WW-onveilig verweer

Hoe gaat het vaak bij ontslag? De werkgever kondigt een reorganisatie aan en er moeten mensen uit. OR en vakbonden mogen hun zegje doen....

Het anciiteitbeginsel blijkt behendig toegepast, maar dan is er vaak niet veel meer uit te richten.

Ander voorbeeld. Volgens een ingehuurde organisatieadviseur moet er een cultuuromslag komen. Prestatiecontracten, beoordelingen, functioneringsgesprekken, bonussen en opties worden in de strijd geworpen. In hoog tempo worden personeelsdossiers dikker. Degenen die de nieuwe wind niet in de zeilen krijgen worden eerst toegesproken. Maar gaandeweg verliezen zij vaak toch het vertrouwen van de werkgever. Ineens zijn ze 'in goed overleg' vertrokken nadat ze het advies hadden gekregen 'naar een functie elders om te zien'.

Als een werkgever geen aperte fouten maakt, biedt het ontslagrecht weinig mogelijkheden om een voorgenomen ontslag tegen te houden. Maar het ontslagrecht biedt wel behoorlijk wat 'nuissance value'(tijdrekken, bewijs voor verwijt vragen, klagen over fouten van werkgever, vuile was buitenhangen, anciiteitbeginsel in stelling brengen), die de werknemer de kans biedt zijn huid zo duur mogelijk te verkopen. Daarom wordt over de meeste voorgenomen ontslagen stevig onderhandeld.

Vaak met als uitkomst dat de werknemer tegen de hoogst mogelijkeprijs afstand doet van zijn recht om inhoudelijk verweer te voeren. Dan rest hem nog slechts de mogelijkheid van pro formaverweer in een procedure voor het CWI of de kantonrechter. Dit pro forma-verzet houdt vaak niet meer in dan dat de werknemer de door de werkgever opgegeven verstoring van de arbeidsverhouding of noodzaak tot reorganisatie niet tegenspreekt.

Tot voor kort kon de ontslagen werknemer rekenen op een WWuitkering. Maar tegenwoordig toetst het UWV het pro formaverweer strikter en kent het minder vanzelfsprekend een WW-uitkering toe. Ook in de rechtspraak is dit strengere beleid al door gedrongen Kort geleden oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat het UWV na een formele ontbindingsprocedure, waarin de werknemer met louter pro forma-verweer had volstaan, terecht geen WW-uitkering had toegekend.

Of deze uitspraak een streep haalt door de wijd verbreide praktijk van de 'geregelde ontbinding' valt nog niet te zeggen.

Maar het pro forma-verweer lijkt wel een stuk WW-onveiliger geworden. Naar schatting wordt ruim de helft van de jaarlijks ongeveer vijftigduizend ontbindingen na pro forma-verweer uitgesproken. Die gewoonte heeft van de Centrale Raad van Beroep een ernstige waarschuwing gekregen.

Meer over