ZOMER (3)

Het allerleukst in het Gaasperplaspark is het sluisjescomplex, daar gaan we het straks uitgebreid over hebben...

Recreatiegebied Gaasperplas, zoals het tegenwoordig heet, grenst aan de Bijlmermeer. Het noordelijke deel is in 1982 aangelegd voor de Floriade en daarna overgebleven voor de mensen die er in de buurt wonen. In 1991 is het zuidelijke deel ingericht.

Dit was, zo lees ik in een folder, 'een huwelijkscadeau van de Amsterdamse bevolking voor koningin Beatrix en prins Claus ter gelegenheid van hun zilveren huwelijk'.

Raar volkje zijn we toch. Geven we iets weg waar we alleen zelf plezier van hebben. Want je ziet de koninklijke familie toch nog niet picknicken aan de rand van de speelvijver. Dat is overigens wel jammer voor ze dat ze dat nooit doen, want het is op een warme zomerdag ongeveer de beste plek in dit land.

Gesluierde Turkse moeders pootjebaden met piemelnaakte zoontjes. Surinamers stoken hun barbecue op. Marokkanen spelen badminton en Somaliërs zitten kaarsrecht prachtig gekleed op een deken naast Amsterdamse vrouwen die hun borsten aan de zon blootstellen. Bindmiddel zijn de kinderen die samen spelen. Antilliaanse bongospelers verzorgen achtergrondmuziek.

Hier bestaat de multiculturele samenleving, al is het maar op zondag.

Naast de gewone speeltuinattributen is er een hindernisbaan over kniehoog water. Er is ook een hangbrug naar de overkant en voor de waaghalzen een kabel met katrol waarmee je je naar de overkant kunt slingeren.

Maar het allerleukst, zoals ik al zei, is het sluisjescomplex. Het is een kunstmatige, bochtige rivier met een lengte van ongeveer vijftig meter, die een verval heeft van een meter of twee. In de rivier zitten tien stuwen, schuiven van plexiglas, die je omhoog kunt trekken. Het water wordt opgepompt door een vijzel. Je kunt je eigen 'stuwmeer' aanleggen, een stroomversnelling veroorzaken en beneden kun je het water over je heen laten spoelen.

Hier wordt gespeeld met z'n tienen, twintigen. Er is vaak een beetje ruzie, maar het wordt nooit echt knokken.

'Doe die schuif open'

'Jij bent niet de baas hoor.'

'Maar jij bent ook niet de baas'

Nee, niemand is de baas en je speelt alleen, maar toch samen. Beetje geven, beetje nemen. De afstand tussen de schuiven speelt ook een rol. Bazige types kunnen moeilijk de overhand krijgen.

Zouden de ontwerpers dat zo bedacht hebben? Bij Recreatieschap Amstelland, waar het complex in onderhoud is, kan de voorlichter niet achterhalen wie het ontworpen heeft.

Blijft de vraag of dit een van de weinige uiterst verantwoord aangelegde speelplaatsen is die ook nog leuk zijn, of dat het toeval een rol heeft gespeeld. Dat die schuiven nog ergens lagen te slingeren en dat de stadstimmerman achter in zijn loods nog een stapel balken van vijf meter lang had liggen.

Hoe het ook zij, het sluisjescomplex verdient de Integratieprijs van de stad Amsterdam.

Met nog veel meer scheidende mannen woonde ik in 1985 in een flat die aan het park grensde. Met lichtgroene sportschoenen aan mijn voeten en een walkman op mijn hoofd ging ik dagelijks, op het ritme van tienerdochtersmuziek, tevergeefs overgewicht en midlifecrisis te lijf.

Een vast rondje liep ik. Bij de Japanse windwijzer was ik halverwege, dan was het nog een kwartier zuurstofrijke lucht ademen. Het sluisjescomplex is me toen niet zo opgevallen. Als ik boven in mijn tweekamerflat was, gingen televisie en radio tegelijk aan.

Op het balkon ontdekte ik dat op zeven hoog meeuwen niet boven je hoofd vliegen. Ze oefenden hun duizelingwekkende vliegbewegingen in de diepte beneden mij.

Meer over