Zeno tussen ontploffende aardkluiten

'Het leven is niet moeilijk maar heel origineel', zegt Zeno Cosini, zakenman te Triëst, op ongeveer driekwart van Italo Svevo's roman Bekentenissen van Zeno....

Bekentenissen van Zeno is wereldberoemd geworden. Het boek, uit 1923, was niet alleen de eerste psychoanalytische roman. Het was tevens een subtiel geschrift over de teloorgang van de Europese cultuur, met als wig de Eerste Wereldoorlog die de grenzen van het oude Habsburgse Rijk opschudde, veranderde, vernietigde - onder andere ook in Triëst.

Waarom zou de Zuid-Afrikaanse animatiefilmer, tekenaar en theatermaker William Kentridge, die zich in zijn werk altijd als een maatschappijkritisch, met Apartheid en onderdrukking geëngageerd kunstenaar heeft betuigd, plotseling Bekentenissen van Zeno ter hand nemen en daar een theatervoorstelling van maken? Na het anderhalf uur durende Confessions of Zeno, dat zaterdag ter gelegenheid van de opening van de elfde Documenta in het uitverkochte Kasselse Staatstheater in première ging, lag die vraag nog steeds open.

Weliswaar stond in de catalogus bij de Documenta - een manifestatie over hedendaagse beeldende kunst die eens in de vijf jaar in het Duitse Kassel wordt gehouden - dat Kentridge het vooroorlogse Triëst van Zeno verplaatst naar de buitenwijken van Johannesburg in de jaren tachtig van de vorige eeuw om 'het gecompliceerde opgroeien' van een blanke Zuid-Afrikaan onder de Apartheid te onderzoeken. Maar in toneelbeeld (een bourgeois-huishouden uit het begin van de twintigste eeuw als achtergrond) en in regie van het stuk viel weinig van die intentie te merken.

Confessions of Zeno is een in vergelijking tot de roman sterk vereenvoudigd kamerspel over een blanke man (Dawid Minnaar) wiens vader sterft, die trouwt, een minnares krijgt en haar weer verliest. De voorstelling begint met een stoethaspelig gespeelde sterfscène, en eindigt niet met Zeno's zelfverklaarde genezing ('Al lang ben ik me ervan bewust dat mijn gezondheid een kwestie is van eigen overtuiging'), niet met zijn speculatieve fantasie over een louterende wereldexplosie ('de aarde zal, tot zijn nevelvorm teruggekeerd, door de ruimte zweven, vrij van parasieten en ziekten'), maar met grof geschut. In de vorm van historisch archiefmateriaal van zinkende schepen, ontploffende aardkluiten, in greppels wegduikende soldaten.

Toch krijgt het publiek tussen het begin en dat expliciete eind door weinig kans zich te vervelen. Daar zorgt de Handstring Puppet Company uit Kaapstad voor, die vernuftig de door Kentridge ontworpen poppen het spel op toneel in geabstraheerde vorm laat navertellen. Daar zorgen ook de twee sopranen voor, Lwazi Ncube en Phumeza Matshikiza, die begeleid door het Sontonga Kwartet, voor het hoogtepunt van de voorstelling zorgen.

Hypnotiserend en haarzuiver vertolken zij de vlammende, begeerte van vier ongehuwde zussen 'each waiting for her fathers knee', oftewel de hand van een man. Heel subtiel ook veranderen zij van rol: De vurig beminde, mooie zuster Ada wordt de kommervolle, trouwe maar ook saaie Augusta. Zeno ziet het goed: tussen de A van Augusta en de Z van Zeno zit 'een continent van verschil'. Maar wat hij niet ziet is dat hij, de trouweloze jammeraar, speelbal van zijn emoties, in feite het nakijken heeft.

Vermoedelijk heeft Kentridge gewoon een mooie voorstelling willen maken naar aanleiding van een prachtig boek - en dat is een heel legitieme reden. Johannesburg, Apartheid, onderdrukking: het zijn termen die precies in de context van deze 'transnationale' en uiterst geëngageerde Documenta passen. Maar in wezen, zo laat Confessions of Zeno zien, doen ze er helemaal niets toe.

Meer over