Reportage

Wie in quarantaine zit, is overgeleverd aan de genade van de Chinese autoriteiten

null Beeld Leen Vervaeke
Beeld Leen Vervaeke

China heeft nog altijd een van de ­strengste quarantaineregimes te wereld. Dus ­voordat correspondent Leen ­Vervaeke mocht terugkeren naar China, moest ze drie weken wachten in een hotelkamer. Het werden 21 dagen die haar blik op het land voorgoed hebben veranderd.

Leen Vervaeke

De ultieme verdedigingswal – dag 1

De deur is achter me dichtgevallen, ik hoor het geruis van het witte pak van mijn begeleider langzaam wegsterven in de gang. Dit is het dan: ik sta in een hotelkamer van 4 bij 5 meter, met een bed, een kleerkast en een tafel met twee stoelen. Er staat verder nog een tv, waterkoker en telefoon. Kamer 316 van hotel Leadingmen in de Chinese stad Xi’an wordt de komende drie weken mijn leefwereld. Hier ga ik mijn quarantaine uitzitten, de toelatingsproef om China binnen te komen.

China heeft sinds de covidpandemie de strengste reisrestricties ter wereld, met beperkingen op visa en vluchten, strenge medische keuringen en wekenlange hotelquarantaines. Zelf heb ik na de uitbraak van het virus in Wuhan ruim een jaar vastgezeten in het land, maar deze zomer kon ik eindelijk mijn familie in België bezoeken. Dus moet ik de reisrestricties, waarover ik zo vaak schrijf, nu zelf ondergaan. Ik zie er tegenop: ik heb uitgebreide ervaring met thuisquarantaines, maar dit is van een andere orde, dit is de ultieme verdedigingswal van virusvrij China.

Ik bekijk mijn kamer en voel enige opluchting: quarantainehotels worden in China willekeurig toegewezen en de kwaliteit ervan wisselt sterk. Maar deze kamer oogt fatsoenlijk, met een nette laminaatvloer, moderne meubels en op de muur een geschilderde skyline van Xi’an – zo krijg ik toch nog iets mee van de stad waarin ik opgesloten zit. Ik zie meteen ook een minpunt: twee kleine ramen, die slechts op een kier opengaan en waardoor nauwelijks licht binnenkomt. De kamer baadt in somber halfduister.

Ik herinner mezelf aan mijn voornemen: ik ga hier het beste van maken. Mijn twee koffers pak ik uit – één vol eten, op advies van eerdere reizigers – en ik begin mijn tijdelijke biotoop in te richten. Mijn kampeerkoffiefilter naast de waterkoker, mijn yogamat naast het bed, mijn boeken op het nachtkastje. Ik zet mijn stappenteller op nul en begin aan mijn ochtendwandeling: zes stappen van de deur naar het raam, en weer terug. Zo, nog 21 dagen te gaan.

Zerocovidbeleid

Reizen naar China was ooit kinderspel: een visum of verblijfsvergunning regelen, elf uur vliegen, voor 600 euro heen en terug. Tot eind maart 2020, twee maanden na de uitbraak van de covidpandemie. In China was het coronavirus zo goed als onder controle, in de rest van de wereld rukte het op. De Chinese autoriteiten besloten een zerocovidbeleid in te voeren: elke nieuwe uitbraak met man en macht te lijf gaan en de grenzen op slot om import van het virus te voorkomen.

De voordelen van het zerocovidbeleid zijn duidelijk. In de eerste plaats: véél minder besmettingen, ziekenhuisopnamen en overlijdens. In China stierven volgens redelijk onderbouwde statistieken 4.636 mensen aan covid-19, afgezet naar bevolking is dat 330 keer minder dan in Nederland. De meesten stierven tijdens de eerste uitbraak in Wuhan. China kende strengere maar kortere lockdowns, keerde sneller terug naar de normaliteit en begon vroeger aan economisch herstel. Ouderen en kwetsbaren konden zonder angst onder de mensen blijven komen.

Maar het zerocovidbeleid en de gesloten grenzen hebben een prijs. In 2019 vlogen meer dan 74 miljoen reizigers van en naar China, sinds maart 2020 is dat teruggevallen tot minder dan 1 procent daarvan. Alleen mensen met een Chinees paspoort, een verblijfsvergunning of een nog slecht zelden afgegeven zakenvisum kunnen naar China reizen, maar toeristen niet.

