‘Wunderteam’ van Klinsmann kent geen ademnood

Prikkelend en prangend is op dit WK de vraag: hoe sterk moet het Duitse elftal worden geacht? Is de ploeg van coach Jürgen Klinsmann vooraf danig onderschat?...

Van onze verslaggever John Volkers

De achtste finale van zaterdag tegen Zweden (2-0) leek louter zekerheden te geven over de rol van Duitsland als WK-favoriet. In de dampende coulissen van de Allianz Arena in München speelde de thuisploeg voetbal van de hoogste internationale orde. Was hier een Wunderteam geboren?

Zoals al eerder is vastgesteld, is Duitsland in eigen land onherkenbaar. De ploeg speelt aanvallend, soms met zeven man naar voren. Er wordt gestoord in de oude forechecking-traditie van het totaalvoetbal. Niet voor niets wordt dezer dagen steeds de vergelijking gemaakt met het Nederland uit voorbije WK-campagnes.

De eerste helft van zaterdagmiddag was de beste helft die een elftal op dit WK op de grasmat legde. Na 11 minuten en 37 seconden stond de beslissende stand al op het bord. Lukas Podolski profiteerde tweemaal van sloop- en sleurwerk van topschutter Miroslav Klose.

Daarna volgde een ware belegering van het Scandinavische doel. Maar liefst 26 keer werd op het doel van de Zweed Isaksson geschoten. De wereld keek ademloos toe bij zoveel drang. Duitsland, op stoom, leek nooit buiten adem te raken.

De waardering kwam in de catacomben in München van alle kanten. Fijn moet het voor Klinsmann zijn geweest om de steun van zijn voorgangers te krijgen. Vogts en Völler steunden hem volledig in de positieve opvatting over de ontwikkeling van het elftal.

Berti Vogts, in 1996 de laatste coach die Duitsland een groot succes – de Europese titel – schonk, gaf hoog op van zijn landgenoten. ‘In de laatste vijf, zes jaar heeft geen elftal zo goed gespeeld als het Duitse elftal in de eerste 45 minuten van deze wedstrijd.’

Rudi Völler, de coach die in 2002 Duitsland naar de finale van het WK voerde, was zeker zo scheutig: ‘Met de prestatie zoals Duitsland die in de eerste helft leverde, kun je in dit toernooi alles bereiken. Op deze manier is alles mogelijk.’

Volgens deze insiders – met Duitse pet op, dat wel – is ondanks de lastige horde van Argentinië in de volgende wedstrijd het vierde wereldkampioenschap in de maak. Duitsland was eerder in 1954, 1974 en 1990 kampioen. De popgroep The Sporties hebben er het best beluisterde liedje van Duitsland van gemaakt.

Die wereldtitel lijkt er ook te kunnen komen, want er is nog steeds ruimte tot verbetering, meende Klinsmann zaterdag. Hij beloofde in de kwartfinale tegen Argentinië een nog beter Duitsland. ‘We hebben onder mijn hoede de laatste jaren tweemaal gelijkgespeeld tegen de Argentijnen. Het is hoog tijd om ons nog iets te verbeteren en hen deze keer te verslaan.’

Klinsmann begon de persconferentie aarzelend, maar zette daarna zonder bedenkingen door. Hij heeft in zijn van Amerikanen afgekeken aanpak – met grote nadruk op teambuilding en fitness – zijn elftal vertrouwen en uithoudingsvermogen gegeven.

De bouwstenen waarmee hij zijn ploeg bouwde, zijn, op Michael Ballack en Jens Lehmann na, niet de allerbeste van Europa. Maar het aanvalskoppel Klose-Podolski, van respectievelijk Werder Bremen en FC Köln, blijkt het gevaarlijkste van het WK, goed voor al zeven treffers.

Op het middenveld zijn Schneider, Ballack en Frings in grote vorm. Van de verdediging maakte de back Lahm de meeste indruk.

De rol van twaalfde man door een land op stelten valt ook niet te onderschatten. Thuisvoordeel is een onvervreemdbaar bestanddeel om ver te komen in je eigen toernooi: vraag het de Fransen die in 1998 in eigen land de wereldtitel behaalden.

De beste Fransman uit de voetbalgeschiedenis, Michel Platini, wilde daarom nog wel een waarschuwing plaatsen. In een interview riep hij op tot voorzichtigheid. ‘Wie aan het begin alles geeft, wordt aan het einde zelden beloond.’

Want aldus de leer van Platini, de Europees kampioen van 1984: ‘De weg naar de titel is nog lang en ver. Naar mijn mening kun je niet van het begin van een WK vol gas geven en denken dat je aan het einde van het toernooi de beker hoog houdt.’

In de redenering van Platini is het ergste scenario: Duitsland heeft zijn beste wedstrijd van het toernooi al achter de rug. Vanaf nu wordt het veel moeilijker.

Meer over