Aantekeningen uit Barcelona

Tonny Bruins Slot legt me een half uur voor de wedstrijd in een koffiebar in Nou Camp geduldig het verschil uit tussen Spaans en Catalaans....

Woensdagavond

Ik spreek Spaans, zegt hij, en hij wijst op zichzelf. Maar zij spreken Catalaans, en hij wijst op de mannen aan het barretje. Ik neem de mannen aandachtig op.

Als wij werden geïnterviewd, zegt Bruins Slot, stelden journalisten de vragen vaak in het Catalaans, maar antwoordden wij in het Spaans. Snap je? Dat snap ik.

Wij is bij Bruins Slot altijd Cruijff en hij. Acht jaar lang was hij in Barcelona de rechter- en linkerhand van Cruijff. Als hij in Spanje Nederlandse journalisten ontmoette, legde hij hen altijd van alles uit, terwijl wij op Cruijff stonden te wachten.

Anderhalf jaar geleden gaf hij me een kwartier lang les over het klimaat in Barcelona. Bruins Slot zei niet klimaat, maar weergebeuren. Toch snapte ik het.

Inmiddels is hij scout van PSV. Vanavond bekijkt hij de wedstrijd op uitnodiging van een Spaans radiostation. Ik vraag hem of het klopt dat Barcelona, zoals Van Gaal heeft gezegd, op de ploeg van Cruijff lijkt. Hij ontkent dat met klem en een lange tactische verhandeling volgt. Cruijff speelt met drie verdedigers, Van Gaal met vier.

De opbouw wordt nu niet door één van de verdedigers verzorgd, zoals vroeger bij Barcelona of bij Ajax, maar door een middenvelder. Dus wat is het gevolg? Ik aarzel. Bruins Slot zegt triomfantelijk: het gevolg is dat Van Gaal een man op het middenveld te kort komt!

Vooral de verdediging van Barcelona acht hij zwak. Als de middenvelders van PSV zich kunnen aansluiten bij de aanvallers, zal de ploeg kansen krijgen. Maar let op Luis Enrique.

PSV krijgt tal van kansen en Luis Enrique scoort twee maal. Als ik Bruins Slot na de wedstrijd weer zie, knipoogt hij.

Woensdagnacht

Wer-ke-lijk uit-ste-kend heeft Joop Daalmeijer na de wedstrijd gegeten, in een visrestaurant ergens in de stad. De directeur van Canal+ is de naam van het restaurant vergeten en hij keert zijn zakken om, want wij moeten weten waar hij heeft gedineerd. Ik zie in de gauwigheid een creditcard en slordig opgevouwen Spaanse bankbiljetten, maar geen kaartje van het restaurant.

De abonneezender Canal+ is een van de sponsors van PSV, vandaar zijn aanwezigheid. Maar wat vraag je als in de hotelbar plotseling Joop Daalmeijer tegenover je staat?

De twee NOS-verslaggevers en ik vragen wat hij van de wedstrijd vond. Daalmeijer vond het, ja, hij vond het toch wel leuk. Hij houdt niet van voetbal, hij vindt er eigenlijk niets aan, maar dit vond hij toch wel leuk. Het is trouwens al de tweede voetbalwedstrijd die hij heeft gezien, de eerste was Ajax - Vitesse.

We vragen hem naar de porno op de zender (van hem hoeft het niet), of het waar is dat Mart Smeets voor hem gaat werken (dat zou hij wel willen) en of hij ook denkt dat Canal+ er niet in zal slagen het streefgetal van 400 duizend abonnees te halen (hij is zeer optimistisch en maakt bekend dat hij al zestien procent winst heeft geboekt). En hij heeft nieuws: over twee jaar raakt de NOS de uitzendrechten van de Tour de France kwijt aan Canal+.

Wat Joop Daalmeijer trouwens hinderlijk vond, was dat tijdens de wedstrijd mensen die voor hem zaten, steeds gingen staan. Daardoor kon hij niets van de wedstrijd zien.

Waarop de ene NOS-verslaggever aan Joop Daalmeijer vraagt: 'Had je geen decoder dan?'

Donderdagochtend

Ronald Waterreus vertelt dat hij gisteren na de wedstrijd een hand kreeg van Hristo Stoitsjkov. Maar pas vandaag vindt hij dat gebaar bijzonder.

Dat overkomt hem wel vaker: als iets gebeurt, is het vanzelfsprekend. Pas later realiseert hij zich dan dat het toch wel mooi was, uniek ook wel. Zo'n handdruk van Stoitsjkov, ja, dat stelt wel wat voor natuurlijk.

Als hij in het veld staat beseft hij niet hoe bijzonder een wedstrijd is. Pas na afloop hoorde hij dat het zo'n spectaculair duel was geweest. Was dat inderdaad zo?

Onophoudelijk is hij in het vliegtuig aan het woord. Even was hij bang dat de Duitse scheidsrechter hem het veld uit zou sturen, zegt hij. Krug liet hem de bal ergens anders neerleggen, bij een achterbal, en omdat PSV achterstond protesteerde hij.

Waterreus wees op het decor, het inmense Nou Camp-stadion, en beet de scheidsrechter toe dat hij hem er toch niet uit durfde te sturen. In het Duits, want dat spreekt hij vloeiend. Oei! Daar ga ik, dacht Waterreus. 's Nachts heeft hij het uitgepraat met Krug, hij kwam hem toevallig tegen. Ach, zo'n man doet ook zijn werk.

Het vliegtuig schommelt te veel naar zijn zin. Theorie van Ronald Waterreus: niemand vindt het prettig om te vliegen. In Miami kwam hij eens in onweer aan, zéér onaangenaam was dat. Over die reis kan hij nog een ander mooi verhaal vertellen.

Hij stond op de golfbaan, bij de achttiende hole, toen zijn vriendin plotseling versteende. Sla nou, zei hij, er staan mensen te wachten, kom op nou, maar ze bleef in het karretje zitten. Ze wees en hij keek om. Twintig meter verderop liep een krokodil.

Oh, werd hem later verteld, die lopen hier wel vaker. Mensen nemen een krokodil als huisdier, maar doen hem weg als hij te groot wordt. Deze was zo'n anderhalve meter lang.

Gewaarschuwd keerde hij de volgende dag terug op de golfbaan. Toen zijn partner, de gerenommeerde Schotse international Gary McAllister, in het water ging staan om een bal te slaan, sloeg hij onmiddellijk alarm. Gary, dit is geen grap, maar ik heb hier gisteren een krokodil gezien.

Met PSV speelde Waterreus vorig jaar tegen Leeds United, toen nog de club van de Schot, en hij zag hem vaak op televisie, maar nooit eerder heeft hij McAllister zo hard zien lopen als op die dag.

Paul Onkenhout

Meer over