Dat heeft ertoe geleid dat internationale studenten hun studies stopzetten, zakenlui hun bedrijven sloten en families van elkaar zijn gescheiden. President Xi Jinping is sinds covid niet één keer buiten China geweest. Dat heeft onvermijdelijk gevolgen voor China’s economie en internationale relaties.

null Beeld Leen Vervaeke
Beeld Leen Vervaeke

En de prijs wordt steeds hoger, want het zerocovidbeleid moet opboksen tegen de meer besmettelijke deltavariant. Terwijl de rest van wereld versoepelt, omdat steeds meer mensen zijn gevaccineerd, voert China de restricties nog op. Duurde de quarantaine aanvankelijk twee weken, nu is dat meestal drie weken, in sommige gevallen vier of vijf. Vluchten worden om het minste of geringste afgelast (mijn eigen terugvlucht werd zes weken uitgesteld), en regels aangescherpt. De muren van fort China worden steeds hoger.

Mijn drie weken quarantaine roepen tal van vragen op: waarom blijft de Chinese overheid vasthouden aan de strenge reisrestricties, terwijl andere zerocovidlanden (Singapore, Nieuw-Zeeland, Australië) voorzichtig de grenzen openen? Hoe ziet het grensbeleid er in de praktijk uit, en is dat wetenschappelijk te verantwoorden? Wat zijn de gevolgen voor de Chinese economie en politiek, en voor de internationale relaties? En vooral: vindt Beijing die gevolgen wel zo erg?

Wie overtreedt, wordt gestraft – dag 3

Verdomd, het is pas dag 3 van mijn quarantaine en ik word wakker met een gevoelloze onderarm. Een medisch probleem: dat is wel het laatste dat je wilt als je in afzondering zit. Ik had na mijn reisdag – elf uur vliegen, daarna zeven uur in wachtrijen en busjes voor transport naar het hotel – minder gevoel in mijn linkerhand. Ik hoopte dat het vanzelf zou overgaan, maar het tegendeel blijkt het geval. Wat nu? Ik kan hier niet even naar een dokter.

Ik bel mijn huisarts in België, die een ontstoken zenuw vermoedt en me aanraadt twee dagen ibuprofen te nemen. Helaas, ik heb een hele apotheek bij me, maar net geen Ibuprofen. Ik bel het epidemiepreventieteam van het hotel, maar die mogen geen ontstekingsremmers verstrekken omdat die de symptomen van covid zouden kunnen onderdrukken. Ik discussieer urenlang – ze mogen me iedere dag testen, bied ik aan – maar ze zijn onverbiddelijk: regels zijn regels, klinkt het telkens weer.

Regels zijn regels: ik zal het deze drie weken nog vaak horen. Want regels zijn er in overvloed. Het begint twee dagen voor vertrek, als je een waslijst aan documenten bij de Chinese ambassade moet inleveren om een ‘groene code’ te krijgen. Beijing eist niet alleen een PCR-test, maar ook een bloedtest (IgM) om antistoffen te meten. Reizigers moeten zelfs een document tekenen dat ze voor vertrek niet zonder mondmasker naar een restaurant zijn geweest, of in contact zijn geweest met iemand met koorts.

In quarantaine volgen meer regels: twee keer per dag je temperatuur meten, twee keer per week een PCR-test. Bagage wordt gedesinfecteerd, vuilnis wordt behalve gedesinfecteerd ook nog als medisch afval afgevoerd. Lakens en handdoeken worden niet ververst, kleding moet je op de kamer wassen. Drie keer per dag wordt de gang besproeid met ontsmettingsmiddel. In sommige hotels moeten reizigers tien minuten voor elk toiletbezoek een chloortablet in de pot gooien. Op WeChat, het Chinese WhatsApp, waar we met medereizigers groepjes hebben gevormd, vraagt iemand spottend: ‘Wat als je dringend moet?’

Drie dagen na het verbod op ibuprofen kom ik weer in aanvaring met de regels, dit keer over een supermarktbestelling. Het quarantainehotel verstrekt drie maaltijden per dag, maar de kwaliteit is belabberd. We mogen eten laten bezorgen, maar niet vers, warm of onverpakt. Dat laat nogal ruimte voor interpretatie: één hotelmedewerker houdt fruit tegen, een ander laat fruit door maar groenten niet, volgens een derde zijn groenten en fruit wel toegelaten, maar melk en yoghurt niet.

null Beeld Leen Vervaeke
Beeld Leen Vervaeke

‘Regels zijn regels’, zegt een hotelmedewerker, met wie ik in discussie ga over het besmettingsgevaar van een wortel, twee aardappelen en 250 gram champignons. Maar discussiëren heeft geen zin: ze is als de dood dat onder haar toezicht een uitbraak zou ontstaan. Vele partijfunctionarissen zijn om die reden ontslagen. ‘Wie dit naar je kamer brengt, is verantwoordelijk’, zegt ze. ‘En wie de regels overtreedt, wordt gestraft.’

