Zoeken naar details bij Bosch is zoeken naar zandkorrels op een strand

Je gaat het pas zien als je het doorhebt.* Wieteke van Zeil over opmerkelijke en veelbetekenende bijzaken in de beeldende kunst. Deze week: duivel.
*Johan Cruijff

null Beeld Rik Klein Gotink
Beeld Rik Klein Gotink

Dit is Bosch' tijdgeest: je had constant het gevoel dat de duivel over je schouder meekeek. Of je een fout maakte, te ijdel was of te gulzig, of te gierig zoals de vrek op zijn sterfbed hier. Het spant er nog om - gaat straks zijn ziel met God mee of kunnen de duivels die als aasgieren om hem heen cirkelen hem de hel in sleuren? Het leven zit vol bedreigingen, sluipend als stille moordenaars. Echte bedreigingen waardoor je constant op je hoede bent: ze creëren angst die zelfs die voor de dood te boven gaat, de angst voor een eeuwige hel ná de dood. Dat schilderde Bosch, daar maakte hij eigenhandig een beeldtaal voor die zo fantasierijk en expliciet is dat we er vandaag vaak geen kaas van kunnen maken.

Jheronimus Bosch: een Nederlandse schilder voor wie de koning een tentoonstelling opent, wat live wordt uitgezonden. Een kunstenaar zo groot dat de BBC een serie uitzendt waarin wordt gesteld dat Bosch de éigenlijke Renaissancekunstenaar is, niet Leonardo da Vinci (daar valt wat op af te dingen, lijkt me). Had een jaar geleden een willekeurige Nederlander gevraagd wat echt Nederlandse kunst is en ze noemden Rembrandt, Ruisdael of Vermeer. Dát zijn de schilders immers die ons zelfbeeld bevestigen, dat glorieuze zelfbeeld dat veel musea uitdragen: wij zijn kooplui, tolerant en pragmatisch, met een open geest en een nuchter hart.

Bosch laat ons een compleet andere wereld zien. Een beeldtaal die niks met de nuchtere en alledaagse melkmeiden en straatvegersvisioenen te maken heeft. Niks ook met de macht van de koopman. Maar alles met dit: wij mensen zijn allemaal miezerige onderdanen van een God die wikt en beschikt. Wij falen en we zijn machteloos.

Onbehaaglijk en onzichtbaar

Daarom valt nu, ineens, deze Jheronimus Bosch-tentoonstelling toch meer dan ooit op zijn plaats: de angst is immers terug - onbehaaglijk en onzichtbaar. Niet als God of de Duivel, maar als Terrorisme, de vernietigingskracht die in en uit de samenleving kan komen, zo onherkenbaar dat je voortdurend over je schouder wilt kijken. Is mijn buurman te vertrouwen? Sluipangst à la Bosch. Ook de gewelddadige, expliciete beeldtaal is terug, niet alleen omdat de zogenoemde 'Islamitische Staat' wreedheden begaat waar Bosch een apocalyps-altaar mee zou kunnen vullen, maar ook omdat de techniek ons sinds kort toestaat die beelden grootschalig en buiten context te delen, waardoor het voor je ogen verschijnt voor je het door hebt, als je argeloos je Twittertimeline bekijkt bij de koffie. De sluipangst en de beeldtaal: anno 2016 is Bosch meer dan ooit een kunstenaar van ons.

Dat zijn werk uit details bestaat, is een gelukkig toeval. Normaal zoek ik details die pas opvallen als je langer kijkt. Zoeken naar details bij Bosch is zoeken naar zandkorrels op een strand: je krijgt een overweldigende vloed op je af, bij vrijwel elk schilderij. Details die zich geweldig laten uitsnijden, zie de vele online inzoomprojecten en details die gedeeld worden op social media.

Dit schilderij is een van de bescheidenste in de tentoonstelling wat dat betreft, het is dan ook oorspronkelijk een zijluik van een groter altaar. Het gaat om de dood, hoe te sterven, en de vrek weet het nog niet: houdt hij vast aan zijn aardse zaken of kiest hij voor verlossing? Hij is geen harteloze vrek als zakenman Martin Shkreli, maar een Scrooge op de rand van inkeer. Een beslissend moment, en het duiveltje achter zijn schouder wacht geduldig zijn kans af.

Jheronimus Bosch - De dood en de vrek
1500-10, Olieverf op paneel, 94,3 x 32,4 cm
National Gallery of Art, Washington, D.C. Te zien in de tentoonstelling Jheronimus Bosch in het Noordbrabants Museum in Den Bosch t/m 8 mei.

null Beeld
Beeld
Meer over