Zuiden koestert jong talent

Het Festival Cement laat Zuid-Nederland kennismaken met jong, nog onbekend theatertalent. Voor de vierde editie slaat het zijn vleugels uit van Brabant naar Limburg....

Van onze medewerkster Annette Embrechts

Zonder het Festival Cement zou ze nu niet meer dansen. Na de dood van haar ouders stortte de Vlaamse Helma Melis (30) zich op haar vak en danste zeven jaar lang bij verschillende groepen waaronder het Utrechtse Dansend Hart. Toen de bevrediging uitbleef, trok ze zich terug in haar woon- en werkstad Tilburg voor een lange, lange vakantie.

Daarvan kwam het niet. Pietjan Dusee, artistiek leider van Productiehuis Brabant, vroeg Melis in 2000 een solovoorstelling te maken voor zijn nieuwe geesteskind: het Festival Cement. In vijf dagen tijd wilde hij in Tilburg laten zien welk een schat aan theater- en danstalent huist in Brabant. Melis maakte een maffe, energieke solo in een squashbaan waarbij ze als een opgewarmd balletje tegen de wanden stuiterde. Qwienes van de T goes: 1 betekende haar doorbraak in Brabant als choreografe.

Ze heeft sindsdien elke editie van het festival een nieuwe voorstelling gepresenteerd: Punternely in Eindhoven (2001), We, go square. . . in Breda (2002) en dit jaar Krak-Kelee ToTo met acht spitzen tussen duizend lottoballen. Het tekent het kunstklimaat in Brabant. Wie eenmaal als maker is erkend, kan rekenen op trouwe ondersteuning van podia in diverse Brabantse steden, of 'de Randstad' hem of haar nu oppikt of niet. Dat werpt vruchten af: veel publiek uit de regio ontdekt via Festival Cement jong, onbekend talent.

Dit jaar slaat dit Brabantse festival zijn vleugels uit naar Limburg. Vanaf vandaag bevolken jonge eigentijdse makers vijf dagen lang de theaters en kunstvakopleidingen in Maastricht. Daarmee hoopt Festival Cement - vanaf deze vierde editie afwisselend georganiseerd in Maastricht en Den Bosch - het Zuid-Nederlandse equivalent te worden van het Utrechtse Festival a/d Werf. Met producties van eigen bodem. Zoals bijvoorbeeld Werktitel Pinokkio, bij het Huis van Bourgondië gemaakt door Erik Whien, Ali Ben Horsting, Emanuel Muris en Luc van Esch. De eerste twee opgeleid aan de Toneelacademie Maastricht, de laatste twee in Amsterdam.

Het viertal gebruikt de donkere, morbide kanten van het sprookje over de eigenwijze houten pop en zijn schepper om het gevoel van 'verdwaald zijn' neer te zetten.

Muris: 'Pinokkio wordt ongevraagd de wereld ingegooid en dwaalt vervolgens rond als een flipperbal. In de voorstelling willen we laten zien dat je blijkbaar eerst moet verdwalen om jezelf te kunnen vinden.'

Werktitel Pinokkio gaat vanavond in première in een fabriekshal, niet toevallig die van de ENCI, Nederlands grootste cementfabriek, die het festival vanaf het begin sponsort. De twee artistiek leiders van Festival Cement, Pietjan Dusee (Productiehuis Brabant) en Maarten Verhoef (Huis van Bourgondië), zien in de naam echter vooral een metafoor voor 'een goeie mix van voorstellingen door makers die grond onder de voeten zoeken voor publiek dat een duik in de cementmolen waagt'. Het festival toont meer dan dertig voorstellingen waarvan negen theaterpremières. Onder meer van jonge Maastrichtse groepen zoals 101.punt en Het Woelige Baren, die hopen in het gat te springen van de naar Arnhem vertrokken groep De Federatie.

'Engagement', zegt Verhoef, 'Dat bindt deze theatermakers. Neem de openingszin van Werktitel Pinokkio: Deze houten pop wil mens worden. Dan denken wij: zou je dat wel doen, jongen. . .'

Meer over