Welkom neveneffect

Het zerocovidbeleid heeft zonder twijfel zijn verdiensten, maar de Chinese uitvoering is extreem, en veel regels lijken niet gebaseerd op wetenschappelijke argumenten. Twee wetenschappers uit Singapore en Hongkong, ervaringsdeskundigen in zerocovid, bevestigen: er is geen enkele wetenschappelijke reden om een quarantaine langer dan twee weken te laten duren, om besmettingen via bloedtesten op te sporen of om bagage of vuilnis te desinfecteren.

‘Een wetenschapper zegt nooit ‘nooit’, maar het gebeurt zelden dat iemand langer besmettelijk is dan tien dagen’, zegt Benjamin Cowling, een Britse epidemioloog die aan de Universiteit van Hongkong werkt. Hij zit net zelf in quarantaine in een hotel in Hongkong: dag 10 van de 21. Hij houdt het goed vol, maar vindt het lastig dat hij er niet kan zijn voor zijn gezin buiten, zelfs niet in noodsituaties. ‘Het ontsmetten van voorwerpen kan niet veel kwaad, maar ik betwijfel of het ook maar één infectie voorkomt.’

Cowling ziet geen wetenschappelijke basis voor de Chinese rigiditeit, maar hij snapt de reden. Een zerocovidbeleid bestaat is tweeledig. Eerst wordt het virus buitengehouden met quarantaines, daarna, als het virus toch binnenglipt, wordt meteen streng ingegrepen met lockdowns en massaal testen. ‘Die tweede fase is extreem duur, dus er is een voorkeur voor de eerste fase’, zegt Cowling. ‘Zelfs als je het risico een klein beetje verlaagt, kan dat de moeite waard zijn.’

Bovendien heeft een langere quarantaine een welkom neveneffect: het ontmoedigt mensen om naar China te komen, waardoor het risico op virusimport vanzelf minder wordt. Het aantal quarantainehotels is beperkt, en drie weken quarantaine in plaats van twee verlaagt de hotelcapaciteit met 50 procent. Een enkele vlucht plus drie weken quarantaine kost bovendien minstens 3.000 euro. ‘Het schrikt af’, zegt Cowling. ‘Als de quarantaine korter zou zijn, zouden meer mensen overwegen terug te komen.’

Maar langere quarantaines zijn niet onschuldig: isolement versterkt psychische problemen en ook fysiek zijn er risico’s. ‘De beperkte toegang tot medische zorg kan schadelijk zijn’, zegt Cowling. ‘Recentelijk was er in Hongkong een vrouw met een blindedarmontsteking die zo lang moest wachten om een dokter te mogen zien dat ze uiteindelijk een spoedoperatie moest ondergaan. En wat als ik hier een hartaanval krijg? Niemand zou iets merken tot ze aankloppen voor een test.’

null Beeld Leen Vervaeke
Beeld Leen Vervaeke

Los van de extremen kun je je afvragen of een zerocovidbeleid überhaupt zinvol is, nu de vaccinatiegraad steeds hoger wordt en de deltavariant zich moeilijk laat indammen. Veel landen die eerder een zerocovidstrategie voerden, zoals Singapore, Nieuw-Zeeland en Australië, laten de maatregelen nu voorzichtig los. Alleen China, inclusief Hongkong en Macau, houdt vast aan zerocovid als een langetermijnstrategie.

‘De meeste landen hebben erkend dat het virus niet weggaat’, zegt Dale Fischer, infectieziektespecialist van het National University Hospital in Singapore. Hij ging twee weken in hotelquarantaine in Australië, heeft het goed doorstaan, maar huivert ervoor het nog eens te doen. ‘Er komt een tijd dat de meeste mensen zijn gevaccineerd en dat je niet anders kan dan het virus te laten circuleren. Er is geen keuze: landen moeten de overgang maken. Maar de vraag is hoe je dat doet.’

