Zelfs een Bakrie kan politiek mislukken

Hij leek op weg naar succes, Aburizal Bakrie, maar zijn kans op een ministerschap lijkt verkeken. Andere politici willen hun vingers niet aan hem branden.

SIDOARJO - Drie vingers wijzen elk in een andere richting. Toch wijzen zij allemaal naar hetzelfde: modder. Drie mannen zitten op een hoge dijk en wijzen naar een gestold moddermeer dat zo breed is dat je de overkant niet kunt zien. Je ziet alleen de witte rookpluim, op de plaats waar nog steeds modder omhoog spuit. Onder de modder liggen zestien dorpen, en ook de huizen van deze drie wijzende mannen. Zij vervloeken de dag dat de moddervulkaan van Sidoarjo begon te spuiten. Maar nog meer vervloeken zij de man die zij verantwoordelijk houden voor deze ramp: Aburizal Bakrie.


Onder aan de dijk hangen spandoeken die duidelijk maken hoe zij over hem denken. 'Bakrie, waar is mijn huis?' is nog de vriendelijkste, 'sadistische moordenaar' komt meer in de richting. 'Bakrie is een jancuk, een klootzak', zegt Sumaji, een van de mannen die hun huis hier zijn kwijtgeraakt. Als Sumaji Bakries naam uitspreekt is het of hij vloekt. 'Dat is ook de bedoeling', zegt hij.


Aburizal Bakrie is een steenrijke zakenman, ex-minister, maar vooral: eigenaar van het bedrijf Lapindo Brantas dat hier in 2007 naar gas boorde. Bij dat boren is het hier misgegaan. Diep onder de grond opende zich een scheur en door die scheur baande zich kokendhete modder een weg naar buiten. De moddervulkaan was geboren. Zestien Javaanse dorpen verdwenen, 14 duizend personen raakten dakloos.

Schadevergoeding

Lapindo ontkent schuld en weigert een opgelegde schadevergoeding te betalen. Sumaji: 'Ik heb pas 30 procent ontvangen en het afgelopen jaar heb ik helemaal niets meer gekregen.' In totaal moet Bakrie nog 40 miljoen euro uitkeren, maar hij negeert de aanhoudende protesten van de slachtoffers en legt zelfs een uitspraak van het Constitutionele Hof naast zich neer.


De bewoners zijn machteloos, want Bakrie kan het zich veroorloven. Hij is leider van de tweede partij van het land, Golkar, en staat aan het hoofd van een zakenimperium dat kan beschikken over miljarden euro's. Het geld en de connecties geven Bakrie een bijna onaantastbare status.


Hoe onaantastbaar, dat zou onder anderen de Britse belegger Nathaniel Rothschild merken. De telg uit de wereldbefaamde bankiersfamilie dacht aan Bakrie een veelbelovende zakenpartner te hebben. Hij haalde hem naar de Londense beurs en investeerde honderden miljoenen in een gezamenlijk fonds dat rustte op Bakries steenkoolimperium. Al gauw bleek dat imperium te zijn gebouwd op leugens, leningen en opgepoetste boekhoudingen. Bakrie zelf heeft er een kapitaal aan over gehouden, en Rothschild en zijn investeerders hebben het nakijken. Bakrie heeft zijn duurbetaalde bedrijf teruggekocht voor een habbekrats. Op Twitter spuwt de bankier zijn gal. Hij schrijft: 'Dank je wel voor het terugkopen van een hoop stront.' In een andere tweet noemt hij Bakrie een 'kwaadaardig genie'.


Rothschilds imago aan de Londense beurs is naar de knoppen, maar dat van Bakrie lijkt in Indonesië door die hele affaire geen schrammetje te hebben opgelopen.


Bakrie heeft een kapitaal geïnvesteerd om voorzitter te kunnen worden van Golkar, de oude partij van dictator Suharto. Golkar is nog steeds de tweede partij van het land, en maakt deel uit van de coalitieregering van de huidige president Susilo Bambang Yudhoyono. Bakrie was in die regering coördinerend minister van Economische Zaken en later van Sociale Zaken. Hij werd voorzitter van Golkar en uiteindelijk lijsttrekker en beoogd presidentskandidaat. Zijn miljarden-akkefietje met Rothschild was duidelijk geen probleem.


