Nieuws

Wetsvoorstel naar de Kamer: thuiswerker heeft recht om onbereikbaar te zijn

Wie thuis werkt, moet op gezette tijden ‘onbereikbaar’ kunnen zijn voor het werk. Daarover moeten werkgever en werknemer afspraken maken. Anders lopen werk en privé te veel door elkaar, dreigt de werknemer altijd ‘aan’ te staan voor het werk en ligt een burn-out op de loer.

Een vrouw werkt thuis vanwege coronapandemie. De coronacrisis toont eens te meer de noodzaak aan om onbereikbaarheid voor baas of collega's bij wet te regelen, vindt Kamerlid Gijs van Dijk.  Beeld Patricia Rehe / Hollandse Hoogte
Een vrouw werkt thuis vanwege coronapandemie. De coronacrisis toont eens te meer de noodzaak aan om onbereikbaarheid voor baas of collega's bij wet te regelen, vindt Kamerlid Gijs van Dijk.Beeld Patricia Rehe / Hollandse Hoogte

De PvdA wil het recht op onbereikbaarheid vastleggen in de wet. Vandaag dient Kamerlid Gijs van Dijk daarover een initiatiefwetsvoorstel in bij de Tweede Kamer. Hij heeft goede hoop op de steun van een meerderheid. Niet alleen de PvdA, maar ook GroenLinks en D66 hadden het recht op onbereikbaarheid in hun verkiezingsprogramma opgenomen.

De coronacrisis toont volgens Van Dijk eens te meer de noodzaak aan om ‘onbereikbaarheid’ te regelen. ‘Nederlanders hebben het afgelopen jaar veel thuis gewerkt. Ze hebben ’s nachts nog mail beantwoord omdat ze overdag hun kinderen moesten helpen met schoolwerk. De scheiding tussen werk en privé is steeds vager geworden. Na werktijd verdien je de kans om je hoofd even leeg te maken. Ik vind dat je werkgever dan niet kan verlangen dat je reageert op mail, telefoon of berichtjes. In Frankrijk staat dat al in de wet.’

Van Dijk wijst erop dat burn-out beroepsziekte nummer één is in Nederland. ‘Meer dan een miljoen werknemers ervaren stress of burn-outklachten. Veel mensen zitten hierdoor langdurig ziek thuis.’ Dat verzuim kostte in 2018 ruim 3 miljard euro. Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft uitgezocht dat werknemers en zelfstandigen die thuis werken vaker overwerken en langer doorwerken.

Daarom wil Van Dijk de verplichting in de wet opnemen dat werkgevers en werknemer afspraken maken over bereikbaarheid en onbereikbaarheid. Als daar geen verslag van is, kan de werkgever een waarschuwing krijgen van de Inspectie SZW. Verandert er dan nog niets, dan kan een boete volgen.

Gesprek al winst

De Raad van State, die altijd juridisch advies geeft voordat een wetsvoorstel naar het parlement wordt gestuurd, is kritisch over het voorstel. ‘Het is volgens het wetsvoorstel niet nodig dat het beoogde gesprek tot afspraken leidt.’ Volgens Van Dijk leidt zijn wetsvoorstel wel degelijk tot afspraken, maar is het al winst dat werkgever en werknemer het gesprek aangaan. ‘Omdat er op dit moment weinig afspraken worden gemaakt over bereikbaarheid buiten werktijd, leidt dit wetsvoorstel er naar verwachting toe dat er meer wordt gesproken over preventie van werkgerelateerde stress van en bovendien tot meer afspraken over bereikbaarheid buiten werktijd’, schrijft hij als antwoord.

De Raad van State hekelt ook de werktitel ‘Wet op het recht op onbereikbaarheid’. ‘Deze titel suggereert dat werknemers met deze wet een (sociaal) grondrecht verwerven, terwijl het voorstel daar niet in voorziet.’ Van Dijk heeft de wetstitel deemoedig gewijzigd in ‘Wetsvoorstel over het aangaan van een gesprek tussen werkgever en werknemers over bereikbaarheid buiten werktijd.’

Volgens de Arbeidstijdenwet heeft de werknemer na gedane arbeid al recht op rust. Zo volgt op een vijfdaagse werkweek minimaal 36 uur rust. Van Dijk wil zijn voorstel onderdeel maken van de Arbeidsomstandighedenwet, omdat die bedrijven de vrijheid geeft afspraken te maken die bij de manier van werken past, zoals dagwerk, nachtwerk, ploegendiensten, lokaal of juist internationaal werk met contacten in verschillende tijdszones.

Meer over