Quarantainehacks – dag 9

Ik kan dit niet meer, ik krijg dit niet meer binnen. In het plastic bakje zit alweer dezelfde maaltijd: in vet druipende groenten, koude rijst en iets rubberachtigs dat voor vlees moet doorgaan. Ik moet kokhalzen van de weeë geur, en ik ben niet de enige: in de WeChat-groep (met vooral Chinese reizigers, op de vlucht zitten slechts dertien buitenlandse passagiers) wordt steen en been geklaagd over het eten, en over darmproblemen. Sommige reizigers bellen een lokale klachtenlijn. ‘Ik heb in mijn hele leven nog nooit zo’n slecht Chinees eten gegeten’, schrijft iemand.

Ik leef al een paar dagen op crackers en instantnoedels, maar ik heb een plan: ik heb een elektrisch kookpotje laten bezorgen en probeer nu ingrediënten te bemachtigen. Met de voor interpretatie vatbare bezorgregels kost dat wat moeite, maar als ik op dag 9 eindelijk groenten geleverd krijg, is mijn vreugde des te groter. Niet dat mijn eigen maaltijd zo fantastisch is, maar ik voel me in mijn waardigheid hersteld. Ik zit gevangen, maar ik heb een beetje controle over mijn leven heroverd.

Ik begin steeds meer plezier te vinden in zulke kleine quarantainehacks. Ik draai twee schroefjes los, zodat mijn raam iets verder open kan en ik buitenlucht kan voelen. Ik bestel pingpongbatjes, speel op een tafel tegen een muur. Ik bouw een stabureau met mijn nachtlamp daarop. Ik heb een ritme – sporten, werken, videobellen, netflixen – en vind steun bij mijn medereizigers op WeChat. We lachen samen frustraties weg en vieren kleine overwinningen.

null Beeld Leen Vervaeke
Beeld Leen Vervaeke

Hoewel de meeste reizigers de quarantaine met bewonderenswaardig optimisme benaderen, dragen velen pijnlijke verhalen mee. Sommigen hebben hun kinderen of partner meer dan een jaar niet gezien, anderen hebben de begrafenis van een ouder gemist. Een buitenlandse ondernemer die al zestien jaar in China woont, zegt dat haar grens is bereikt en dat ze komend jaar wil vertrekken. Terwijl ik in quarantaine zit, hoor ik van twee buitenlandse vrienden in Beijing dat ze een enkeltje naar hun land van herkomst hebben geboekt.

Zelfredzaamheid

Het is het meest zichtbare gevolg van de grensrestricties: steeds meer expats zeggen China vaarwel. Ze komen het land niet meer in of vinden de obstakels te hoog. Volgens peilingen van Europese en Amerikaanse handelsregisters is het aantal buitenlanders in anderhalf jaar met 30 procent gedaald. In een land dat zijn economische transformatie van de afgelopen veertig jaar voor een groot stuk aan buitenlandse investeringen en knowhow dankt, is dat een ingrijpende wending.

‘De sfeer is niet goed’, zegt Jörg Wuttke, voorzitter van de Europese Kamer van Koophandel in Beijing. Hij heeft China al anderhalf jaar niet verlaten, omdat hij de quarantaine niet aandurft met zijn kinderen. Er zijn gevallen bekend van kinderen die na een positieve test alleen in isolatie moesten. ‘Het is nog geen complete exodus, maar mensen vertrekken. Ik denk dat het aantal expats op de helft zit van 2019. Je voelt de wrevel in de expatgemeenschap, mensen worden prikkelbaar.’

Het lijkt Beijing weinig uit te maken, allicht omdat in de economische cijfers nog geen impact is te zien. De export groeide in de eerste negen maanden van 2021 met 22,7 procent, de buitenlandse investeringen met 19,6 procent. Bovendien was Beijing al voor covid bezig met een draai te maken naar zelfredzaamheid en versterking van de binnenlandse economie. De grensrestricties zijn niet om die reden ingevoerd, maar komen niet slecht uit: ze passen in het streven naar economische afscherming.

null Beeld Leen Vervaeke
Beeld Leen Vervaeke

‘Op korte termijn schaden de reisrestricties China niet, ze helpen zelfs’, zegt Donald Low, hoogleraar publiek beleid aan de Technische Universiteit van Hongkong. ‘Chinese toeristen kunnen niet meer naar het buitenland en stimuleren het binnenlands toerisme. Chinese investeerders krijgen hun geld moeilijker het land uit, en spenderen het in eigen land. Wereldwijd is er een enorme vraag naar elektronica en beschermingsmiddelen, precies wat China exporteert.’

