Winter te koud voor wintertriatlon

Lopen langs het Twiegenpad, fietsen door Angelse Landen en Amen, vervolgens schaatsen op ijsbaan De Smelt. Dat is de wintertriatlon van Assen, een uniek fenomeen binnen de triatlonsport....

Rolf Bos

WELKOM IN de wondere wereld van de winter triatlon. Buiten is het zeventien graden, binnen draaien tientallen schaatsers hun honderd rondjes. Gehuld in thermische kledij, verplichte handschoenen aan, niet zelden met ook een muts op het hoofd, laten de bikkels de schaatsen ritmisch klappen.

De zon straalt door het halfopen dak naar binnen. Flinke plassen hebben zich op de ijsvloer gevormd. Dit is de ijsbaan van Assen, in een kunstijshal met een wel heel bijzondere naam: De Smelt. Een ernstig geval van nomen est omen.

Er zijn goede schaatsenrijders bij, anderen worstelen met de juiste techniek. Daar schieten Arjen Kuper en Bert Verduin voorbij, keurig ronddraaiend in de juiste winkelhaak-houding. Kuper, meervoudig kampioen wintertriatlon. Verduin, in 1997 nog derde bij de Elfstedentocht, achter Angenent en Hulzebosch.

Verduin, een goede loper en schaatser natuurlijk, en nog steeds regerend Nederlands kampioen natuurijs, is pas 36 jaar. Het is een genot hem over het ijs te zien glijden, maar de bij het fietsen opgelopen achterstand kan hij vandaag niet meer goed maken. 'Ik train bijna nooit op de fiets, omdat ik geen tijd voor die lange duur trainingen.'

Zoals hij ook geen tijd meer heeft om bij de A-rijders van het marathonpeloton aan te sluiten. 'Ik heb wat last van een heupblessure, het bochtendraaien gaat wat minder. Maar wat het nog moeilijker maakt is dat ik een bloemenkwekerij heb en zaterdags vaak keihard moet doorwerken. 's Avonds ben ik dan niet fit genoeg meer', zegt de atleet uit Heemskerk, die inmiddels C-rijder is.

De wintertriatlon, het is een oer-Nederlandse fenomeen dat lopen, fietsen én schaatsen verenigt. Een uniek verschijnsel in de internationale triatlonwereld, waar wel een winterse vorm bestaat, maar dan met langlaufen in plaats van schaatsen. In die combinatie zijn er zelfs EK's en WK's, de variant met schaatsen moet zich behelpen met een Nederlands kampioenschap.

Zaterdag was het weer zover. De winter lag nog ver voorbij de horizon, de zon liet zich van zijn beste kant zien en de Drentse bomen hulden zich nog in de mooiste kleuren. Nooit gedacht om deze winterse triatlon wat later in het seizoen te leggen, is een logische vraag aan Lolke Vos, voorzitter van de Stichting Winter triathlon Assen

'Oh nee, dat laat de volgorde niet toe: lopen, fietsen en schaatsen. Wanneer je sporters eerst 20 kilometer laat hardlopen in echt winterse kou, dan vallen ze bij de 100 kilometer fietsen met bosjes van het rijwiel. Kou en langdurig fietsen gaan niet goed samen. Dit is het goede jaargetijde.'

Vos is al sinds jaar en dag voorzitter van het evenement in Assen. Vorig jaar luidde hij bijna de noodklok. Het aantal deelnemers op de lange wintertriatlon - 20 kilometer lopen, 100 kilometer fietsen, 40 kilometer schaatsen - liep sterk terug.

'Als die trend zich had doorgezet dan hadden we binnen een à twee jaar die hele discipline kunnen opdoeken.' Dit jaar stond de teller lange tijd op 75, maar de na-inschrijving bracht het totaal toch nog verrassend op een kleine 125 deelnemers.

Nee, voor die 'gigantische' toename heeft Vos geen verklaring. De trend is toch juist - zie ook het teruglopend aantal sporters in Almere - dat de korte triatlon aan populariteit wint? 'Ja, maar misschien zijn er toch weer voldoende sporters die aan dit verschijnsel willen proeven.'

Mannen dan, want vrouwen laten het op die hele afstand danig afweten. Slechts twee inschrijvingen van triatletes kende de hele wintertriatlon dit jaar. De organisatie wenste geen toestanden zoals vorig jaar, toen Geurie Vastenburg als enige vrouw de lange afstand aflegde. Dat was indertijd wel een erg makkelijk verdiende gouden medaille.

Dus werden Marianne Vlasveld en Minke Oort dit jaar terugverwezen naar de halve afstand. Vlasveld, al verscheidene malen Europees kampioene wintertriatlon (maar dan met langlaufen in plaats van schaatsen) won met overmacht.

Triatlon is een sport van gemiddelden en dat geldt zeker voor de winterse variant. Je kunt nog zo uitblinken in één of twee onderdelen, als je slecht uit de voeten kunt op schaatsen kun je een overwinning wel op de buik schrijven. Dat overkwam in het verleden toppers als Frank Heldoorn, dit jaar stapte Guido Gosselink in de voetsporen van de meervoudige winnaar van Almere.

Gosselink liep en fietste naar behoren, maar het schaatsen ging hem een stuk minder goed af. De triatleet, koud terug van de fameuze triatlon van Hawaii en nu toch al weer sportend in Assen, stapte met zesenhalve minuut voorsprong op het ijs.

Dat verschil bleek niet voldoende om Arjen Kuper van prolongatie van zijn Nederlandse titel af te houden. Kuper gleed soepele rondjes, daar waar het geschaats van semi-prof Gosselink allengs toch iets amechtigs kreeg.

Gosselink: 'Ik ben pas vorige winter serieus met schaatsen begonnen. Het gaat al beter, maar nog niet goed genoeg. Als ik hier vandaag een gat van zeven minuten bij het fietsen had kunnen maken, dan was het misschien gelukt.'

Kuper: 'Ik was bang voor de fietsende Gosselink. Als hij acht minuten had gepakt, was het moeilijk voor mij geworden.' Kuper verdiende nu met zijn nieuwe titel zeshonderd gulden, Gosselink moest zich tevreden stellen met vier briefjes van honderd.

Kuper is afkomstig uit een sterke schaatsersfamilie uit Exloo. Broer Ubbo draait rondjes bij de B-rijders in het marathonpeloton, vader Harm schaatste zaterdag als wintertriatleet nog keurig met de veteranen mee.

De laborant in de aardappelindustrie, die zelf een sportdrankje ('Maltex') ontwikkelde, deed dat trouwens als enige in korte broek, de voeten in geitenwollen sokken in de noren gestoken - ook dat hoort bij de wondere wereld van de wintertriatlon.

Meer over