Nieuws

Zet het masterplan van Onderwijsminister Wiersma zoden aan de dijk? ‘Scholen hebben zeker geen behoefte aan externen die ze vertellen hoe het moet’

Met extra geld en ondersteuning van ‘basisteams met experts’ wil onderwijsminister Dennis Wiersma basisvaardigheden als rekenen en taal op scholen snel omhoog krikken. Hoe haalbaar is dat? Vijf vragen.

Mark Misérus en Irene de Zwaan
Groep 4 van de Huizingaschool in Amsterdam.  Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Groep 4 van de Huizingaschool in Amsterdam.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Wat staat er in het ‘masterplan’ van de Onderwijsminister?

De brief van tien kantjes die Dennis Wiersma donderdagochtend naar de Tweede Kamer verstuurde, vormt een eerste aanzet van het ‘masterplan voor het onderwijs’ zoals aangekondigd in het regeerakkoord. In navolging van het recente advies van de Onderwijsinspectie wil Wiersma dat scholen zich weer focussen op de basisvaardigheden.

Te veel leerlingen verlaten nu het onderwijs terwijl ze niet goed kunnen lezen, schrijven en rekenen, of digitaal niet vaardig genoeg zijn. Wiersma hoopt die trend zo snel mogelijk te keren. Ongeveer vijfhonderd scholen kunnen komend schooljaar al gebruik maken van een subsidieregeling, waarmee ze bijvoorbeeld extra lesuren in basisvaardigheden kunnen financieren .

Ook komen er speciale hulpteams van experts die leraren taken uit handen kunnen nemen, zodat die zich kunnen toeleggen op het geven van goed onderwijs. Aan geld geen gebrek: het kabinet trekt jaarlijks 1 miljard euro uit voor verbetering van het onderwijs, boven op de jaarlijkse 1,5 miljard euro die wordt gereserveerd om de werkdruk te verlagen en de onderwijssalarissen te verhogen.

Uit wie bestaan die hulpteams precies?

Dat kan Wiersma nog niet zeggen. Dit hangt sterk af van wat scholen nodig hebben: op een basisschool waar veel kinderen worden gepest, zou een ingehuurde ‘pestcoach’ daar aandacht aan kunnen besteden, zodat leraren meer tijd hebben voor rekenen en taal. Elders kan het juist weer nuttig zijn als iemand van buiten het nakijkwerk voor zijn rekening neemt. Ook bibliotheken worden genoemd in het masterplan: zij kunnen bijvoorbeeld een deel van hun collectie op scholen aanbieden of leesconsulenten inzetten om leerlingen te ondersteunen bij het leesonderwijs.

De inzet van externe deskundigen ligt gevoelig in het onderwijs. ‘Waar scholen zeker geen behoefte aan hebben, is dat externen komen vertellen hoe het allemaal moet’, waarschuwt de PO-raad, de belangenbehartiger van het basisonderwijs. Volgens Wiersma blijven de school en de leerkracht leidend.

Er is al een lerarentekort, waar haalt Wiersma deze extra mensen vandaan?

De minister spreekt van een ‘forse klus’ om genoeg externe experts te vinden. Zeker als straks alle achtduizend scholen in het basis- en voortgezet onderwijs een beroep op de hulpteams kunnen doen, zoals hij voor ogen heeft.

‘Het is niet te hopen dat dit mensen aan het onderwijsproces onttrekt terwijl er al een lerarentekort is’, waarschuwt de VO-raad, de sectororganisatie voor het voortgezet onderwijs. ‘En je wilt ook niet de hele commerciële markt mobiliseren.’

Jaap Scheerens, emeritus hoogleraar Onderwijsorganisatie aan de Universiteit Twente: ‘Ik denk dat eerst duidelijk in kaart moet worden gebracht welke knowhow er beschikbaar is en hoe deze gerekruteerd kan worden. Dit mag geen feestje voor organisatieadviseurs worden.’

Dat gaat niet gebeuren, reageert Wiersma desgevraagd. Er komen geen ‘duur betaalde consultants die vertellen wat nodig is en weer weg zijn als het echte werk begint’. De hulpteams bestaan uit ‘echte hulp en handen bij het werk in de school’.

Zien scholen het zelf zitten om zich te richten op basisvaardigheden?

Lang niet alle scholen staan te popelen, denkt emeritus hoogleraar Scheerens. Er is een vrij populaire beweging in het onderwijs die juist ‘anti-prestatiegericht’ is en dus meer belang hecht aan het welzijn van leerlingen dan aan het opdoen van kennis. ‘Dat de overheid nu zelf duidelijker regie gaat voeren is loffelijk.’

Om beter inzicht te krijgen in hoe het is gesteld met de basisvaardigheden van met name middelbare scholieren, is het volgens Scheerens van belang dat er standaardtoetsen worden ingevoerd, zodat er een gemeenschappelijke maatstaf ontstaat. ‘Nu wordt er voortdurend geschipperd met eindtermen, kerndoelen, examenprogramma's en referentieniveaus. Dat komt ook de gelijkheid niet ten goede.’

Wie gaat erop toezien dat scholen meer werk maken van rekenen en taal?

Als het aan Wiersma ligt, komt die taak bij de Onderwijsinspectie te liggen. Dat kan, zegt woordvoerder Daan Jansen, maar dan moet er wel het nodige veranderen in de beoordeling van scholen. ‘Er moet meer focus komen op de basisvaardigheden.’

De kelderende leerprestaties van de afgelopen jaren zijn niet terug te zien in de schoolbeoordelingen van de inspectie. Dat valt op, zegt Jansen. ‘De inspectie deelt niet méér onvoldoendes uit. De vraag is nu: moeten we anders gaan kijken? En wat is er mogelijk binnen de huidige wet- en regelgeving? We gaan samen met het ministerie kijken hoe dit vorm kan krijgen.’

Meer over