Een omstreden verleden hoeft in Indonesië geen belemmering te zijn om het ver te schoppen. Dat bewijst Prabowo Subianto, ex-schoonzoon van Suharto en een ex-generaal. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor het organiseren van plunderingen en het ontvoeren en vermoorden van studentenleiders tijdens de val van Suharto, in 1998. Hij is daarvoor zelfs uit het leger ontslagen. Desondanks is hij nu een van de twee overgebleven presidentskandidaten in de race naar de verkiezingen van 9 juli, en wordt de kans dat hij die race zelfs gaat winnen alleen maar groter. Prabowo's adviseur, en broer, Hashim Djojohadikusumo, verbaast dat niet: 'Ach, peilingen wijzen uit dat maar 4 procent van de bevolking zich echt druk maakt om mensenrechten.'


Er zijn echter zaken waar de bevolking zich wél druk om maakt. Aburizal Bakrie leidde zijn partij in de parlementsverkiezingen in april tot een historisch dieptepunt: Golkar bleef steken op 14,88 procent. Belangrijkste oorzaak van dit povere resultaat blijkt de impopulariteit van Bakrie. De zakenman heeft het verbruid bij uitgerekend dat deel van de bevolking dat de meeste stemmen in handen heeft: de gewone man. Die mag dan geen belangstelling hebben voor mensenrechten, maar wel voor Sidoarjo.


Aburizal Bakrie heeft in Sidoarjo laten merken wat hij op heeft met de gewone man: niets. En de gewone man weet dat. Modderslachtoffer Sumaji: 'Mensen uit het hele land komen kijken in Sidoarjo, en wij vertellen aan iedereen dat wij acht jaar door Bakrie zijn belogen. Heel Indonesië weet wat hij hier heeft gedaan.'


Om nog te mogen meedoen aan de presidentsverkiezingen moet Bakrie een coalitie vormen, maar niemand wil hem meer. Iedereen voelt dat hij geen schijn van kans maakt. Bakrie is een politieke last geworden, een outcast. Hij probeert er ten slotte nog maar de best mogelijke deal uit te slepen.


De media noteren hoe hij zich op 9 mei eerst meldde bij Joko Widodo oftewel 'Jokowi', dan nog de gedoodverfde winnaar. Op 17 mei volgde de verrassende aankondiging dat hij een duo zal vormen met Pramono Edhie, zwager van president Yudhoyono. Uiteindelijk werd op 19 mei bekendgemaakt dat hij zich aansluit bij Prabowo.


Bij 'Jokowi' had hij acht ministerposten geëist in ruil voor de steun van Golkar. Die eis werd genegeerd. Ook Yudhoyono's zwager voelde niets voor een avontuur met Bakrie. Bij Prabowo kreeg hij uiteindelijk het hoogst haalbare: zeven kabinetszetels in geval van een overwinning. Bakrie zelf zou een soort superminister worden als goedmaker voor het vicepresidentschap, dat al aan Hatta Rajasa was vergeven. Prabowo haalde Bakrie binnen als een held, 'een kampioen van Indonesisch entrepreneurschap', een steunpilaar van een toekomstig economisch beleid.

Negatief effect

De toespraak waarin Prabowo dat deed is sindsdien op YouTube gewist en Bakrie is ook uit zijn campagne verwijderd, nadat Prabowo's adviseurs hadden ontdekt dat zijn aanwezigheid een 'negatief effect' op Prabowo's populariteit heeft.


De ex-generaal kan geen negatief effect gebruiken. Hij moet alle zeilen bijzetten om een kans te maken tegen Joko Widodo, de populaire gouverneur van Jakarta. Prabowo's opmars is een verrassing, maar een nog grotere verrassing is het succes van deze Jokowi. Die heeft geen miljarden, hij heeft alleen maar zijn populariteit, en die berust niet op een dure campagne, maar op zijn daden. Hij is van arme komaf, een man die oor heeft voor de problemen van de gewone man.


Hij heeft, als enige kandidaat, Sidoarjo bezocht. 'Hij kan rekenen op alle stemmen hier', zegt Sumadji. Hij hoopt dat dan die schadevergoeding er toch komt. De parlementsverkiezingen van april hebben hem al een kleine genoegdoening gegeven. 'Kijk wat er van Bakrie over is. Hij wilde president worden! En kijk, nu mag hij alleen nog maar aansluiten bij Prabowo. Bakrie heeft geen vrienden meer.'

Meer over