Aanval op positie Armstrong blijft uit

'Ik wens u veel succes bij het opzoeken', zegt Tourarchivaris Jacques Augendre en neemt opgewekt groetend afscheid. Augendre is een beminnelijke bejaarde die de betrekkelijkheid van het leven allang heeft ingezien en zich daarom als een van de weinige Fransen niet druk maakt over het uitblijvende succes in de Tour...

De Franse renners zijn nog niet verder gekomen dan heldhaftige vluchtpogingen van bijvoorbeeld Heulot en eervolle tweede plaatsen van nationaal kampioen Francois Simon.

Zaterdag zat Christophe Mengin in de kopgroep, maar hij eindigde op flinke afstand van winnaar Salvatore Commesso. Een dag later overkwam Jacky Durand hetzelfde toen Dimitri Konisjev als eerste de lijn passeerde. De Tour is ruim twee weken oud en nog steeds heeft het gastland geen landgenoot dat zien doen.

Uit Augendres naslagwerk blijkt dat Frankrijk zes jaar geleden ook lang moest wachten. Pascal Lino won in dat jaar de veertiende etappe als eerste Fransman. Terugbladerend in Les archives was dat in elk geval sinds 1960 niet eerder voorgekomen. Voor de duidelijkheid: deze Tour de France is al toe aan zijn vijftiende etappe.

In Frankrijk wordt het uitblijvende succes in verband gebracht met de dopingkwestie die de Fransen zelf serieuzer denken aan te pakken dan in het buitenland gebeurt. Lino is bijvoorbeeld door Big Mat, zijn eigen ploeg, geschorst omdat hij in het bezit was van corticoïden.

Het zal de interesse geen goed doen. Tot overmaat van ramp lijkt de Tour de France ook sportief gezien in alle stilte te zijn geëindigd. Met de in de Alpen ontstane verschillen was een aanval op de koppositie van Lance Armstrong dit weekeinde alleen maar logisch geweest. De soms nog behoorlijk lastige ritten tussen Alpen en Pyreneeën waren goed terrein geweest voor mannen als Olano, Zülle en Dufaux om een eerste stap in de richting van de gele trui te zetten.

Mark Gorski, manager van de US Postal ploeg, vreesde zaterdagmorgen vooral de etappe van die dag waarin zeven colletjes zaten. Vier jaar geleden sloeg Laurent Jalabert nog een flink gat in een vergelijkbare etappe.

Maar zaterdag werd duidelijk dat de concurrenten hun krachten sparen om elkaar in de Pyreneeën te kunnen betwisten. Zestien renners, die geen enkele toppositie in gevaar brachten, mochten er al na acht kilometer vandoor en konden, ongehinderd door het peloton, om de zege strijden.

De Italianen Salvatore Commesso en Marco Serpellini deden dat in de laatste fase, waarbij de laatste zich liet verschalken door de eerste. De pas 24-jarige Commesso was daarmee de derde renner die in deze Tour de nationale kleuren in vol ornaat toonde. Eerder toonden de Est Jaan Kirsipuu en de Belg Ludo Dierckxsens zich al waardige landskampioenen.

Zondag was de eerste klap ook een daalder waard. Jacky Durand demarreerde tijdens een valpartij in het peloton. Hij kreeg gezelschap van Konisjev. Na ruim zestig kilometer werd het duo een sextet. Ook hen liet het peloton begaan.

Op vijf kilometer voor de streep demarreerde de Italiaan Faresin. Hij kon alleen door Konisjev gevolgd worden. De 33-jarige Rus won net zo eenvoudig als Commesso een dag eerder deed. Na jaren van nogal vruchteloos fietsen, voegde hij daarmee toch nog een pareltje aan zijn mooie palmares toe. Hij had al drie Tourritten op zijn naam staan, maar de laatste dateert al van 1991 toen Konisjev nog voor TVM reed.

In 1989, zijn eerste jaar als professional, werd Konisjev al tweede op het WK in Chambéry. De regenboogtrui was toen voor Greg Lemond en nu is Konisjev van dichtbij getuige hoe Lance Armstrong, Lemonds opvolger, de Tour van 1999 wint.

Meer over