bericht uit

Zal de GGD in Utrecht mijn prik uit Afrika accepteren?

Mooi aan het correspondentschap in Afrika is natuurlijk dat je nog eens ergens komt – neem nou het kantoor van de gemeente Utrecht. Bij de GGD aldaar kunnen Nederlanders die buiten de EU tegen covid-19 zijn ingeënt zich laten registreren, om toegang te krijgen tot de coronacheck-app en de digitale EU-reispas. Tijdens een bezoek aan Nederland, vorige week, nam ik de proef met de registratie op de som.

Arts Andrew Mukalazi bezoekt met een koelbox vol vaccins dorpen rond het Victoriameer.
 Beeld Esther Ruth Mbabazi
Arts Andrew Mukalazi bezoekt met een koelbox vol vaccins dorpen rond het Victoriameer.Beeld Esther Ruth Mbabazi

In Oeganda, waar ik woon, behoor ik tot de circa 1 procent van de bevolking die volledig tegen covid is gevaccineerd. Dat zit zo: in april, tijdens het maken van een reportage over vaccinatie op eilanden in het Victoriameer, bood een Oegandese arts me een dosis AstraZeneca aan uit een flesje dat al was geopend en waarvoor verder geen gegadigden meer waren. In plaats van in de prullenbak, belandde de dosis in mijn bovenarm. Omdat in Oeganda mensen met een eerste injectie AstraZeneca op papier in aanmerking komen voor het tweede shot, ging ik na de verplichte wachttijd van acht weken naarstig op zoek naar de vervolgprik. Toen ik na ettelijke belrondes in de hoofdstad Kampala een kliniek aan de lijn kreeg die nog vaccins in huis had, aarzelde ik geen seconde: hup, hardloopschoenen aan, en 5 kilometer richting de tweede injectie hollen (autovervoer was onder de lockdown niet toegestaan).

Ingeënt op de evenaar dus – fijn, maar hoe gaat Nederland hiermee om? Internationaal lijkt er nog wat onduidelijkheid te bestaan: het EU-geneesmiddelenbureau EMA erkent wel het type AstraZeneca waarmee ik bij de tweede keer werd ingeënt – het in Europa gefabriceerde Vaxzevria –, maar niet het in India gemaakte Covishield dat ik bij de eerste keer kreeg. De Wereldgezondheidsorganisatie erkent wel beide types. De EU laat het nu aan lidstaten om Covishield al dan niet te accepteren, en gelukkig voor mij (en een boel anderen) zijn Nederland en de meeste andere lidstaten hiertoe onderhand wel bereid.

Oplichters

In Oeganda was er in juni trouwens wat ophef: meer dan achthonderd mensen bleken in plaats van met Covishield, te zijn bediend met water. Maar goed, de gedupeerden werkten dan ook voor bedrijven die zo onverstandig waren geweest om hun personeel niet naar een van de gratis vaccinatielocaties van de overheid te sturen, maar in plaats daarvan ‘vaccinatieteams’ tegen betaling naar hun kantoren te laten komen. Om naderhand te ontdekken dat deze teams uit oplichters bestonden.

Deze route heb ik zelf niet bewandeld, maar tijdens mijn registratie bij de GGD in Utrecht kwam er wel een ander heikel punt naar voren. Op mijn in Oeganda digitaal geregistreerde vaccinatiebewijs staat dat ik mijn inentingen op 6 april en 8 juli kreeg, terwijl ik in werkelijkheid op 20 april en 28 juni werd ingeënt, zoals te zien valt in mijn vaccinatieboekje. Op mijn digitale bewijs uit Oeganda ontbreken bovendien het serienummer van mijn eerste dosis en de locatie waar ik deze dosis kreeg, informatie die de GGD graag wil hebben.

Gelukkig is men in Utrecht pragmatisch: de GGD gaat af op mijn handgeschreven, bestempelde vaccinatieboekje, waarin wel alle benodigde gegevens staan. En zo geeft een boekje uit Oeganda mij toegang tot de corona-app in Nederland.

Meer over