Zang en taal vertroebelen Yerma's drama

Mijn man is een droogkloot, zegt Yerma. En dat is verschrikkelijk. Hij is niet bijzonder grappig, mooi, rijk, slim of teder; maar het ergste is dat hij zich niets gelegen laat liggen aan Yerma's grootste wens: het baren van een kind, haar levensvervulling....

Federico Garcia Lorca schreef Yerma in 1934 en noemde het een tragisch gedicht in drie bedrijven en zes taferelen. De Bossche groep De Wetten van Kepler nu, speelt, zingt en danst dit gedicht. De verwachting, en de wanhoop die erop volgt, de woede en de worsteling van de tragische titelheldin met haar bekrompen omgeving van het Spaanse platteland - Wim Berings en de Vlaamse regisseuse Dominique Hoste vatten het in een muziektheaterproductie van een uur.

Yerma is de dochter van Enrique, een herder die haar uithuwelijkte aan de stugge Juan, een man die slechts oog heeft voor zijn vee en gewas. Yerma gaat het huwelijk aan weliswaar zonder liefde voor Juan, maar met goede hoop op een warm gezinsleven. Wanneer dit uitblijft, heeft zij zo haar eigen antwoord op de voor de handliggende vraag: waarom ga je niet bij hem weg?

Lorca, aldus de Wetten van Kepler in een korte toelichting, appelleert aan een wereld die achter de woorden verborgen gaat. Veel nadruk ligt er dan ook op de lichaamstaal. Aardse bewegingen, onverholen frustratie en dierlijk haast domineren deze Yerma. In de tekst is behoorlijk gesneden; sommige personages zijn opgegaan in een koor.

Hierop is weinig aan te merken; de coupures zijn adequaat aangebracht, en het idee om dit gedicht van Lorca in muziek te vangen is op zichzelf mooi. Maar aan de uitvoering schort het - vooral aan de zang. Ilse van Kemenade (Yerma) is geen zangeres. Haar vocale passages - gelukkig zingt ze lang niet alles - gaan uiterst moeizaam. Voor de getraindere stemmen van Esther Beima en Jan Willem Baljet geldt dit in elk geval minder, maar de koorpassages wekken verbazing als blijkt dat ze deels in het Engels zijn. Verder wordt er Spaans gezongen en gesproken, waarbij een vet-Hollands accent meestal niet te verbloemen valt.

Thomas Falke is een bonkige Juan, die Yerma in afgemeten Spaanse zinnen te woord staat, waar zij hem in het Nederlands antwoordt - waarschijnlijk om nog maar eens duidelijk te maken dat ze wezenlijk een andere taal spreken. Al dat gedoe leidt behoorlijk af en vertroebelt de hartverscheurende kern van de zaak, waardoor deze Yerma je uiteindelijk nauwelijks raakt.

Meer over