Zwerfhond op reis

Elk vakantieseizoen is het een aantal keren raak: toeristen die aan de Spaanse, Griekse of Turkse kust zo vertederd raken dat ze zich over een zwerfhond ontfermen....

Door Gijs Zandbergen

Afgezien van een enkele nurkse toerist schiet bijna iedere vakantieganger aan de Spaanse, Griekse of Turkse kust vol medelijden als zich op het terras een van de zwerfhonden van het pittoreske dorpje meldt. Het koekje bij de cappuccino is voor het ongelukkige dier en als hij vaker langskomt, wordt dat zelfs een handje hondenbrokken die voor de gelegenheid zijn gekocht in het plaatselijke supermarktje. Zo gaat het de hele vakantie door, want een zwerfhond heeft voortdurend honger.

Meestal blijft het daarbij, want het verstand is sterker dan het hart. Maar onder de duizenden toeristen zijn er altijd wel een paar die een betere plaats weten voor het zielige dier: bij hen thuis in Nederland. Om hoeveel zwerfhonden het jaarlijks gaat, is onbekend.

Jan van der Berg, host bij Griekenlandspecialist Ross Holidays, maakt het elk seizoen een paar keer mee: toeristen die zo vertederd raken dat ze de zwerfhond willen meenemen. Van der Berg heeft er een draaiboek voor klaarliggen, dat hij inmiddels uit zijn hoofd kent. Van der Berg: 'Het vervoer moet tevoren worden aangemeld bij de vliegtuigmaatschappij. Boven de vijf kilo kunnen ze mee in het bagageruim. Onder de vijf kilo mogen ze in de cabine, mits ze in een tas op schoot worden meegenomen.'

Astrid de Kraan van Transavia: 'In het bagageruim is plaats voor twee honden, in de cabine voor drie. Vol is vol. Daar zijn we streng in. De dieren in het ruim moeten ook in speciale benches die men bij ons kan huren. De vliegtarieven voor huisdieren, exclusief de bench, bedragen 45 euro in het ruim en 22,50 euro in de cabine, enkele reis en retour. Dat is voor mensen die hun huisdier mee op vakantie nemen.'

Naast de eisen van de vliegtuigmaatschappij moet het dier, vóór het Nederland in mag, minstens een half jaar oud en gezond zijn, en zes weken vór ¿ het transport de wettelijk verplichte vaccinaties hebben gehad. Zo niet, dan moet het zes weken in quarantaine. Dit alles staat op een officieel document dat moet zijn ingevuld en ondertekend door een erkende dierenarts.

Van den Berg: 'Het zwakke punt zit hem in die termijn van zes weken. Dat red je niet met twee of drie weken vakantie. Die datum wordt dus steevast verkeerd ingevuld. Ik wijs de mensen er wel op dat het in zekere zin fraude is, maar zeg er dan bij dat de dierenartsen daar niet moeilijk over doen en dat het heel moeilijk te controleren valt. Het staat per slot van rekening op papier. De beambten op Schiphol wi ¿ llen dat volgens mij ook niet controleren. Toon maar eens aan dat een datum vervalst is. Stel dat het lukt. Wat dan? Terugsturen? Daar is geen beginnen aan.'

Thuis kan het leven met de nieuwe huisgezel beginnen. Saskia Gijsbertse uit Wijdenes heeft twee voormalige zwerfhonden in haar gigantische tuin tegen de dijk van het IJsselmeer lopen. De oudste is Nicos, een driepotige, langharige Griekse bastaard, die zich gelukkig lijkt te voelen. Hij is vier jaar geleden volgens de procedures, inclusief de datumvervalsing, naar Nederland gekomen. Gijsbertse: 'We hebben hem meegenomen uit medelijden. Daarmee begint alles. Het is alsof Nicos weet dat hij in Griekenland met zijn handicap al lang het loodje had gelegd, want zo diervriendelijk zijn ze daar niet.'

Naast Nicos staat de één jaar oude Poejo aan een lijn. Hij werd vorig jaar september meer dood dan levend opgeraapt bij een benzinestation in Bosnië en buiten de regels om per auto naar Nederland vervoerd, waar hij overigens wel alle inentingen heeft ontvangen. Poejo is flink en vriendelijk, maar ook ongehoorzaam en heeft het slopen kennelijk in de genen. Op de vraag of ze hem ook had meegenomen als ze tevoren had geweten dat Poeljo zo lastig zou de berg opgelopen en hebben we samen op een steen gezeten. Ik heb tegen hem gezegd: Doed, wat er ook gebeurt, ik kom terug om je op te halen. Wij blijven samen.

'Een week later zijn Karel en ik teruggegaan. Toen we Doedel weer zagen, was ik zo gelukkig. Die avond stopte ik Doedel in de bench om alvast te wennen. Dat viel eerlijk gezegd niet mee. Daarna lieten we hem los op de binnenplaats. Hij heeft de hele nacht geprobeerd te ontsnappen. De volgende ochtend stonden vijf honden en Blacky op hem te wachten, want Doedel was de baas van de roedel. Die dag zijn we met de taxi naar een dierenarts gegaan. Onderweg heeft hij de hele auto onder gekotst.'

Bij de dierenarts bleek Doedels urine zo geel als sinas. Ze stonk ook ontzettend. De dierenarts nam drie bloedtests. Bij de eerste twee zei hij niets, maar bij de derde schudde hij zijn hoofd. 'No good, no good.'Maar hij wilde niet zeggen wat er precies was. Terug bij het appartement wist Doedel niet hoe snel hij weer bij zijn vrienden op de boulevard moest zijn.

'Daarop hebben we een afweging gemaakt: 1. Doedel kan niet tegen autorijden 2. hij is niet gezond, 3. hij kan niet tegen alleen zijn 4. we doen Blacky veel verdriet als we zijn broer meenemen en 5. Doedel zou ons nog veel geld gaan kosten.

'We hebben het uiteindelijk niet gedaan. De laatste drie dagen hebben we aan de reisorganisatie gevraagd of we in een ander dorp konden logeren, zodat we hem niet meer zouden zien. Toen we terugvlogen, stond de piloot bij de vliegtuigtrap. Ik vertelde hem over Doedel. Die man zei: ”Mevrouw, ik neem ze mee, maar liever doe ik het niet. Een dier heeft het namelijk heel slecht in het bagageruim.”

”Het is alsof het zo moest zijn. Door een incident met een ander vliegtuig moesten we op het vliegveld twee uur in de bloedhitte in het vliegtuig blijven zitten. Daarna hebben we drie uur gevlogen met de ergste turbulenties die ik ooit heb meegemaakt. Doedel zou het hebben overleefd, maar hij zou er vast getraumatiseerd zijn uitgekomen.

'Boven heb ik naast de computer een foto van hem staan. Telkens als ik ernaar kijk, schieten de tranen in mijn ogen, al weet ik dat het zo beter is.'

Meer over