'Wij missen onze vader, ons alles'

De Dodenmars is er een van Israëls hoop. Bij duizenden zijn ze ook nu weer gekomen. Stilzwijgend. Ze gaan te voet, als in de bijbelse dagen van koning David....

BEN HAVEMAN

Van onze verslaggever

Ben Haveman

JERUZALEM/TEL AVIV

Dan loeien de sirenes, net als in de spookachtige winter van 1991, toen de bevolking zich drie, vier keer per etmaal in veiligheid bracht voor weer een Scud-aanval uit Bagdad. Sirenes, twee minuten lang. Op de straat en de boulevard die zijn genoemd naar de stichter van de zionistische beweging Theodor Herzl, is de mensenmassa op slag bevroren. Dan is het stil. Het lijkt alsof Jeruzalem de adem inhoudt. Een hoofdstad en een land eren staatsman Yitzhak Rabin.

In toestellen van de Israëlische luchtvaartmaatschappij zwijgt de muziek, video's worden niet vertoond. Geen belastingvrije artikelen voor de passagiers, die wel in het El Al-magazine de wrange tekst aantreffen dat het Beloofde Land nog nooit eerder zo veel beloften toonde (advertentie waarmee een bank investeerders lokt).

Overal in het land hangen vlaggen met een zwarte rouwbanier.

'We missen onze vader, onze broeder, ons alles', zegt een billboard. 'Maar zelfs in dit duistere uur leeft zijn geest voort', zal de Amerikaanse president dit volk voorhouden; op de Herzl begraafplaats die tijdens de rouwceremonie voor dat volk is afgesloten. In een supermarkt langs de route kijkt het winkelpersoneel met gesloten deuren naar televisiebeelden. 'Dus moet u ook uw kracht niet verliezen', hoort men Clinton zeggen. Op straat klonteren groepjes samen rond draagbare radio's.

Na de schok van de moordaanslag was er de verdoving, nu is er de ingehouden verbijstering. In Eretz Israel is de vijfde kolonne niet meer synoniem voor zelfmoordenaars van de Palestijnse Hamas en de pro-islamitische Hezbollah. De joodse broeder-jihad draagt alleen nog de naam van Yigal Amir, voorlopig. Maar in evaluaties op straat durft een enkeling hardop te veronderstellen dat er in het verborgene meer joodse terroristen rondlopen, vervuld onblusbare haat tegen het vredesproces.

Joodse kolonistenzoons in Kiryat Arba hadden elkaar na de moordaanslag 'mazzeltov' toegewenst, zo meldde The Jerusalem Post. En in het dorp Rosh Ha'ayin heeft het schoolbestuur een onderwijzeres ontslagen die voor de klas de vermoorde president een verrader noemde; Amir was in haar ogen een heilige. Het is dezelfde terminologie die moeders van Palestijnse zelfmoordcommando's in de mond nemen, als ze handen ten hemel slaan onder de uitroep: Allah is groot.

Op kleurenfoto's in de Israëlische dagbladen kijkt 'de man die de trekker overhaalde' uitdrukkingsloos en paginagroot de geschiedenis in. Hij zou filmacteur kunnen zijn hoor ik een meisje tegen haar vriendin zeggen. 'Val jij niet op hem? Ik zou op zo iemand verliefd kunnen zijn. Knap gezicht. Maar dit gezicht kun je niet vaak genoeg vervloeken. Dit gezicht verminkt het gezicht van Israël.'

Uit een naburige Jeshiva (school voor godsdienstonderricht) komt een chassidiem in lange zwarte jas en pijpekrullen onder zijn zwarte hoed aansnellen. Hij kijkt niet op of om, maar mompelt voor zich uit: 'Dit is de straf van God'. Meer toelichting wil hij niet verschaffen. 'Het is de straf van God.' In fundamentalistische kringen van de mea sheariem, het Staphorst van joods Jeruzalem, heeft men die straf voorzien. Want heeft rabbijn Zvi Yehuda, geestelijk raadsheer van Het Blok der Getrouwen, een halve eeuw geleden niet geprofeteerd dat er eens een golf van geweld tussen jood en jood op joodse bodem zou losbranden?

Aan de moordaanslag op de avond na de sabbat gingen scherpe woordenwisselingen tussen leden van de Vrede Nu-beweging en hun rechtse aartsvijanden vooraf waar niemand meer van opkijkt. Zo kon zich in een sfeer van toenemend verbaal geweld een geplande afrekening voltrekken. De menigte die weduwe Leah Rabin haar medeleven kwam betuigen kreeg van haar dan ook te horen: 'Het is jammer dat jullie allemaal niet hier waren toen betogers aan de overkant van de straat hem uitmaakten voor verrader en moordenaar. Erg pijnlijk dat jullie er toen niet waren'.

