandse wist dat ze niet de vorm had om die twee te verslaan, maar plek drie, dat moest kunnen, daar hoopte ze op. Met 3.59,20 reed ze een honderdste sneller dan de tijd die haar goud bracht in Pyeongchang. Maar belangrijker voor nu: ze reed ook een honderdste sneller dan Conijn, die als vierde eindigde.

Voorgenomen plezier te hebben

‘Het huilen stond me nader….’, stamelde Achtereekte nog een beetje na. ‘Van blijdschap hoor. En van opluchting. Ja, heel mooi.’ Pas vorige week woensdag kreeg ze het gevoel dat het haar kon lukken. In de maanden daarvoor liet haar lichaam haar voortdurend in de steek en sloeg de twijfel toe. En dat terwijl ze zich nog zo had voorgenomen om dit olympische jaar vooral ook plezier te hebben.

‘Ik schaats om te winnen, maar ik weet ook dat ik er vooral van moet genieten’, zei ze in oktober nog.

Dat ze goud haalde in Pyeongchang kwam voor velen uit de lucht vallen. Ze had wel wat zilveren en bronzen medailles gewonnen, maar nog nooit had ze op het allerhoogste podium gestaan. Vier jaar later is ze nog steeds een van de minst bekende Nederlandse olympische schaatswinnaars en dat vindt ze ook helemaal niet erg.

‘Dat komt misschien omdat ik wat bescheiden ben’, zegt ze. ‘ Ik weet wat ik heb gepresteerd, maar als mensen dat wel of niet weten daar word ik niet minder van. Dat vind ik ook het mooie aan Tom Dumoulin, die houdt ook niet van de aandacht, die wil gewoon zijn ding goed doen. Dat vind ik eigenlijk ook het leukste dat er is.’

Geen extra druk

Van extra druk omdat ze olympisch kampioen was, had ze naar eigen zeggen niet zo’n last. Ze had al goud, nog een keer de Spelen meemaken om die titel te verdedigen zou alleen maar een ‘mooie bonus’ zijn.

‘Je kunt het zo spannend maken als je wil, maar het is nog nooit gebleken dat dat helpt. Zo probeer ik het voor mezelf een beetje leuk te houden.’

Maar leuk was het nog niet echt dit jaar. Achtereekte kwakkelde met haar gezondheid en reed weinig goede ritten op de World Cups. Dat ze zich staande hield in Calgary en zichzelf niet opblies, was een van de weinige dingen waar ze wel trots op was.

‘Dat relaxed erin staan, is niet helemaal gelukt, nee’, lacht ze. ‘Ik vind het superleuk om mijn lichaam uit te dagen. Maar mijn lijf liet me de hele tijd in de steek. En dan beleef je er ook minder lol aan.’

Onverwachts achterstevoren schaatsen

Aan één ding hield ze zich al die tijd vast: een goede of slechte voorbereiding zegt in haar geval weinig. Ook in de aanloop naar Pyeongchang was ze allesbehalve fit, ook toen plaatste ze zich als derde maar net voor de Spelen. ‘Jac Orie (haar coach, red) noemt me wel eens grillig’, lacht ze. ‘Soms kan ik onverwachts achterstevoren schaatsen, maar soms kan ik ook vriend en vijand verbazen.’

Pas vorige week woensdag kwam het goede gevoel terug, nadat ze goed met Orie had gepraat en zichzelf een schop onder haar kont had gegeven. ‘Ga nou eens met je hart weer rijden’, zei ik tegen mezelf. ‘Dat plezier kwam deze week gelukkig weer terug.’

Even wordt ze onderbroken door Irene Schouten, die de rit in een tijd van 3.55,65 won en helemaal zeker is van de Spelen. ‘Je gaat gewoon hè’, zegt haar concurrent terwijl ze Achtereekte stevig knuffelt. ‘Ah, dat vind ik lief’, antwoordt ze. Als Schouten wegloopt, vertelt ze wat die nog meer in haar oor fluisterde. ‘Dat ze het me gunt. Dat is lief toch?’

Correctie: In een eerdere versie van dit artikel werd Achtereekte Twentse genoemd, ze komt uit Lettele, dat ligt in Salland

Meer over