ZUID-AFRIKA De rotte resten van de apartheid

HET WAS weer eens hoogtij voor paranoia, vorige week in Zuid-Afrika. Amper drie maanden na het malle Meiring-rapport, genoemd naar de legerchef die Nelson Mandela waarschuwde dat ontevreden ANC-leden een coup beraamden, lag er weer een mysterieus rapport op straat....

De afzender was ditmaal de inlichtingendienst van de politie, en de boodschap leek verdacht veel op die van Meirings militaire spionnen. Ditmaal zou een groep zwarte oud-verzetsstrijders zijn gesignaleerd die erop uit is de verkiezingen van 1999 te ontwrichten.

Politiechef George Fivaz haastte zich, nadat het rapport eerst op vaardige wijze was uitgelekt naar de media, te verzekeren dat het weer sprookjes waren. Het werkstuk van zijn ondergeschikten was ingehaald door de feiten, verzekerde hij. Of we maar wilden doen alsof het niet bestond.

Het meest curieuze van het rapport, dat al bijna naar het parlement was gestuurd, is dat het een verband legt met de twee grote wapendiefstallen die enkele weken geleden bij het leger plaatsvonden. De daders zouden volgens de politie niet in de kring van extreem-rechts blank moeten worden gezocht, zoals staatssecretaris van Defensie Ronnie Kasrils onlangs meldde, maar bij 'MK-Apla', een groepering van gedesillusioneerde zwarte veteranen van de strijd tegen de apartheid.

Niets van waar dus, maar de Zuid-Afrikaanse paranoia was weer flink aangewakkerd. Was net de onrust voorbij over de Fapla, de boze ANC'ers die volgens het Meiring-rapport onder leiding van Winnie Madikizela-Mandela aan de vooravond van de nieuwe verkiezingen dood en verderf zouden zaaien om vervolgens de macht te grijpen, is daar opeens de MK-Apla.

Waar komt die onzin toch allemaal vandaan? De regering durft het nog niet met zekerheid te zeggen, er wordt natuurlijk een stevig onderzoek ingesteld, maar alles wijst erop dat het de rotte resten van de apartheid zijn die het politieke klimaat in het nieuwe Zuid-Afrika trachten te destabiliseren.

Die rotte elementen zitten, het mag weinig verbazing wekken, vooral bij de geheime diensten van leger en politie. Ze weten als geen ander dat er in het land een stevige voedingsbodem is voor ongezonde paranoia, na ruim vijftig jaar apartheidsregime. Het verbazingwekkende is dat ze kennelijk nog steeds hun gang kunnen gaan, bijna net zoals vroeger.

Hoe gevaarlijk de griezels van Zuid-Afrika kunnen worden, bleek vorige week nog eens voor de Waarheidscommissie. Het ging over Project Kust, het geheime chemische en bacteriologische wapenprogramma dat het Zuid-Afrikaanse leger met behulp van vooraanstaande burgermedici en andere wetenschapsbeoefenaars ontwikkelde. In de jaren 1983-'93 werd een arsenaal gruwelwapens opgebouwd om de vijand binnen en buiten de grenzen uit te schakelen, onder het mom dat er alleen verdedigingsmiddelen tegen een chemische oorlog werden geproduceerd.

In werkelijkheid konden leger, politie en geheime diensten echter beschikken over een keur aan giftige aanvalswapens. Van giftige schroevendraaiers tot bacteriën die alleen vat zouden krijgen op zwarten, er werd aan gedokterd of het lag al klaar. Zelfs de lovedrug XTC zou, zo dachten de gekke wetenschappers van de apartheid, misschien succesvol kunnen worden ingezet tegen roerige zwarte jongeren.

Bisschop Desmond Tutu noemde de onthullingen de meest huiveringwekkende in het bestaan van zijn commissie. En zelfs de Afrikaner krant Beeld stelde vast dat de 'kille boosheid' waarmee de doktoren hun gifwapens bedachten associaties oproept met nazi-Duitsland en het chemische arsenaal van Iraks Saddam Hussein.

Het gebeurde allemaal onder de regeringen van P.W. Botha en F.W. de Klerk, blanke leiders die tot op de dag van vandaag volhouden dat ze nergens van af wisten. Zou dat al waar zijn, dan maakt het het alleen maar erger, want het zou betekenen dat hun regime zijn griezels zo slecht in de hand had dat ze 'ongemerkt' levensgevaarlijke projecten konden opzetten.

Dat Zuid-Afrika met deze voorgeschiedenis vatbaar is voor complottheorieën, is begrijpelijk. Onrustbarend is vooral het optreden van de ANC-regering bij het bestrijden van de paranoia. Want pas nu kondigt de regering aan korte metten te zullen maken met die elementen in de veiligheidsdiensten die het mogelijk maken dat onzinrapporten over coups en chaos het licht zien.

Dat is rijkelijk laat, gelet op het feit dat de commissie-Steyn al eind 1992 (nog onder de regering-De Klerk) adviseerde grote schoonmaak te houden. Die aanbevelingen werden door het oude regime maar ten dele opgevolgd, en het ANC liet bij de machtsovername in 1994 na deze omissie recht te zetten.

Het roept het beeld op van nieuwe politieke leiders die - in het spoor van hun voorgangers? - geen greep hebben op hun veiligheidsapparaat.

Zuid-Afrika mag dan geen bananenrepubliek zijn waar een staatsgreep om de hoek ligt, de onrust die wapendiefstallen en aanhoudende meldingen van complotten veroorzaken is allerminst bevorderlijk voor de stabiele ontwikkeling van een jonge democratie. Dat is niet best, met nog een jaar te gaan voor de nieuwe verkiezingen.

Hans Moleman

Meer over