Zoek de warme bom

Met speciale detectietechnieken, betere bepantsering en andere maatregelen proberen de Amerikanen in Irak het aantal slachtoffers van aanslagen te verminderen....

Irakezen zijn geen doden die tellen.

Of geteld worden. Want de teller van het Amerikaanse Centrale Commando, die bijhoudt hoeveel slachtoffers Operation Iraqi Freedom sinds het begin van de oorlog heeft gekost, staat nog steeds ver onder de duizend doden. Een fractie van het totale aantal.

De 655 geallieerde doden daarentegen, of preciezer, de 553 Amerikanen die tot dusver (donderdagochtend) in Irak zijn gesneuveld, tellen wél. En beginnen steeds zwaarder te tellen, met het oog op de komende presidentsverkiezingen, dit najaar. Dus vraagt de regering om maatregelen.

Vorige week werden twee hoge officieren naar Washington ontboden om uit te leggen wat zij hebben bedacht om de in Irak gelegerde soldaten beter te beschermen. De eerste was brigadegeneraal Charles Cartwright, plaatsvervangend hoofd van het in oktober opgerichte Amerikaanse Commando voor Onderzoek, Ontwikkeling en Ingenieurswerk (RDE Command). Die aan een Senaatscommissie kwam uitleggen dat zijn laboratoria 'vastbesloten en agressief' nieuwe technologieën aan het bedenken zijn om Irak een veiliger plek te maken voor de Amerikaanse soldaten.Hij had een indrukwekkende boodschappenlijst meegenomen, vol gewichtige afkortingen als Cerdec, FSAP en Dotmlpf. 'Wetenschap en technologie zijn essentieel voor succes', hield de brigadegeneraal zijn gehoor voor.

Zijn instituten ontwikkelen onder meer een kijk-door-de-muur systeem, dat sluipschutters achter muren kan zien staan. In Nederland heeft TNO ook een prototype van zo'n apparaat gefabriceerd, op basis van radargolven die door muren heen gaan. De sluipschutter moet wel bewegen, maar een op en neer gaande borstkas zou al genoeg kunnen zijn, zegt ir. Huub van Hoof van TNO.

De andere bezoeker aan de Amerikaanse Senaat was generaal John Abizaid, opperbevelhebber in Irak. Die vertelde dat de zelfgemaakte bommen die door Iraakse verzetsstrijders langs de kant van de weg worden gelegd, de grootste bedreiging vormen voor zijn troepen. Ten minste 105 van de 380 soldaten die in Irak door vijandelijke acties zijn gesneuveld, vielen door zulke improvised explosive devices, ofwel IED's. Daarmee vormen die de belangrijkste doodsoorzaak.

Voorlopig de laatste van deze doden is een nog onbekende soldaat van de Eerste Infanterie Divisie die dinsdag ten oosten van de stad Baqubah met Humvee-patrouillewagen en al van de weg werd geblazen. Zijn compaan overleefde het wel.

Dus richten de hightech-inspanningenvan het Pentagon zich vooral op die huis-, tuin-en keukenbommen, meestal gemaakt van oude Iraakse granaten, die tot ontploffing worden gebracht met eierwekkers of afstandsbedieningen voor garagedeuren. De defensielaboratoria hebben een counter-IED task force in het leven geroepen, dat met een budget van zeventig miljoen dollar deze 'asymmetrische problemen', zoals Abizaid ze noemt, moet aanpakken.

Honderden onderzoekers dus, die werken aan een arsenaal aan tegenmaatregelen. Variërend van het herkennen van een patroon in de aanslagen, surveilleren langs de gevaarlijke wegen, de detectie en het onschadelijk maken van de bommen, tot extra bepantsering van soldaten en voertuigen.

De extra bepantsering is het makkelijkst. Bijna vijfduizend Humvee-patrouillevoertuigen krijgen extra platen en stalen tralies. De helft is er al mee uitgerust. Ook de soldaten zelf krijgen extra bescherming, in plaats van hun oude Flak-vesten. Wat overigens wel het aantal doden beperkt, maar niet het aantal gewonden, voornamelijk met afgerukte of geamputeerde ledematen.