Maar op lange termijn is het isolement mogelijk schadelijker. De Chinese economie begint nu al te haperen door politieke ingrepen in vastgoed- en techbedrijven en problemen met de energievoorziening. ‘Ik denk dat het isolement voor een deel hoogmoed is’, zegt Wuttke. ‘Het succes van de voorbije tijd heeft de indruk gegeven dat je buitenlandse bedrijven kunt runnen zonder buitenlanders. Natuurlijk kan dat enige tijd, maar de toekomst zou er heel anders uit kunnen zien.’

Zowel binnen als buiten China trekken sommigen parallellen met de Chinese geschiedenis, waar een zich inwaarts keren vaak het einde inluidde van een dynastie. ‘Iedere keer dat China het gevoel heeft dat het de rest van de wereld niet nodig heeft, gaat het mis’, zegt Low. ‘We gaan er altijd van uit dat China op lange termijn denkt en lessen trekt uit zijn geschiedenis, maar het lijkt erop dat die nu worden genegeerd. Of er zijn meer prangende overwegingen op korte termijn, zoals een derde termijn voor president Xi Jinping. Dat lijkt nu de prioriteit.’

Als een monnik in een grot – dag 16

Het einde is in zicht. Ik heb tickets geboekt voor mijn vervolgvlucht naar Beijing. Maar vreemd genoeg ben ik niet aan het aftellen. Ik lijk aan het isolement gewend geraakt: ik voel me als een monnik in een grot waar tijd alle betekenis heeft verloren. Een quarantaine heeft iets rustgevends: de buitenwereld meldt zich twee keer per dag voor een temperatuurmeting, maar lijkt verder niet meer te bestaan. Ik heb het gevoel dat ik dit nog weken kan volhouden.

Tot ineens een nieuwe uitbraak in China wordt gemeld, en het is niet te geloven: de bron zit in Xi’an. Meteen is de hele stad potentieel risicogebied. Mijn vlucht naar Beijing wordt afgelast, en een medereiziger krijgt te horen dat hij bij terugkeer in Beijing een extra week in thuisquarantaine moet. Dat hij in Xi’an in hotelquarantaine zit en dus onmogelijk met de covidgevallen in contact kan zijn gekomen, doet er niet toe.

Ik denk aan het verhaal van een 17-jarige Nederlander die onlangs ruim zeven weken vastzat omdat hij antistoffen van een eerdere besmetting in zijn bloed bleek te hebben. Wie in quarantaine zit, is overgeleverd aan de genade van de Chinese autoriteiten. Op overtredingen van het epidemiepreventiebeleid staan straffen die gaan van waarschuwingen en boetes tot jarenlange gevangenisstraf. Met andere woorden: wie de ene vorm van opsluiting weigert, riskeert gewoon een andere.

Mijn innerlijke monnik geeft er de brui aan, en ik voel lichte paniek. Wanneer ga ik ooit uit deze quarantaine raken? Wanneer kan ik weer aan mijn leven beginnen? Wat zit ik hier eigenlijk te doen? Ik begin te beseffen dat ik mijn familie en vrienden in België veel langer niet zal terugzien dan ik zou willen. Ik zie me mezelf niet meteen nog eens drie weken aan een hotelquarantaine onderwerpen, maar de Chinese rigiditeit lijkt evenmin snel te zullen verdwijnen.

Opkomend nationalisme

Hoe lang Beijing zijn zerocovidbeleid wil volhouden, weet niemand, maar Chinakenners schatten nog minstens een jaar. In Guangdong is net een quarantainecentrum met vijfduizend kamers gebouwd, wat niet de indruk geeft van een aflopend beleid. Maar vooral: in februari zijn er Olympische Winterspelen in Beijing en in het najaar van 2022 is er het vijfjaarlijkse partijcongres, waar Xi Jinping zijn derde termijn wil verzilveren. Die topevenementen moeten vlekkeloos verlopen.

Maar ook daarna is het verre van zeker of Beijing de grenzen opent. De Communistische Partij van China ontleent veel legitimiteit aan de succesvolle bestrijding van covid, en presenteert het als bewijs van de superioriteit van het Chinese systeem ten opzichte van liberale democratieën. Om het beleid af te dwingen, is de bevolking enorme angst aangejaagd voor het virus, wat versoepelingen moeilijk maakt. Ook is de werkzaamheid van de Chinese vaccins tegen de deltavariant niet helder.

