William en Kate: welk sprookje?

Een paar dagen voor 29 juli 1981 ging mijn beste vriendin naar de kapper. We waren destijds zeventien, droegen een verplicht schooluniform en snakten naar een origineel uiterlijk. Mijn vriendin liet haar blonde haren zwart verven en permanenten. Haar brave ouders reageerden ontsteld op haar afrokapsel. De keurige bloesjes en broekrokken verruilde ze voor versleten jeans en dito T-shirts. Ze had er kennelijk alles voor over om niet meer te lijken op de persoon op wie ze sprekend leek: Diana Spencer.

Haar omgeving reageerde met onbegrip. Want ja, ook Roemenië was in de ban van de royal wedding, die de staatstelevisie niet zou uitzenden en slechts voor bevoorrechten te bekijken zou zijn via videobanden van het Britse consulaat. Er werd collectief gezwijmeld. Een beetje vrouw blondeerde destijds heur haar en schroeide het met hete ijzers in zo'n opkrullende pony - een dakgoot die alle expressie van ogen en voorhoofd veegde. Omdat Diana (spreek uit 'Diejaana') grote blauwe kijkers had, beschilderden de Roemeense vrouwen hun oogleden met een gulle laag azuurblauw.

Ook de mode was besmet. Ineens droeg iedereen anticommunistische bloesjes met pofmouwen in frisse pastelkleuren, zwierige plissérokken van fijne, dus westers ogende stoffen en modieuze sandalen met enkelbandjes. Zwarthandelaars en naaisters hadden het maar druk.

Misschien kwam het door puberale rebellie, misschien door esthetische weerzin, maar mijn vriendin en ik zijn aan de Diana-rage ontsnapt. Wij zagen vooral de nachtmerrie: een betreurenswaardige tuthola die met een niet al te snuggere paardenkop op leeftijd trouwde. Een arrangement dat veel weg had van een gouden kooi.

Zo cynisch op die leeftijd? Zeker weten. We groeiden op in een ongekende politieke beklemming en we waren wars van alles wat knelde. Oudere seksegenotes konden dagdromen bij de sociale veiligheid die een monarchie zou bieden en zagen in dat huwelijk waar zoveel tradities samenkwamen een bewijs dat er een betere (politieke) wereld bestond. Maar wij moesten niks hebben van die bijna leeftijdgenote die door een instituut als de monarchie werd opgeslokt. Diana, beteuterd kijkend in ruisende slagroomtaartjurk - we zagen de foto's in de Paris Match - ging haar ondergang tegemoet.

En ja hoor, het sprookje eindigde twee baby's later toen échte geliefde Camilla de echtelijke escapade van Charles beu was. Dat konden we in juli 1981 niet weten, maar iets anders was toen wel duidelijk: die vorstelijke bruid was een bang kind, de afwezige man aan haar zijde oogde liefdeloos en de hiervoor onverschillige wereld likkebaardde vooral bij pronk en praal, het overduidelijke bedrog ten spijt. Dat ook vrije mensen vrijwillig vielen voor conventie was iets dat we onmogelijk konden begrijpen.

Dertig jaar later vind ik die mondiale fascinatie voor zo'n royal wedding nog steeds bizarre folklore. Goed, er is nu eenmaal behoefte aan larger than life vertoon. God is nergens aan te raken, maar de koets met de halfgoden kart echt door de Londense goot. Met de huwende William, zoon van de heilige Di, slaan de royalisten twee vliegen in een klap: herdenking en remake van de bruiloft van 1981. Dat Kate een volksdochter is die alsnog haar prins krijgt, prikkelt het geloof in de wonderen van de democratie.

Maar. De monarchie staat, als bekend, haaks op wat ons werelddeel een minimum aan beschaving geeft: gelijkheid voor de wet, gelijke kansen op alle sociale ladders. Dankzij de tv kan iedereen zien hoe 'royals' die zich, zoals de tijdgeest gebiedt, als 'gewoon' voordoen, door de mand vallen. Er is geen talent dat hun uitzonderingspositie rechtvaardigt en de banaliteit van hun bestaan staat haaks op de verbeelding die ze los maken.

Maar het sprookje dan, gonst het, hebben we dat niet nodig in deze zware tijden? Welk sprookje? We spreken hier over een getroffen jongeman die zijn moeder verloren heeft op veel te prille leeftijd. Een moeder die terecht onblij was met het gekooide bestaan waar ze in gehouden werd door het monarchistisch klapvee. Zijn vader is een tragische figuur die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt zonder dat hij mee mocht draaien in het familiebedrijf. Omdat zijn 85-jarige moeke hem daarvoor niet geschikt acht. Die halve wees trouwt met een onbenullige socialite. De banaliteit daarvan kan niet beter verwoord worden dan in deze strofen van Tim Dowling in The Guardian: 'Wish two crazy kids the best / Line the route and pray it's sunny / God bless this waste of public money.'

Nausicaa Marbe is schrijfster. opinie.Volkskrant.nl/auteurs

undefined

Meer over