Wielrennen begint nu ook saai te worden

Ook tijdens de klassiekers kon het wielrennen geen goed doen. Na alle affaires moet de sport zich nu verantwoorden voor haar voorspelbaarheid....

Marije Randewijk

Minder kijkers, minder zendtijd op televisie, minder sponsors en minder geld: de hoogtijdagen van het wielrennen lijken voorbij. Tot die conclusie kwam vorige week een Duits onderzoeksbureau. De commerciële waarde van de sport was volgens hun telling in een jaar tijd bijna gehalveerd.

In het peloton schrokken ze er niet van. De meesten reageerden op de onheilstijding zoals verwacht: ze staken de kop in het zand. De kijkcijfers, die zeiden niets. Een oorzaak voor de daling was in het mooie weer snel gevonden. Het teruglopende aantal uren zendtijd telde ook niet. Een nieuwe held en alles is anders, kijk naar Vlaanderen en Tom Boonen.

Bovenal bleek wielrennen een sport die nog altijd zeer rendabel is voor sponsors. En ook zonder die geldschieters zou ze altijd blijven bestaan. Die bewering klopte wel, maar ging voorbij aan het signaal dat sinds de Tour de France van vorig jaar wordt afgegeven door het grote publiek. Het lijkt maar niet door te dringen dat de randzaken de hoofdzaken overschaduwen en dat op die manier steeds meer liefhebbers de sport de rug toe zullen keren, of dat al hebben gedaan.

We praten veel maar doen niets, legde Rabobank-manager Theo de Rooij de vinger op de zere plek. Het gebrek aan daadkracht is onthutsend en het normbesef bij veel collega’s noemde hij ontmoedigend.

Het Spaanse dopingschandaal Operación Puerto is daardoor, in tegenstelling tot andere takken van sport, een jaar na dato nog altijd het gesprek van de dag in het peloton. Sterker, het maakt in het wielrennen de komende weken mogelijk 49 slachtoffers meer dan oorspronkelijk was aangenomen. Dat berichtte tal van Italiaanse kranten afgelopen weekeinde.

De affaires blijven zich opstapelen en tot overmaat van ramp werden de voorjaarsklassiekers afgeschilderd als de saaiste ooit. Of dat werkelijk zo was, is maar de vraag. Met Oscar Freire (Rabobank), Alessandro Ballan (Ronde van Vlaanderen), Stuart O’Grady (Parijs-Roubaix), Stefan Schumacher (Amstel Gold Race) en Danilo di Luca (Luik-Bastenaken-Luik) zette het voorjaar in elk geval prachtige winnaars op het schavot.

Kennelijk waren de wedstrijden zwaar genoeg om het kaf van het koren te scheiden. En zoveel verschilde het koersverloop nu ook weer niet met de afgelopen seizoenen. De trend van de voorspelbaarheid is zeker niet dit jaar gezet.

De klachten over het gebrek aan opwinding waren ook vooral te horen in België en Nederland, landen die veelal een bijrol vervulden in de mooiste klassiekers. Ploegleider Erik Dekker vergeleek het wielrennen met een schilderij. Daar kon hij naar kijken en het mooi vinden. Maar een kenner zou langer blijven staan en meer zien dan hij. Zo was het met de wielerliefhebber ook. Maar hoe zit het dan met het grote publiek, de groep die zijn sponsor wil bereiken?

Dat er een discussie wordt gevoerd over de saaiheid van de klassiekers, is tekenend voor de huidige situatie. De wielersport kan na een lange reeks schandalen geen goed meer doen en de geloofwaardigheid heeft zich na een dramatisch seizoen niet hersteld.

Cynisch genoeg werd geopperd het gebruik van epo toe te laten in het peloton omdat op die manier renners weer in staat zouden zijn tot extreme inspanningen. Nu hadden ze maar één pijl op hun boog en verschoten ze die – uit angst – pas diep in de finale.

Het is een boude bewering dat het niveau in het peloton daardoor is genivelleerd en de voorspelbaarheid in de hand heeft gewerkt. Anderzijds is het ook te gemakkelijk de opwarming van de aarde er de schuld van te geven, zoals sommige trachten te doen.

De klassiekers lijken op Tourritten, vond Dirk Demol, ploegleider bij Discovery. Een handvol ongevaarlijke renners mag op avontuur, de ploegen van de favorieten controleren en in de finale bepalen de kopmannen wie de winnaar wordt. Ofwel, de sport is verworden tot een tactisch steekspel.

Het gebruik van moderne communicatiemiddelen heeft de spontaniteit uit de renners verdreven. Toen Demol een van de buitenlanders in zijn ploeg erop aansprak dat hij niet was mee zat in een ontsnapping, kreeg hij als antwoord dat zijn ploegleider hem was vergeten te waarschuwen dat er net een stuk met zijwind aankwam. Michael Boogerd noemde het zelfs een reden voor zijn afscheid. Het gebruik van de ‘oortjes’ had de ziel van zijn sport aangetast.

Dekker zei de discussie best opnieuw te willen voeren. Hij is de eerste niet. Vijf jaar geleden werd die klacht voor het eerst gehoord. Sindsdien is er veel over gesproken, maar niets aan gedaan. Het zou handig kunnen zijn als men die volgorde in het wielrennen eens omdraait.

Meer over