Wie kraakt Noors wachtwoord?

Mensen die geheimen mee hun graf in nemen - breek ze bij het Ivar Aasen Centrum voor Noorse Taal en Cultuur in Ørsta de bek niet open....

Het computerbestand bevat elfduizend titels van boeken die behoren tot de privécollectie van Reidar Djupedal. Deze Noorse literatuurprof overleed in 1989. De database werd gemaakt door familielid Wolf Djupedal. Die stierf in 1993. De gezamenlijke erfenis van Reidar en Wolf is in 1994 door de nazaten geschonken aan het Ivar Aasen Centrum. Het instituut is vernoemd naar de man die eind negentiende eeuw de basis legde voor het nieuwe Noors. Deze taal verenigde een aantal dialecten tot een nieuw schrift, dat vandaag de dag door een vijfde van de Noren wordt gebruikt.

De archivarissen hebben nu een hypermodern probleem. Programmeur Wolf Djupedal heeft nooit de kans gehad om het wachtwoord door te geven waarmee hij de database van de boekenverzameling beveiligde.

Het instituut beschikt wel over een uitdraai op papier, maar de gegevens staan niet in de volgorde zoals de archivarissen die graag hebben. De collectie opnieuw in kaart brengen zou zeker vier jaar manarbeid vergen.

Het Djupedal-mysterie kwam eind mei in het nieuws, toen de Noorse radio er lucht van kreeg. Uit heel Noorwegen kreeg het Ivar Aasen Centrum hulp aangeboden. De gouden tip zat daar niet tussen. Vandaar dat het centrum besloot om bijstand op internet te zoeken. Iedereen kan de database van de website van het instituut (www.aasentunet.no) plukken om de code te kraken. Djupedal was een goede programmeur - zijn wachtwoord is niet de naam van zijn vrouw of zijn geboortejaar, zoals bij de meeste mensen gebruikelijk is.

Voor het juiste wachtwoord heeft het Ivar Aasen Centrum een hotelverblijf van één nacht over tijdens een jaarlijks cultuurfestival deze maand. Inbegrepen is een vliegticket naar Ørsta vanaf elke willekeurige luchthaven - maar alleen in Noorwegen. Het Djupedal-geheim zal dus nog wel even een mysterie blijven.

Meer over