ZUIPEN EN BRALLEN

Het Rotterdamse gemeentehuis deed dichter-raadslid M. Kneepkens denken aan de Munchense bierkelder waar Adolf Hitler aan zijn opmars begon. Medewerkers van de neo-nazistische CP'86 gedroegen er zich baldadig....

EVEN VOOR de catastrofaal verlopen raadsverkiezingen van maart belde het ultra-rechtse Rotterdamse CP'86 raadslid Jan Teijn zijn fractievoorzitter Martijn Freling op om wat bij te praten over lopende politieke zaken. 'Ik kreeg zijn vriendin aan de telefoon. Die vroeg me of ik thuis nog privé-rekeningen had liggen die Martijn kon opvoeren als kosten voor de fractie. Dat werd me echter toch wat te gortig'.

Het was ongeveer het laatste wat Teijn van zijn politieke kompaan hoorde. De kiezer gaf CP'86 op vier maart een pak slaag en Freling, trouw vereerder van 'de zwarte weduwe' Florrie Rost van Tonningen en ex-medewerker van Joop Glimmerveen, blijkt sindsdien onvindbaar. Zijn voormalig geestverwant in de havenstad kijkt daar niet van op. 'Er zijn hier in de stad heel wat personen die op hem loeren, want hij leende bij iedereen geld. Mij is hij ook nog meer dan 1600 gulden schuldig. Daar kan ik naar fluiten, ben ik bang'.

Teijn stapte begin 1996 van de fractie van de CD over naar CP'86 omdat hij Janmaats discipelen in de havenstad 'te braaf' vond. Daarna ontspoorde hij snel. Eerst werd hij door burgemeester A. Peper uit de raadszaal gezet toen hij op het katheder een T-shirt met het opschrift 'Kok, Pronk en Bolk, verraders van het eigen volk' demonstratief uittrok en met blote en bezwete torso zijn betoog voortzette. Kort daarna werd hij met enkele van zijn aanhangers gearresteerd omdat ze gezamenlijk op straat een dronken drugsverslaafde aftuigden.

Teijn is volgens zijn zeggen inmiddels tot inkeer gekomen over zijn gewelddadig verleden. Samen met CP'86 voorzitter Stewart Mordaunt heeft hij de partij uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel in Amsterdam. 'CP'86 is inmiddels een besmette naam. Dat komt door alle toestanden in Rotterdam. Zuipen, herrieschoppen en brallen was het enige wat ze daar deden. Alleen de meest extreme gezichten traden op de voorgrond. Wat ze niet in de gaten hadden was dat hier in Nederland niemand op een verzameling nieuwe Hitlertjes zit te wachten.'

De politieke hooligans van CP'86 voerden jarenlang een schrikbewind aan de Coolsingel. Met de entree van Freling als raadslid ontwikkelde zich in de wandelgangen snel een cultuur van intimidatie, militair machtsvertoon en bedreiging. Zijn ordedienst joeg iedereen de schrik op het lijf. Skinheads waren het doorgaans, net als Freling gestoken in battle-dress, zwart of bruin, met legerkistjes aan hun voeten, hun broek op de plaats gehouden door een koppelriem met runen-tekens. 'Fractie-medewerkers', noemde hun voorman ze eufemistisch als hij door de wanhopige bodes op het stadhuis op hun baldadigheid en vandalisme aangesproken werd.

In maart 1996 schreef dichter-raadslid M. Kneepkens van de Stadspartij in Quad Novum, een periodiek van de Erasmus Universiteit, dat de sfeer in het gemeentehuis hem deed denken aan de Bürgerbraukeller in München, het lokaal waar Adolf Hitler in de jaren twintig aan zijn opmars begon. In zijn verhaal beschrijft hij twee 'jeugdige kaalgeschoren types' die hem met 'Germaans gebral' naar het toilet volgen, waar de rabauwen zich provocerend opstellen ter linker-en rechterzijde van het urinoir waarin hij zijn blaas ledigt. Hij blijkt niet het enige raadslid dat zo'n escorte krijgt.

Zelfs de fractie van de CD, te aangepast en niet radicaal-rechts genoeg in de ogen van Freling c.s., is het doelwit van pesterijen. Dat vinden andere partijen weer wél leuk, want niets lacht zo lekker weg als leedvermaak. Op naam van de centrum-democraten worden door CP'86-ers alcoholische versnaperingen besteld. Later wordt de drankkast in de CD-fractiekamer leeggeroofd door hen. Het slot is met een tang doorgeknipt.

De verhalen over orgastische drankgelagen zijn legio. Het bier wordt met kruiwagens tegelijk bij CP'86 binnengereden. Sommige bodes, de schimpscheuten zat, weigeren nog langer het ferm innemende ultra-rechtse kader te bedienen. Ook doet steeds vaker het bericht de ronde dat de fractiegelden van CP'86 voor een belangrijk deel opgaan aan cocaïne en heroïne en dat de Rotterdamse organisatie daardoor op zwart zaad zit.

