Westen moet beloften aan Rusland nakomen

Als oorzaak van het mislukken van de hervormingen in Rusland sinds 1989 wordt vaak het te hoge tempo genoemd. Volgens Jeffrey Sachs moet de verklaring worden gezocht in de geografische ligging, de politiek én de niet nagekomen beloften van het Westen....

DE ontwikkelingen in Rusland blijven ons verbazen. Tien jaar na de val van de Berlijnse Muur en acht jaar na het einde van de Sovjet-Unie heeft het land zijn weg in de wereld nog steeds niet gevonden. Er zijn weinig aanwijzingen dat de economie weer opkrabbelt na de crisis van vorig jaar. Corruptie is alomtegenwoordig.

De hele politiek hangt van crises aan elkaar, zonder dat je de indruk krijgt dat de Moskouse kopstukken ook maar enige band met de samenleving hebben. President Jeltsin is ziek en wispelturig. Ook op internationaal niveau is er geen enkele Rus die vertrouwingwekkende geluiden laat horen.

Sommigen wijten alle problemen aan het economische hervormingsbeleid dat de Russen na 1991 overnamen. De hervormingen zouden 'te snel' zijn gegaan; net als China had Rusland de weg der geleidelijkheid moeten volgen. Anderen geloven dat Moskou pas had moeten privatiseren nadat er, vooral op juridisch gebied, nieuwe instituties waren opgebouwd. Volgens deze opvatting moet de staat delen van de economie weer naar zich toetrekken. Dit zou namelijk de enige manier zijn om de stabiliteit te herstellen, en zonder stabiliteit geen economische groei.

Mijns inziens maken degenen die de problemen in Rusland aan het 'hoge tempo' van de economische hervormingen wijten, een grote fout. Mijn belangrijkste argument is dat er in feite maar heel weinig hervormingen hebben plaatsgevonden! Ik was economisch adviseur in Polen (1989-'91), Estland (1992), Slovenië (1991-'92) en Rusland (1992-'93). In deze landen (en in vele andere) heb ik de ontwikkelingen nauwlettend gevolgd. In grote lijnen gaf ik ze allemaal hetzelfde advies. In Estland, Polen en Slovenië ging het goed; in Rusland niet. De oorzaak van deze verschillen is niet dat de hervormingen in Rusland uitzonderlijk snel werden doorgevoerd. De verklaring moet daarentegen worden gezocht in de geografie, maatschappelijke omstandigheden en uiteraard in de politiek.

Hoewel commentatoren er in het algemeen geen aandacht aan besteden, is de geografische factor van wezenlijk belang. In de landen die het dichtst bij West-Europa liggen (Polen, Hongarije, Tsjechië, Slovakije, Kroatië, Slovenië en de Baltische landen) is de overgang naar het kapitalisme veel soepeler verlopen dan in de republieken van de voormalige Sovjet-Unie. Als een West-Europees bedrijf delen van een Oost-Europese firma wil overnemen, gaat het vrijwel altijd eerst op zoek in een buurland - bijvoorbeeld Polen - en niet in Oekraïne of Rusland. Dus hoe kleiner de afstand tot West-Europa, hoe meer investeerders uit die regio een land heeft aangetrokken.

Ook de groei van de export naar de EU bleek daarvan afhankelijk. Buitenlandse investeringen en toenemende export waren de belangrijkste motoren achter het economisch herstel in landen als Polen, Slovenië en Estland.

Ook structurele factoren waren van groot belang. Rusland is van oudsher afhankelijk van de uitvoer van olie en gas. In de jaren negentig bracht die veel minder geld op. Behalve door de forse daling van de Russische olieproductie, kwam dit ook door de lage brandstofprijzen op de wereldmarkt sinds 1986.

Daar kwam nog bij dat de Sovjet-Unie vóór 1989 haar verouderde technologie had kwijt gekund aan de communistische landen in Oost-Europa. Maar zodra Moskou zijn greep op die landen kwijt was, stapten zij over op de superieure techniek uit het Westen. Doordat Rusland zo geen geld meer had voor nieuwe investeringen in de technologische sector, leed het nog meer inkomensverlies.

Er waren ook andere oorzaken die uitsloten dat de Russen, net als de Chinezen, de staatsbedrijven geleidelijk aan zouden ontmantelen. Toen China in 1978 met de markthervorming begon, was het een agrarisch land: 70 procent van de bevolking woonde op het platteland; slechts 18 procent was werkzaam in staatsbedrijven. China hoefde daarom het probleem van de staatsondernemingen niet direct op te lossen. (Ook China heeft nog geen antwoord gevonden op de verliesgevende staatsbedrijven!)

In Rusland werkte in 1992 meer dan 90 procent van de bevolking in staatsbedrijven. Zoals ook in andere ex-communistische landen, waaronder Polen, moest de reorganisatie en privatisering van de staatsondernemingen daarom wel krachtdadig ter hand worden genomen. Zij konden zich de koers van China niet permitteren.

De derde en belangrijkste oorzaak van het Russische fiasco moet in de politiek worden gezocht. De Sovjet-Unie bracht een even corrupt als immoreel politiek stelsel voort, dat tot op de dag van vandaag bestaat. De leden van de vroegere nomenklatoera zijn de politieke leiders van vandaag. Ten tijde van de Sovjet-Unie werden alle restanten van de civil society, zoals beroepsverenigingen, religieuze gemeenschappen, liefdadigheidsinstellingen en onafhankelijke media, onderdrukt of om zeep gebracht. Dit soort organisaties zou normaliter de wijd verbreide corruptie bij de overheid hebben bestreden.

De politieke crisis in Rusland heeft ook een internationale dimensie. De bereidheid van het Westen om Polen te helpen was veel groter dan die tegenover Rusland. Een deel van de Poolse staatsschuld werd kwijtgescholden; Rusland moet de hele schuld afbetalen. Toen de zloty onderuit dreigde te gaan, greep het Westen snel in; de roebel werd niet gesteund.

Alles bij elkaar heeft het Westen nooit erg zijn best gedaan Rusland te helpen. Dit kan een kwestie geweest zijn van strategie of domweg van onwetendheid. Maar zeker is dat het gebrek aan westerse hulp in de juiste vorm en op het juiste moment de kansen op economisch herstel in Rusland aanzienlijk heeft verminderd.

Na tien jaar kunnen we stellen dat behalve Polen ook diverse andere Oost- en Midden-Europese landen de hervormingen op een eerlijke en doelmatige wijze hebben doorgevoerd. Dankzij hun gunstige geografische ligging wisten zij omvangrijke investeringen uit West-Europa binnen te halen. Polen kreeg, samen met een paar andere landen, hulp van het Westen toen het dat nodig had.

Rusland daarentegen heeft gefaald bij het hervormingsbeleid en zakt steeds dieper weg in corruptie en verval. Het kreeg weinig hulp van het Westen. De toestand in Rusland blijft dan ook instabiel, met alle gevaren van dien. De enige oplossing voor deze hachelijke situatie is dat er in Rusland eerlijke en democratische leiders aan de macht komen, en dat het Westen zijn beloften om Rusland te helpen werkelijk gestand doet.

Meer over