'zeven kinderen is puur egoïsme'

Gerda Voskamp (51) is moeder van Jet (18), Frits (17), Loes (15), Bien (14), Stijn (12), Muus (8) en Tink (4)....

'Toen Tink geboren werd, kreeg ik van een onbekende man een boze brief, hoe ik het in godsnaam in mijn hoofd haalde om in ons overbevolkte land zo veel kinderen op de we reld te zetten. Het was een grotendeels voorgedrukte brief, kennelijk ploos hij geboorteadvertenties na. Ik vond het heel naar, was zelfs even bang voor een steen door de ruit, maar ergens heeft hij wel gelijk: natuurlijk is het belachelijk om zeven kinderen te willen hebben. Het is puur egoïsme. Dat geldt eigenlijk altijd, je krijgt niet een kind voor het kind zelf, want dat heeft er geen weet van als het niet wordt geboren. En om moeder te willen zijn of iets van jezelf door te geven, zijn een of twee genoeg.

Ik heb nooit gedroomd van een groot gezin, maar na elk kind was er weer dat verlangen naar nog eentje. De nieuwsgierigheid naar wat het voor karakter zou zijn, de wens om nog een keer die ontwikkeling te kunnen zien. Eigenlijk wilde ik mezelf steeds weer een cadeautje geven. Na de zesde vond ik dat het genoeg moest zijn, alleen al vanwege mijn leeftijd, maar er kwam toch nog ongepland een toegift achteraan. Een zoon en zes dochters heb ik nu, de oudste is dit jaar gaan studeren, de jongste is net naar de kleuterschool. Het is niet het groepsgevoel, de gezelligheid van met zijn allen rond de tafel zit-

ten waar ik speciaal van geniet, maar van de kinderen elk op zich, als individu. Alleen als ik ze weleens met zijn allen uit een auto zie stappen, denk ik: ''God ja, het zijn er wel veel.''

Meteen na mijn opleiding logopedie kreeg ik een droombaan in het Academisch Zie ken huis in Groningen, en jarenlang ging ik helemaal op in mijn werk. Pas op mijn 29ste ben ik met de pil gestopt en het duurde twee jaar voordat ik zwanger werd. Ik was met een adoptieprocedure bezig toen het toch gebeurde, dankzij een nieuwe vinding, een hormonenpompje. Hoewel ik erg graag een gezin wilde, was het niet zo dat ik me een leven zonder kinderen niet kon voorstellen. Voor Jan-Willem, mijn man, hoefde het helemaal niet zo nodig. Wat hem betreft waren we gewoon met z'n tweeën gebleven, en dat zegt hij nog steeds. Hij beweert dat hij het alleen goed heeft gevonden omdat hij zoveel van me houdt. Maar hij loopt met foto's van de kinderen in zijn portefeuille, ik niet.

Toen ik alleen nog Jet en Frits had, ben ik blijven werken, maar met beduidend minder plezier dan voordat ik kinderen had. Het kostte me moeite interesse op te brengen voor de patiënten. Toch kwam het niet in me op definitief te stoppen met werken. Tot we voor drie jaar naar Frankrijk vertrokken. Daar zou ik als logopediste moeilijk aan de slag kunnen, en ik besloot me tijdelijk op huis en haard te richten. Prompt kwamen Loes en Bien erbij, zonder hulp van dat pompje. Ik heb die periode ervaren als één grote vakantie.

Terug in Nederland heb ik nog even serieus overwogen mijn beroep weer te gaan uitoefenen, maar toen tot me doordrong wat ik daarvoor allemaal moest regelen, dacht ik al snel: ''Waarvoor doe ik het allemaal?'' Ik merk nu dat de oudere kinderen eigenlijk nog meer aandacht vergen dan de kleintjes. Vanaf hun 12de veranderen ze snel, ze beginnen te worden wie ze uiteindelijk zullen zijn, en daar wil ik bij zijn.

Uitsluitend moeder te zijn geeft me een groot gevoel van vrijheid. Het is mijn bedrijf en het loopt zoals ik het wil, dat kun je van geen enkele baan zeggen. Al ben je de directeur, je moet je altijd aanpassen, maar ik kan zelf bepalen wat op een bepaald moment het belangrijkst is. Een keer in de twee weken komt er een hulp in de huishouding. Die drie uurtjes voel ik me onvrij. Dat ligt aan mij, want het is een schat en ze doet het hartstikke goed. Maar als ze opzegt, neem ik geen ander meer.

De rolverdeling tussen Jan-Willem en mij is zeer traditioneel, maar dat heb ik zelf zo gewild. Ik heb hem nooit gevraagd om zich met de kinderen bezig te houden. Hij komt pas na achten thuis van zijn werk, en de rest van de avond zit hij in zijn studeerkamer. Als ik weg moet, komt er een oppas, of hij nu thuis is of niet. Kan ik geen oppas krijgen, dan probeer ik hem wel te strikken, hoewel ik weet dat Jet alles doet. Ze is nu 18 en op haar 11de kon ze al heel goed in haar eentje voor de anderen zorgen, maar ik heb nooit gewild dat ze zich verantwoordelijk zou voelen als er bijvoorbeeld eentje van de trap viel.

Soms neemt Jan-Willem een oudergesprek op school voor zijn rekening, als er twee tegelijk op een avond zijn. Dan maakt hij aantekeningen en rapporteert aan mij, maar andersom niet. Dat ik het weet, is voldoende. Als hij de jongste weleens naar school brengt, is zij apetrots, maar eigenlijk had ik het dan toch stiekem liever zelf gedaan. Ik heb me natuurlijk weleens afgevraagd waarom ik me de verzorging en opvoeding van de kinderen op het bezitterige af heb toegeëigend. Behalve dat het voor ons allebei heel goed werkt zo, geloof ik ook dat ik het gewoon het beste kan. Ik heb geen behoefte om het met hem te delen, ik vind het heerlijk om alle beslissingen zelf te kunnen nemen. Niet dat ik hem weghoud van de kinderen, ik vraag hem bijvoorbeeld geregeld om er eentje mee te nemen op zijn zaterdagse fietstochtje, en dat doet hij dan, zij het niet altijd van harte. En met Jet en Loes is hij eens drie weken naar Frankrijk geweest, waar hij als kind een jaar gewoond heeft, om hun de plekken uit zijn jeugd te laten zien en dat was fantastisch voor ze.

We prijzen onszelf vaak gelukkig dat we elkaar hebben en dat het nog steeds zo levendig is tussen ons, al spreken we elkaar weinig en houden we ons met heel andere dingen bezig. Bij mij thuis waren de rollen trouwens omgekeerd. Mijn vader was dierenarts in Ter Apel, had een praktijk aan huis en zorgde voor mijn twee broers en mij. Moeder liep uren met de honden in het bos en de rest van de dag zat ze te lezen. Dat was voor niemand een punt, mijn vader deed het goed en hij genoot ervan. Hij deed ons in bad, maakte onze oren schoon, kookte meestal, en ook met onze vragen en problemen gingen we naar hem. Anders dan mijn moeder, die heel graag had willen studeren, heb ik wel mijn eigen keuzen kunnen maken.'

Meer over