‘De covidpreventie is zo’n handig instrument, het wordt heel lastig om dat op te geven’, zegt Odd Arne Westad, hoogleraar geschiedenis aan Yale en auteur van Restless Empire – China and the World Since 1750. Hij is sinds 2019 niet meer in China geweest, omwille van de quarantaine, zijn langste afwezigheid in veertig jaar. ‘China bevindt zich in een soort milde noodtoestand. Dat is een heel comfortabele positie. Ik denk dat ze dat zullen uitmelken zo lang ze maar kunnen.’

Het isolement past ook in een al langer opkomend nationalisme in China, dat door covid in een stroomversnelling is geraakt en steeds radicaler wordt. ‘Het is een soort isolationisme, ondersteund door xenofobie’, zegt Low. ‘Buitenlanders worden als dragers van ziekten gezien. In het slechtste geval promoten de Chinese autoriteiten die xenofobie actief, in het beste geval zijn ze medeplichtig door het niet tegen te gaan. Dat antibuitenlandersentiment past goed in hun narratief van superioriteit.’

Veel Chinakenners maken zich ernstig zorgen over het toenemende isolationisme, dat Beijing steeds meer afsluit voor tegenspraak. ‘China is steeds meer een echokamer aan het worden’, zegt Wuttke van de Europese Kamer van Koophandel. ‘Dat kan leiden tot een verlies aan realisme en begrip, tot verkeerde beslissingen. Dat is wat vaak gebeurt in gesloten samenlevingen.’ Low: ‘Het risico op misrekeningen neemt toe, het risico dat China te ver doorslaat in het naar binnen keren. Ik denk dat dat risico niet onaanzienlijk is.’

Ook Westad ziet een toegenomen potentieel voor misverstanden. ‘Mijn grootste vrees is dat er zich een of andere crisis in de regio zal voordoen. Er zijn er een hoop waaruit je kunt kiezen, maar degene die in toenemende mate mensen bezighoudt, is Taiwan. Door het gebrek aan contact en vertrouwen zou dat tot een veel grotere crisis kunnen leiden dan onder andere omstandigheden. Dat is een groot probleem.’

Het kantelpunt, denken de China-kenners, zal uiteindelijk de economie zijn. Als die te veel schade ondervindt van het isolement, zou er druk kunnen komen uit de zakenwereld of uit de partij. ‘De vraag is hoe ver het zal gaan voor er tegendruk komt’, zegt Westad. ‘En nog belangrijker: of de Chinese leiding er iets om zal geven, of dat ze hun greep op de macht belangrijker vinden dan wat er ook met de economie gebeurt. Dat is de hamvraag.’

‘Gewone burger’ – dag 1 (2)

Het is gelukt: ik ben terug in Beijing. Ruim drie maanden nadat ik er vertrok, ben ik eindelijk thuis. Ik ben in Xi’an door mannen in witte pakken op een hogesnelheidstrein gezet, in Beijing stap ik eruit als gewone burger. Mijn wijkcomité, dat over mijn eerste week na quarantaine gaat, laat niets van zich horen. Mijn QR-code is groen. Ik wandel door de straten van Beijing, ga met vrienden uit eten, laat mijn langzaam herstelde linkerarm masseren. Ik geniet van elk moment in de open lucht.

Ik ben weer vrij, maar zo voelt het niet helemaal. Bij een nieuwe uitbraak zijn in één week 133 besmettingen in China vastgesteld, waarvan 12 in Beijing. De stad gaat meteen in verhoogde staat van paraatheid. Een vriend vertelt hoe voor zijn neus een heel gebouw wordt afgesloten, omwille van een ‘verdacht geval’. Twee treinen van Shanghai naar Beijing worden halverwege tegengehouden omdat een contactpersoon van een geïnfecteerde zich aan boord bevindt. De 334 passagiers moeten ter plaatse een week in quarantaine.

Ik ben onrustig: straks word ik weer opgesloten omdat ik me op het verkeerde moment op de verkeerde plek bevind. Ik weet dat dit zal wennen, dat Beijing de nieuwe uitbraak snel onder controle krijgt en dat ik straks weer zonder nadenken codes scan en regels volg, me als individu onderwerpend aan het collectief. Maar de drie weken quarantaine hebben mijn blik veranderd: ik heb toegang gekregen tot de veilige bubbel, maar ik ken de prijs.

Meer over