Dus is voorkomen beter dan genezen. Hoog op de verlanglijst van Cartwright staan nieuwe sensoren waarmee onbemande Predator-vliegtuigjes (UAV's) de bommen vanuit de lucht kunnen opsporen. Het gaat om thermische (infrarood-) en videobeelden. Mijnen en bommen nemen warmte anders op, en stralen die anders uit dan gewone grond, zegt dr. Bert van den Broek, onderzoeker waarneming-op-afstand bij het Fysisch en Elektronisch Laboratorium van TNO in Den Haag.

Het gaat daarbij niet om directe waarnemingen, maar om veranderingen. 'Eenmalige beelden zeggen niet genoeg', zegt Van den Broek. 'Er zijn zoveel dingen die dezelfde signatuur kunnen hebben. Dat is altijd het probleem: als je iets wilt zien krijg je zoveel andere dingen te zien.'

De focus op veranderingen is de beste manier om het aantal valse alarmen nog een beetje binnen de perken te houden. Soldaten vergelijken elke dag opnamen van dezelfde plekken, op zoek naar aanwijzingen voor IED's.

Maar qua resolutie wordt het volgens Van den Broek 'lastig' om langs de weg begraven bommen vanuit de lucht op te sporen. 'Ik kan me daar niets bij voorstellen', zegt ook zijn collega ir. Eric van der Veen, projectleider UAV's. 'Zulke handgemaakte bommen zijn gewoon te klein om te kunnen zien.'

Met optische camera's, radar en infrarooddetectie kunnen de vliegtuigjes, die op enkele kilometers hoogte vliegen, volgens hem hooguit een resolutie halen van een paar meter, zegt Van der Veen. 'Een mijnenveld is wel te zien, een afzonderlijke mijn niet.'

Dus zal het eerder moeten komen van speciale patrouillewagens die met sensoren worden uitgerust. Ook is het waarschijnlijk, zegt Van Hoof, bij het defensielab van TNO expert in grondsensoren, dat er kleine trillingsmetertjes langs de wegen worden verspreid die bewegingen van voertuigen of zelfs individuen detecteren.

Hij laat een paar presentaties zien van Darpa, de onderzoeksorganisatie van het Pentagon. 'Ze hebben de krankzinnigste sensors bedacht. In Vietnam zijn apparaatjes gebruikt die de specifieke trillingen hoorden van de vleugels van de muggen die op mensenzweet afkomen.'

Cartwright geeft geen details prijs over mogelijke technieken die in Irak worden gebruikt. Majoor Gary Tallman, woordvoerder in het Pentagon, zegt dat die informatie te gevoelig is. 'We willen de terroristen niet op ideeën brengen, waarmee ze onze tegenmaatregelen kunnen omzeilen.'

Om zichzelf op ideeën te brengen, laat het Pentagon speciaal aangestelde wetenschaps-en techniekofficieren in Irak meelopen met de troepen. 'Op die manier blijven ook de onderzoekers in de laboratoria op de hoogte van de behoeften van de soldaten', zegt onderzoeksbaas Cartwright.

Eén van die behoeften was een nieuwe manier om aangetroffen bommen op te ruimen. In de afgelopen twee maanden zijn vier explosievendeskundigen omgekomen terwijl ze IED's onschadelijk probeerden te maken. Het Pentagon heeft voor 16 miljoen dollar 150 robots besteld die dat werk op zich kunnen nemen.

Het bedrijfje IRobot, tevens maker van automatische stofzuigers en speelgoedrobots, fabriceert daarvoor een speciale versie van de Packbot, een rugzakrobot die in Afghanistan zijn diensten heeft bewezen als grotverkenner. IRobot, mede-eigendom van kunstmatige-intelligentiegoeroe Rodney Brooks van het Massachusetts Institute of Technology, is dankzij de oorlogen in Afghanistan en Irak enorm gegroeid.

Wat de IED's betreft lijken de eerste maatregelen – betere verkenning, en herkenning van patronen in de aanslagen – vruchten af te werpen. De Amerikaanse ondercommandant Mark Hertling zei in de New York Times vorige week dat het aantal ontdekte bommen – voordat ze ontploffen – is gestegen van 48 procent in november, naar 60 procent in februari.

Maar, ondanks alle technologie, zei Abizaid tegen de Senaat, kan hij nooit een honderd procent verzekering geven dat hij ze het probleem helemaal kunnen oplossen. 'De vijand weet dat we kwetsbaar zijn.'

Meer over