In Tel Aviv is het Koningen van Israël Plein maandagmorgen omgedoopt in Yitzhak Rabin Plein. Hier vielen de dodelijke schoten, hier zitten mensen geknield bij aanplant van honderden waxinevlammetjes. Op de stadhuismuren getuigen talloze opschriften van woede en verdriet. Rotsblokken met bloemen er op geven de fatale plek aan. 'Wij huilen met het volk van Israël', schreef een middelbare school. En 'Vaarwel vader'. Rabin is geboren om onze held te zijn, staat er met vlammende letters. En op een poster heeft het meisje Orit Schwarts geschreven: 'Dromen kunnen niet worden vermoord'.

Dromen. 'Ik kan niet meer over dromen praten', zegt Mano Sosepha, een vrouwelijke ingenieur. 'Ik heb geen woorden. Geen woorden.' Er komen tranen onder haar zonnebril vandaan. Ze had spijt dat ze haar kinderen niet meenam naar de sarcofaag in de Knesset. Haar woorden gaan verloren in de ochtendspits. Door open ramen van de meeste auto's is de stem van wijlen Rabin te horen met de gedenkwaardige laatste woorden: 'Laat het land van melk en honing niet het land van bloed en tranen worden'.

Rond het middaguur, als het Egyptische staatshoofd Mubarak in live-uitzending van de Israëlische tv zegt dat hij alleen voor de condoléance is gekomen en dat aan zijn allereerste bezoek aan de joodse staat geen enkele politieke betekenis mag worden toegekend, ligt Jeruzalem uitgeleverd aan een nerveuze overmacht van veiligheidstroepen.

'Kijk, daar gaat de helikopter met Clinton', zegt een oude man met een zonnehoedje. 'Die rijdt niet mee in de stoet. Bang voor aanslagen. Waarom denkt u dat Arafat zich niet durft te laten zien? Die heeft het tegenwoordig gevaar van twee kanten te duchten.' Na een lange rij limousines ('in die grijze met kogelvrij glas zit Peres, Rabin heeft hem nog van Clinton cadeau gekregen'), naderen twee rechthoekige lage voertuigen, die tot een soort zwarte tanks zijn omgebouwd. De kist. De bloemen. Een meisje begint te bidden voor Rabins zieleheil. Ze huilt.

Des te meer valt een passerend groepje orthodoxe zwartjassen (het boordeknoopje dicht) op door druk gepraat. Maar dan gaan de monden stijf dicht. Geen commentaar? 'Ze vonden het misdadig dat Rabin stukken van het Heilige Land aan onze doodsvijanden wil teruggeven', zegt de man met het zonnehoedje voor zijn beurt. Zijn Syrië en Israël immers niet een maand of drie verwijderd van een historische overeenkomst over de Golan?

Het is Yanni, een hippie-achtige student, een gruwel. En Rabin, zegt hij, had er geen benul van hoe zwaar het leven in de nederzettingen is. Yanni woont in de nederzetting Otniel op de Westoever. Hij ziet er niet uit als het type kolonist dat er op uit gaat stenen gooiende Palestijnen in elkaar te slaan. Er moest een premier worden vermoord om uiteenlopende politieke kampen te verenigen in dit laatste eerbetoon aan Rabin, zegt Yanni.

Een Palestijnse student achter hem valt hem bij: 'We zijn in haat opgegroeid, dat zit in onze opvoeding'. Hij komt uit Galilea, de Palestijn Kadah Monafak en is student biologie aan de Hebreeuwse Givat Ram Universiteit. Hij zegt: 'Vorige week ging mijn neef dood. Toen heb ik niet gehuild. Toen ging er een Israëli dood en ik heb gehuild. Hij heette Rabin'.

Een soldaat langs de afzetting heeft het aangehoord en deelt een fles bronwater met de omstanders. De militair aarzelt even alvorens de fles ook Kadah voor te houden. Die zal, als zovelen, het graf van Rabin niet bereiken voor de laatste groet. De begraafplaats is alleen toegankelijk voor hoogwaardigheidsbekleders. De mars van de jongeren gaat als een nachtkaars uit. Zo niet de Israëlische vredespolitiek, zal de ex-minister van Buitenlandse Zaken Abba Eban op CNN verklaren. 'Deze vreselijke moord zou wel eens een duwtje in de goeie richting kunnen zijn. Hoe raar het ook klinkt.'

Meer over