Teijn: 'Ik heb in die tijd sporen van drugsgebruik in onze fractiekamer aangetroffen. Daar sprak ik Freling op aan, maar veel wijzer werd ik niet van hem. Ik had het voorval eigenlijk moeten melden aan het gemeentebestuur, maar heb daar vanaf gezien. We hadden al schandalen genoeg gehad in die tijd'.

Wee degene die zich tegen CP'86 richt. Als wethouder H. Simons fractie-assistent René van Tubergen uit het stadhuis laat verwijderen omdat deze een T-shirt met een beeltenis van Rudolf Hess draagt is hij doelwit van een haatcampagne. Weken aan een stuk wordt hij in de zomer van 1996 telefonisch bedreigd. Later blijkt dat Freling met een list Simons geheime telefoonnummer heeft ontfutseld aan de PvdA-fractievoorzitter in de Tweede Kamer J. Wallage, en dat de dreigtelefoontjes uit het parlementaire onderkomen van CP'86 komen.

Eerder heeft wethouder H. Meijer (GroenLinks) aan den lijve mogen ondervinden dat CP'86 'een lage drempel naar geweld heeft', zoals Freling het omschrijft. In de pauze bij een commissievergadering loopt Meijer in een gang van het stadhuis eerdergenoemde Van Tubergen tegen het lijf. Zonder opgaaf van reden begint die hem te schoppen en tot bloedens toe te slaan. Meijer doet later aangifte van mishandeling.

Voor burgemeester A. Peper zijn de incidenten aanleiding om de fractiekamer van deze ultra-rechtse haviken drie maanden te sluiten en de partij de faciliteiten aan de Coolsingel te ontnemen. Freling vecht dit besluit eerst met succes aan bij de rechtbank, maar moet later bakzeil halen voor het gerechtshof. Als Teijn zich vergrijpt aan een junk raakt CP'86 kort voor de verkiezingen zijn zenuwcentrum opnieuw kwijt.

De extreem-rechtse partij is op dat moment over zijn hoogtepunt in Rotterdam heen. In 1994 kwam CP'86 in de Rotterdamse raad door de stemmen van gabbers, protestkiezers, en fanatieke Feijenoord-aanhangers. Dat electoraat bezorgde CP'86 ook acht zetels in de deelraden Charlois, Feijenoord en Delfshaven. Een succesvolle CP-demonstratie tegen de komst van asielzoekers naar de oude volkswijk Vreewijk versterkt het prestige van de beweging daarna.

Daarmee is de koek echter op. In de raadsvergaderingen kunnen de verzamelde inhoudelijke bijdragen van Freling en Teijn op één velletje toiletpapier. Ook betogen wordt steeds moeilijker. Eerst probeert burgemeester Peper de demonstraties te verbieden met een beroep op de openbare orde. Later introduceert hij een bestuurlijk handigheidje dat CP'86 meer wind uit de zeilen neemt. De partij mag wel demonstreren tegen buitenlanders, maar op de totaal verlaten Müllerpier in het havengebied, zaterdagochtend om negen uur.

Gaandeweg de raadsperiode neemt het gemor in de Rotterdamse achterban van CP'86 toe. Veel leden ergeren zich aan de vrienden van hun voorman die het establishment keer op keer shockeren door openlijk de Hitler-groet te brengen. Ze willen wel nationalisme, maar geen gekoketteer met nazi-symbolen.

Om een positieve daad te stellen nodigt de afdeling een plaatselijk journalist uit. Ze wil laten zien dat CP'86 een partij is waar openlijk en fatsoenlijk over democratie wordt gediscussieerd. De poging tot politiek eerherstel mislukt echter volledig. De opgetrommelde verslaggever blijkt een Koreaanse jongedame te zijn, met Nederlandse adoptief-ouders. 'Wat doet die spleetoog hier bij ons?', klinkt het vervolgens onder Frelings jeugdige aanhang ter vergadering.

Een extra probleem voor CP'86 is dat de fractievoorzitter steeds meer in de knel raakt. De Accountantdienst Rotterdam gaat in opdracht van de Commissie tot Onderzoek van de Rekening na op welke wijze Freling met de fractiegelden (over 1994 en 1995 en 1996 circa 125 duizend gulden) is omgesprongen. De conclusie is dat een deel van dat geld onterecht is besteed en van de andere uitgaven valt feitelijk nauwelijks te controleren wat er werkelijk mee is gebeurd, omdat de noodzakelijke documenten ontbreken en weinig tot niets op papier staat.

Ook de Duitse justitie heeft Freling op de korrel genomen. Er lopen nogal wat lijntjes van Rotterdam naar Duitse nazi-groeperingen en internationalist Freling wordt ervan verdacht vanuit zijn woning een handleiding voor het maken van bommen te hebben gedistribueerd. Sinds de laatste gemeenteraadsverkiezingen lijkt Freling in rook opgelost. Hij houdt zich onvindbaar voor zijn voormalige politieke kameraden, journalisten en de Accountantsdienst Rotterdam die graag wil weten op welke wijze hij de vergoeding voor fractie-kosten over 1997 denkt te kunnen verantwoorden.

Meer over