nieuws

Zeker 14 doden bij aanslag op legerbus in Syrische hoofdstad Damascus

Na jaren van relatieve rust was de Syrische hoofdstad Damascus woensdag weer het toneel van geweld. Bij een aanslag op een legerbus vielen tijdens de ochtendspits ten minste veertien doden. Het was de bloedigste aanslag sinds vier jaar in de stad.

Damascus, woensdagochtend: de uitgebrande bus op de plek van de aanslag. Beeld AP
Damascus, woensdagochtend: de uitgebrande bus op de plek van de aanslag.Beeld AP

Hoewel de tien jaar oude burgeroorlog in het voordeel is beslecht van president Bashar al-Assad, laat het plotselinge geweld van woensdag zien dat rebellen nog altijd kunnen toeslaan in het Syrische regeringscentrum. De aanslag is nog niet opgeëist door een rebellengroep.

Kort na de aanslag werd het door strijders gecontroleerde plaatsje Ariha in het noordwesten van Syrië – deze regio is nog niet in handen van het regeringsleger – bestookt met artillerie. Volgens bewoners en reddingswerkers in het gebied zouden daarbij elf doden zijn gevallen, de meesten van hen kinderen. Of het om een vergeldingsaanval ging van het regeringsleger voor de aanslag in Damascus, is onduidelijk.

Het geweld was in maanden niet zo erg, ook al verbleekt het dodental van beide aanvallen bij de enorme aantallen burgers, strijders en militairen die op het hoogtepunt van de burgeroorlog om het leven kwamen. Volgens de laatste cijfers van de Verenigde Naties werden sinds de burgeroorlog in 2011 uitbrak 350.209 personen gedood – de VN zeggen erbij dat het hier een minimumaantal betreft, de werkelijke cijfers kunnen hoger liggen.

‘Dit is zeker een lage inschatting van het werkelijke dodental’, aldus Michelle Bachelet, de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de VN, vorige maand. Bij de laatste telling, in 2014, stond het dodental nog op 191.369. Het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten, een groep die de burgeroorlog vanaf het begin nauwgezet volgt, komt uit op minstens een half miljoen doden.

Geweld buitenwijken

President Assads bolwerk Damascus wist grotendeels te ontkomen aan de verwoestingen van de oorlog, hoewel de buitenwijken en omliggende dorpen wel jarenlang het toneel waren van zware gevechten. In 2018 werd deze strijd bij de hoofdstad, onder andere met Russische en Iraanse hulp, in het voordeel beslecht van het Syrische regeringsleger. Een jaar daarvoor werd Damascus voor het laatst opgeschrikt door zware aanslagen. Toen vielen er zo’n zestig doden bij zelfmoordaanvallen van strijders van Islamitische Staat (IS).

De aanslagplegers sloegen woensdag in alle vroegte toe bij een druk kruispunt. Volgens de staatstelevisie werd de legerbus in stukken gereten door een bermbom. Maar volgens anonieme legerfunctionarissen ging het om twee explosieven die aan het voertuig waren bevestigd. Een derde bom viel van de bus en werd onschadelijk gemaakt. ‘Dit is een lafhartige daad’, aldus politiecommandant Hussein Jumaa op de staats-tv.

Het Assad-regime heeft aan het langste eind getrokken in de oorlog, maar het leger heeft nog altijd niet de controle over flinke delen van het land. Naast het noordwesten, waar jihadisten en gematigde rebellen actief zijn, gaat het ook om het noordoosten waar Koerdische strijders de dienst uitmaken. IS is weliswaar verdreven uit Raqqa, dat ooit de hoofdstad was van het ingestorte kalifaat, maar restanten van de terreurgroep zijn nog altijd actief in het oosten van Syrië, nabij de grens met Irak.

Jihadisten

Assad heeft gezworen het noordwesten, waar ook het Turkse leger actief is, weer in te nemen. Maar voorlopig houdt een bestand met rebellen, die vooral grote delen van de provincie Idlib in handen hebben, nog altijd stand. Mensenrechtengroepen en rebellen beschuldigen het leger, dat wordt geholpen door de Russische luchtmacht, regelmatig van artillerie- en luchtaanvallen. Geschat wordt dat In het gebied dat de rebellen nog in handen hebben in het noordwesten, zo’n drie tot vier miljoen burgers wonen.

In Idlib zijn vooral jihadistische strijdgroepen actief, sommige gelieerd aan Al Qaida. Ook hebben leiders van IS hun toevlucht gezocht tot het gebied na de instorting van het kalifaat. De VS maken er regelmatig jacht op leiders en commandanten van terreurgroepen, vooral met drone-aanvallen. Zo maakte het Amerikaanse leger eind september bekend dat een aanval was uitgevoerd op een ‘hoge Al Qaida-leider’. Volgens het Observatorium werd de auto bestookt van een commandant van een groep die banden heeft met Al Qaida.

De VS en Europa hopen dat het overleg in Genève tussen het Assad-regime en de oppositie eindelijk een einde maakt aan de burgeroorlog. Op maandag werd een nieuwe ronde gehouden, de zesde in twee jaar. Volgens de VN-vertegenwoordiger voor Syrië, de Noorse diplomaat Geir Pedersen, zijn beide kampen het eens geworden over de opstelling van een nieuwe grondwet. De onderhandelingen moeten leiden tot verkiezingen onder VN-toezicht.

Meer over