Winnaar Indiase verkiezingen BJP levert vier moordverdachten

Met een verpletterde verkiezingsoverwinning heeft oppositieleider en de toekomstig premier van India Narendra Modi zijn nationalistische BJP-partij verzekerd van een absolute meerderheid in het Indiase parlement. De hindoe-nationalistische partij decimeerde de door corruptieschandalen geteisterde Congrespartij die al bijna een halve eeuw aan de macht was in de grootste democratie van de wereld. Maar of de nieuwe volksvertegenwoordigers van de BJP wel koosjer zijn, valt nog te bezien. Vier BJP'ers die zitting zullen nemen in het Indiase parlement worden verdacht van moord.

Narendra Modi (m) geflankeerd door leden van de BJP Beeld afp
Narendra Modi (m) geflankeerd door leden van de BJPBeeld afp

Dat blijkt uit een analyse van de Association for Democratic Reforms. Zij zien een stijging van het aantal volksvertegenwoordigers met een crimineel verleden. Zo loopt tegen 34 procent van de nieuwe parlementariërs een rechtszaak. Dat is 4 procent meer dan in 2009. 21 procent van de leden blijkt aangeklaagd te zijn voor ernstige misdrijven zoals kidnapping, aanranding en dus moord. Bij de vorige verkiezingen lag dit percentage nog op 15 procent.

Pragmatisme
De reden dat politieke partijen in India het niet zo nauw nemen met een antecedentenonderzoek is er een van pragmatische aard. De partijen zijn namelijk niet huiverig in zee te gaan met harde criminelen die in staat zijn de kostbare verkiezingscampagne te financieren. Bovendien heeft de lokale kiezer meer vertrouwen in lokale kandidaten die op criminele wijze meer voor de gemeenschap gedaan krijgen dan de grote anonieme overheid.

Voor criminelen is de politiek weer een uitstekende manier om de eigen macht te vergroten en biedt het mogelijkheden om crimineel geld wit te wassen. Kostbare uitgaves voor de verkiezingscampagne zijn voor hen een lucratieve investering.

Narendra Modi Beeld ap
Narendra ModiBeeld ap

Moslimhaat
Hoewel Modi niet voor de rechter hoeft te verschijnen, heeft ook hij geen schoon blazoen. Vlak nadat Modi in 2002 aantrad als president van de deelstaat Gujarat, brandde er een trein met hindoepelgrims uit. De brand zou aangestoken zijn door moslims. Bij wijze van represaille hielden hindoes pogroms in en om Ahmedabad waarbij ruim duizend moslims omkwamen. Modi greep niet in.

Vorig jaar reageerde hij in een zeldzaam moment van openhartigheid op de rellen van 2002. In het interview profileerde hij zich als een hindoenationalist die 'absoluut niets verkeerd' had gedaan. Het geweld tegen de moslims betreurde hij, maar dan zoals hij ook de dood van een overreden puppy zou betreuren. 'Als wij een auto besturen of er als bijrijder in zitten en er komt een puppy onder de wielen, dan zal dat pijnlijk zijn, toch?'

Miljoenen moslims vrezen dan ook dat na de eclatante overwinning van de hindoe-nationalistische BJP discriminatie en intolerantie zullen toenemen. Voor Parveen Babu, die haar man en vier kinderen verloor bij de bloedige rellen in Gujarat, staat een ding vast: 'Modi haat moslims', zegt zij tegen AFP. Maar zij vraagt zich af of hij het zich als premier kan veroorloven om dat duidelijk zichtbaar te maken. Toch zijn er ook moslims die Modi het voordeel van de twijfel willen geven. Zij houden zich vast aan de verkiezingscampagne waarin Modi zich verre heeft gehouden van opruiende sektarische retoriek en bleef hameren op economisch herstel.

Archieffoto van een hindoenationalist tijdens de rellen in Gujarat in 2002 Beeld afp
Archieffoto van een hindoenationalist tijdens de rellen in Gujarat in 2002Beeld afp
Meer over